Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Media

Ambitieus toernooi nog geen kijkcijferhit

De Euro Hockey League is voor de spelers een groot succes. In Nederland trekt het toernooi veel fans en het is live op tv. Maar veel levert het nog niet op. „Ik zie nog geen brede volksbeweging voor de EHL ontstaan.”

De voorzitter van hockeyclub Rotterdam kan zich in elk geval in de handen wrijven. Ruim 3.500 kijkers, voor de tweede keer in het weekeinde. Als het aan Dick van Yperen ligt wordt elke ronde van de Euro Hockey League (EHL) in Rotterdam gehouden. „Als je het organiseert is de EHL financieel aantrekkelijk. De andere clubs kost het alleen maar geld.”

De voorzitter van ’s lands grootste hockeyclub wil vooral realistisch blijven: het blijft hockey – geen voetbal. Niet dat hij niet geniet van het hockeyfeest dat spelers en supporters vieren in het stadion van HC Rotterdam, zeker als via een 5-3 zege op het Spaanse Terrassa de halve finale wordt bereikt. „Maar de financiën blijven een zorgenkindje.”

Voor het derde achtereenvolgende jaar was HC Rotterdam een lang weekeinde gastheer van één van de vier speelronden van de EHL, die drie jaar geleden ambitieus werd opgezet ter vervanging van de nogal saaie Europa Cups I en II. Spektakel, vernieuwing en livebeelden waren de ingrediënten waarmee de Europese Hockeyfederatie (EHF) en marketingbureau Pro Sport de sport aan de man wilden brengen.

Aan het eind van het derde jaar zijn in elk geval de spelers laaiend enthousiast. „Deze ambiance is veel mooier dan tijdens het WK in New Delhi”, zegt international Jeroen Hertzberger, aanvaller van Rotterdam. „Dat zegt al genoeg over de EHL.” Ook teamgenoot Mark Knowles, in 2004 olympisch kampioen met Australië, is lyrisch. „Zo’n weekend als dit is ongelooflijk in het hockey. Het is een voorrecht mee te mogen doen. Ik wilde dat we dit hadden in Australië.”

Maar dat optimisme geldt nog niet in alle geledingen van de EHL, die wordt uitgesmeerd over het hele seizoen. Liefst 24 Europese clubs beginnen het toernooi in oktober met twee voorrondes, maar de strijdt barst pas los nadat verenigingen als Olimpia Kolos Sekvoia (Oekraïne), Pocztowiec Poznan (Polen) of Dinamo Elektrostal (Rusland) zijn geëlimineerd. Hoewel ware monsterscores niet veel meer voorkomen, doen zich ook weinig verrassingen voor.

Verbreding van het hockey in Europa is één van de doelstellingen, zegt Jan Verboom, manager operations bij Pro Sport en verantwoordelijk voor de organisatie van de EHL. „De sport is in ontwikkeling. De EHL is een mooi concept, maar het is een project voor de lange termijn. Dit moet groeien.”

Hij wijst op het enthousiasme waarmee het Franse hockey de EHL omarmt, en op de opkomst van de Belgische en Ierse clubs. „In Frankrijk mocht een speler van St. Germain van de bondscoach niet in de EHL spelen. Dat hebben ze gewoon genegeerd, ze willen per se meedoen. In Frankrijk is de EHL echt gaan leven.”

Verboom ziet meer lichtpuntjes. De EHL groeit op internet, somt hij op, dankzij Facebook, Twitter en vooral de livestreams – gisteren keken zo’n 13.000 webbezoeker naar de duels in Rotterdam. Toch erkent hij dat nog lang niet alle doelstellingen zijn bereikt. Geld verdienen is er nog niet bij, zegt Verboom. „Met Pro Sport draaien we nu budgetneutraal, maar we willen onderzoeken hoe we winst kunnen maken. Hockey is geen grote publiekstrekker. Maar het is wel een heel interessante doelgroep, de hoge en middenklasse, met veel beslissers, mensen in managementfuncties, gezinnen.”

