Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Geopolitiek

Hulplijn Hoge Raad

Als civiele rechtspraak een commerciële activiteit was, dan konden de rechters zich in de handen wrijven. De omzetten stijgen, de vraag neemt toe: tot 2004 jaarlijks met 5 procent, sindsdien is de toename wat trager. Maar de economische crisis belooft verdere groei.

De keerzijde is dat de doorlooptijden, de ‘werkvoorraden’ en dus ook de kosten toenemen. Terwijl snelheid al nooit een kenmerk van rechtspraak was. Sterker, de rechtsocioloog Freek Bruinsma noemt in de recente heruitgave van zijn boek De Hoge Raad van onderen rechtspraak een „moeras waar je per instantie dieper in wegzakt”.

Demissionair minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) heeft nu een wetsvoorstel voor advies naar de Raad van State gestuurd dat de efficiency van de civiele rechtspraak moet verhogen. Lagere rechters krijgen de kans de Hoge Raad juridische voorvragen te stellen en het antwoord direct toe te passen in hun eigen zaken. Weliswaar ligt die zaak dan even stil, maar directe duiding door de Hoge Raad over een regel, begrip of termijn kan hoger beroep overbodig maken. En bovendien hebben álle lagere rechters met gelijke kwesties op de rol er baat bij. Het systeem is bekend van het Europese Hof in Luxemburg dat desgevraagd de betekenis van EU-regels bindend uitlegt aan lidstaten.

Deze direct hulplijn met de Hoge Raad kan ook worden gezien als een inbreuk op de onafhankelijkheid van de rechters. Die verliezen immers speelruimte: de mogelijkheid om nieuw recht zelf te ‘vinden’ en zo de ontwikkeling ervan te beïnvloeden. De regierol van de hoogste rechter wordt versterkt, maar die wordt ook beroofd van een bron: de vonnissen van lagere rechters die elkaar gemotiveerd tegenspraken.

Of moet hier het belang van de burger het winnen, die in gelijke gevallen gelijk wil worden behandeld? En vooral ook tijdig. De massaclaims in de effectenleasezaak tegen Dexia lieten zien dat de rechtspraak ook dramatisch kan falen. Er ontstond een kluwen van procedures en rechtsvragen waarover diverse soorten rechtscolleges elkaar tegenspraken. De hoogste rechter was pas in een (te) laat stadium aan de beurt. Liever coördinatie dan rechtsvinding op negentien plekken tegelijk, was de terechte conclusie.

Hirsch Ballin heeft zijn voorstel nu uitgebreid van massaclaimzaken naar álle civiele zaken. En daarmee treedt de Hoge Raad nog verder op de voorgrond. Dat college wilde zich toch al concentreren op de echt principiële zaken en worden verlost van de toevloed aan gewoon correctiewerk: nakijken of de hoven wel begrijpelijke arresten schreven.

Deze gewenste ‘selectie aan de poort’ betekent tevens minder directe toegang voor de burger. Dus minder rechtsbescherming. In de praktijk gaat de rechtspraak zo stilletjes van drie naar twee instanties. De Hoge Raad wordt meebeslisser op het laagste niveau. En hoogste instantie voor de ‘happy few’ kwesties die hij zelf selecteert. Onlogisch is het allemaal niet. Maar zou de burger het ook willen?