'Draai' van Cohen brengt nieuwe missie naderbij

Het kabinet viel: de PvdA wilde geen verlenging van de Uruzgan-missie. Een politietrainingsmissie moet kunnen, vindt Cohen nu.

Zonder veel ophef te veroorzaken heeft Job Cohen dezer dagen de scherpe kantjes afgehaald van een van de gevoeligste politieke kwesties in Den Haag. Tweeënhalve maand na de val van het kabinet-Balkenende IV over ‘Uruzgan’ heeft de nieuwe leider van de PvdA duidelijk gemaakt dat met zijn partij wel degelijk valt te praten over een volgende missie in Afghanistan.

Daarmee heeft Cohen niet alleen de kans vergroot dat Nederland na het vertrek van de Task Force Uruzgan alsnog een nieuwe rol krijgt in de operatie van de NAVO in Afghanistan. Hij heeft er ook een obstakel mee weggenomen voor deelname van zijn partij aan een nieuw kabinet, na de Tweede Kamerverkiezingen van 9 juni.

De bitterheid tussen PvdA en CDA was groot, na de val van het kabinet op 19 februari. De sociaal-democraten wilden vasthouden aan de belofte aan de kiezer dat eind dit jaar alle Nederlandse troepen weg zouden zijn uit de provincie Uruzgan. Het CDA had willen zoeken naar een mogelijkheid om tegemoet te komen aan het verzoek van de NAVO om de missie in afgeslankte vorm nog een jaar voor te zetten. Ze werden het ook na maanden van koortsachtig overleg niet eens.

Minister van Defensie Van Middelkoop (CU) was te elfder ure nog met een alternatief gekomen: een trainingsmissie. Maar toen was de val van het kabinet al niet meer te stoppen. De verwijten vlogen in de weken daarna over en weer.

Nu heeft Cohen een stap gezet waarmee hij de ergste kou uit de lucht haalt. Een nieuwe missie is voor de PvdA bespreekbaar – „als maar volstrekt duidelijk is dat het geen nieuwe militaire missie wordt”, aldus Cohen in een interview met het KRO-programma Oog in Oog, dat morgen uitgezonden wordt. De omroep maakte deze uitspraak echter donderdag al bekend.

Het zou een missie moeten worden voor de opleiding van Afghaanse politieagenten. Vorige week verzocht een meerderheid van de Tweede Kamer het demissionaire kabinet om de mogelijkheden van zo’n missie te onderzoeken en er eventueel voorstellen voor te doen. Maar de PvdA hoorde toen, samen met de SP, de PVV en de Partij voor de Dieren, tot de minderheid die tegen stemde. Volgens PvdA-Kamerlid Van Dam was zijn partij tegen de motie, die was ingediend door GroenLinks en D66, omdat de tekst weliswaar sprak van een politiemissie, maar ruimte bood voor een nieuwe, grote militaire missie.

Maar een politiemissie zonder militairen in Afghanistan is niet goed denkbaar. Andere NAVO-landen voelen er niets voor om de Nederlandse politietrainers te gaan beschermen. En dat bescherming nodig is, betwijfelt niemand.

Cohen houdt nu weliswaar vast aan het bezwaar tegen een nieuwe militaire missie. Maar hij vindt een pragmatische uitweg uit de ingenomen stelling door te erkennen dat een politiemissie niet zonder een aanzienlijke militaire bijdrage kan. De Nederlandse trainers van Afghaanse agenten mogen wat Cohen betreft dus best door Nederlandse militairen, bijvoorbeeld zo’n 250 man, begeleid en beschermd worden.

De behoefte aan politietrainers in Afghanistan is groot, dus Nederland zou met zo’n missie zeker in een behoefte voorzien. En een groot deel van de Tweede Kamer ziet er een mogelijkheid in om toch nog iets in Afghanistan te doen.

Vooral binnen CDA en VVD was het een schrikbeeld dat Nederland binnen de NAVO te boek zou komen te staan als land dat bij de grootste militaire operatie uit de geschiedenis van het bondgenootschap wegloopt terwijl de anderen door vechten. Juist nu Nederland de afgelopen jaren met de missie in Uruzgan zo’n goede naam als bondgenoot heeft opgebouwd.

CDA heeft, toen de uitspraken van Cohen bekend werden, tevreden vastgesteld dat bij de PvdA sprake is van „voortschrijdend inzicht”. De VVD spreekt van een „draai”, maar juicht die toe. Ook GroenLinks en D66 zijn blij.

De SP hekelt het „gedraai” van de sociaal-democraten. En PvdA-Kamerlid Van Dam houdt vol dat het standpunt van Cohen „precies hetzelfde” is als de positie die de fractie vorige week innam.

Of het nu een draai genoemd kan worden of niet, voorlopig heeft het binnen de partij de discussie niet doen oplaaien. Wel hebben de woorden van Cohen in Den Haag nieuwe politieke ruimte geschapen.

Bovendien kwam het moment van het nieuws, rond Koninginnedag, de PvdA waarschijnlijk goed uit. Wie was er op dat moment in de stemming om de Uruzgan-discussie van februari weer aan te zwengelen? Het televisiefragment van Oog in Oog werd door de KRO bekend gemaakt, op de avond voor Koninginnedag. Het fragment figureerde ’s avonds als een bescheiden item in het NOS-journaal. En de volgende dag was het een al even bescheiden berichtje in de kranten.