De EHL-wedstrijden zijn via tal van televisiezenders te volgen, van Nederland (Net 5) tot India, Hongarije of Australië. Maar in Nederland – met de grootste achterban – loopt het niet storm met tv-kijkers. Naar het duel tussen Amsterdam en East Grinstead keken vrijdag 15.000 mensen. Verboom begrijpt waarom. „In Nederland is de omgeving waarin de EHL op tv wordt uitgezonden niet ideaal. Je kunt je afvragen of Net 5 de juiste zender is voor sportuitzendingen, zeker clubhockey. Bij Net 5 denk je eerder aan Desperate Housewives. Je moet wel een heel fervente fan zijn wil je op Net 5 naar Amsterdam-East Grinstead kijken.”

De chef sport van SBS6, Lex Muller, wilde gisteren niets zeggen over de EHL. Het contract met Net 5 loopt dit jaar af. Verboom is al op zoek naar een nieuwe geïnteresseerde, zoals de NOS. „Wij willen het liefst in een weekenduitzending bij de NOS terechtkomen in een rijtje met andere sporten. Daar zijn we over aan het praten. Maar je moet realistisch zijn: het is niet makkelijk om Europees clubhockey live op Nederland 1 te krijgen. Samenvattingen zijn realistischer dan live-uitzendingen.”

Ondanks het spektakel op de velden blijft Europees clubhockey een zwakke businesscase. Tv-rechten leveren weinig op en van betalende toeschouwers moeten de clubs het niet hebben, zegt Van Yperen. „Je moet het hebben van de hockeyers zelf. Er zijn weinig mensen die niets met HC Rotterdam hebben en toch komen kijken, zoals bij Ajax.”

En buiten Rotterdam – buiten Nederland – trekt het hockey nauwelijks toeschouwers. Rotterdam heeft zelf al meer dan 2.400 leden, waardoor de tribunes altijd goed bezet zijn. Maar hockeylanden als Spanje of Duitsland kunnen daar niet aan tippen, zegt Van Yperen. „In Duitsland komt helemaal niemand kijken. Bijna alleen maar moeders van de spelers. Ik zie geen brede volksbeweging ontstaan voor de EHL, nee.”

Hij is bezorgd dat de EHL voor de clubs te duur wordt. Die krijgen weliswaar een onkostenvergoeding, maar veel is dat niet. Van Yperen: „De EHL is armlastig. Ze maken vrij veel kosten, nodigen een heleboel officials uit, hebben een aantal mensen die fulltime bezig zijn met de EHL. Dat verdienen ze onvoldoende terug aan sponsoring en tv-rechten.”

Toch heeft hoofdsponsor ABN Amro geen reden tot klagen, zegt Ernst Boekhorst, hoofd sponsoring. „Het is een waanzinnig evenement waar nog groei in zit. De televisie pakt het op, al kun je een kritische noot plaatsen bij de kijkcijfers. Maar televisie was niet primair ons doel, al vormen de mensen die kijken wel onze doelgroep. En wij horen graag bij een concept dat zo ambitieus en innovatief is.” Hij zou wel graag een tweede grote EHL-sponsor zien. „We moeten vaak nu de kar trekken, met Pro Sport.” Toch heeft de bank de overeenkomst met de EHL in elk geval met een jaar verlengd.

Ook Verboom wil het toernooi de tijd geven. „Het is echt een project voor de lange termijn. We praten over tien jaar. Dat blijven we de komende jaren dus doen.”

Ondertussen zal Rotterdam zich kandidaat blijven stellen. „Laat ze maar komen”, zegt Van Yperen. Hoeveel de club eraan verdient zegt hij niet, uit concurrentieoverwegingen. Wel houdt Rotterdam in een weekendje EHL rekening met de consumptie van 8.000 liter bier, 1.200 flessen wijn en 18.000 broodjes. Maar hij ziet vooral een sportieve reden om door te gaan met de EHL. „Die internationale uitwisseling geeft de sport een beetje allure.”

Dat vindt ook Mark Knowles. „Australië heeft minder toeschouwers dan Rotterdam in de EHL. Wij doen echt het hele jaar ons best in elk geval derde te worden in de hoofdklasse. Daarmee speel je EHL.” Hij roemt de professionele opzet en de innovaties, die vrijwel allemaal worden overgenomen in het internationale hockey, zoals de self pass bij spelhervattingen. „Dat is de beste uitvinding sinds de afschaffing van buitenspel. Maar ook het gebruik van de videoscheidsrechter, de challenges waarmee je beslissingen kunt aanvechten. Heel goed voor het hockey. De EHL blijkt een ideale proeftuin.”