Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Religie

De lezer schrijft over te veel aandacht voor r.k.-misbruik

Ik ben al jaren lezer van NRC Handelsblad. Gewoonlijk kan ik uw gevarieerde berichtgeving en opinies waarderen. Maar dat laat de laatste weken wat te wensen over. Kritiek op de Katholieke Kerk en de paus is al enkele weken voorpaginanieuws.

In het redactioneel commentaar van 25 maart met de kop ‘Hardhorende paus’ las ik onder meer: „Het net rond niemand minder dan paus Benedictus XVI sluit zich.” En even verderop: „We kunnen ervan uitgaan dat het schandaal binnen de Kerk nog niet ten einde is.” Ik voel mij hierdoor als katholiek pijnlijk gekwetst. Wat wil uw krant bereiken met deze aanhoudende eenzijdige berichtgeving? Het gaat voornamelijk over zaken van veertig tot zestig jaar geleden.

Kindermisbruik werd toen wat anders aangepakt dan nu. Kindermisbruik werd en wordt te veel in de doofpot gehouden. Omdat het merendeel juist plaatsvindt in een beschermde omgeving als het gezin en de familie. Maar waarom dan wel een klopjacht op de Kerk en niet ook op de families, sportverenigingen, jeugdkampen?

Tegelijkertijd verbaast het mij dat dit onderwerp uw dagelijkse aandacht heeft, terwijl diverse andere zaken die spelen veel belangrijker zijn, van veel meer nationaal belang zijn dan het verjaren van kindermisbruik in de Kerk, en veel minder monotoon. Ons land bevindt zich niet alleen in een economische, maar ook in een bestuurlijke en parlementaire crisis. Maar daarover vind ik in uw krant maar bedroevend weinig. Over ‘in de doofpot stoppen’ gesproken.

P.M.J.H. Stienen

Amsterdam

De krant antwoordt

Voert de krant een ‘hetze’ tegen de Katholieke Kerk, zoals sommige lezers ons verontwaardigd schrijven? Aanleiding is onze berichtgeving over het seksueel misbruik dat zich in de jaren zestig en zeventig heeft voorgedaan in instituten van die kerk, een primeur van deze krant die grote landelijke aandacht voor dit probleem heeft ontketend.

Is dat een hetze? Nee, het is nieuws van landelijk belang, waar wij met de grootst mogelijke zorgvuldigheid mee omgaan. Onze redacteur Joep Dohmen en anderen doen hun uiterste best getuigenissen van misbruik zo secuur mogelijk na te gaan en commentaar te vragen van de betrokken kerkelijke instanties. De berichtgeving heeft inmiddels geleid tot een onderzoek onder leiding van oud-burgemeester Wim Deetman.

In onze artikelen proberen wij zo breed mogelijk de context te schetsen waarin het misbruik zich heeft afgespeeld – de gesloten wereld van internaten in de jaren zestig en zeventig – en zoveel mogelijk achtergrondinformatie te geven. Zo schreef onze redacteur Dirk Vlasblom een verhelderend stuk in de wetenschapsbijlage waarin bekende gevallen van misbruik onder rooms-katholieke geestelijken worden vergeleken met die in andere groepen. Daaruit bleek dat dit percentage onder het landelijk gemiddelde ligt.

Waarom dan toch zoveel aandacht voor deze vorm van misbruik? Het gaat hier om een instituut waar niet alleen vele miljoenen gelovigen emotioneel in hebben geïnvesteerd, maar dat ook een aanzienlijke concentratie van macht en kapitaal vertegenwoordigt. Zo’n instituut dient door een krant kritisch te worden gevolgd, zoals dat ook geldt voor de rechtsstaat, het politieapparaat, de bankwereld en het onderwijs. Zeker wanneer blijkt dat op kerkelijke instituten jonge kinderen zijn misbruikt die aan hun zorgen waren toevertrouwd, in een hiërarchische en gesloten omgeving.

NRC Handelsblad heeft een liberale en seculiere signatuur, dat is waar. Wij geloven in de kracht van de rede en staan kritisch tegenover collectiviteiten, zeker wanneer die met macht zijn bekleed. Maar dat betekent niet dat wij per definitie afwijzend staan tegenover godsdiensten. Ook in onze krant is de aandacht toegenomen voor wat met een vage term ‘zingeving’ wordt genoemd: zie de stukken over filosofische en religieuze onderwerpen op de opiniepagina of in de boekenbijlage. Overigens komen de andere onderwerpen die de lezer aanhaalt ook uitvoerig aan bod in de krant. Zie het speciale katern dat wij deze week brachten over de ingrijpende bezuinigingsvoorstellen van ambtelijke werkgroepen aan het kabinet.