Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politiek

Monument voor boer, burger en Europeaan

In september 2008 werd in het Oost-Groningse Blauwestad een standbeeld opgericht voor Sicco Mansholt (1908-1995). Dat was laat, want geen Nederlander heeft grotere invloed gehad op de loop van de naoorlogse Europese geschiedenis. De locatie is goed gekozen, want niet alleen werd de politicus daar in de buurt geboren, het project Blauwestad, dat onder luid gekrakeel landbouwgrond een nieuwe bestemming gaf, past precies in zijn uiteindelijke visie.

Een nuttiger monument voor Mansholt is de gisteren uitgezonden documentaire Overstag (HUMAN/NPS) van Louis van Gasteren en zijn partner Joke Meerman. De vorm is die van een uit graniet gehouwen constructie, die ondubbelzinnige en gewichtige blokken op elkaar stapelt. Dat is de stijl van Van Gasteren (87), de grand old man van de Nederlandse documentaire. Hij was bevriend met Mansholt – ze hadden beiden in de jaren zeventig een tweede woning in Sardinië – en filmde hem al uitgebreid in de periode dat hij als Europees landbouwcommissaris het plan-Mansholt verdedigde tegenover woedende boeren en conservatieve politici.

Aan de hand van schitterend beeldmateriaal, ook uit de familiearchieven, en gesprekken met beeldbepalende politici (Van Mierlo, Vredeling, Van Miert, Pronk, Veerman, Bot, Kohnstamm) reconstrueert Overstag een opzienbarende politieke tournure.

Direct na de Tweede Wereldoorlog werd verzetsman, hereboer en waarnemend burgemeester van Wieringermeer Mansholt (SDAP/PvdA) benoemd tot minister van Landbouw. Hij zou die functie dertien jaar onafgebroken bekleden, todat hij in 1958 in de eerste Europese Commissie terechtkwam. Hij werd daar de architect van het in Nederland al succesvolle gemeenschappelijke landbouwbeleid, een pact tussen industrie en boeren: lage prijzen en lage lonen, in ruil voor overheidssubsidie. Het was een patent recept gebleken voor wederopbouw van het verwoeste Europa, met een gegarandeerde onafhankelijke voedselvoorziening. Bovendien vormde de Europese landbouwpolitiek de basis onder verdere politieke en economische eenwording.

Maar in de loop van de jaren zestig ontdekte Mansholt ook als eerste dat het te hard was gegaan met de melkplassen en boterbergen, dat de boeren verleid waren tot te grote investeringen en dat de productie drastisch naar beneden moest. Mansholt omarmde de ideeën van de Club van Rome over „grenzen aan de groei”, werd door andere Europese politici voor hippie uitgemaakt en de gesubsidieerde boeren konden zijn bloed wel drinken. Bijna veertig jaar na zijn vertrek uit Brussel is de tijd rijp voor duurzaam idealisme.