Bezuinigingsbingo

Tientallen miljarden aan bezuinigingen bevatten de gisteren verschenen twintig rapporten van ambtelijke werkgroepen. Politici moeten nu kiezen. Burgers ook, straks op 9 juni. Een ding is zeker: zij moeten betalen.

Illustratie Bas van der Schot
Illustratie Bas van der Schot Schot, Bas van der

Vrijwel geruisloos werden ze gistermiddag op Haagse departementen rondgereden, karretjes met dozen vol ideeën van twintig ambtelijke werkgroepen die een half jaar lang tientallen miljarden aan besparingen onderzochten. Geen officiële overhandiging, geen toespraken, geen interviews, persconferenties of andere poespas. Om 12.00 uur werd op het ministerie van Financiën zachtjes op de verzendknop gedrukt waarmee alles op de website verscheen. Een demissionair kabinet vindt het ongepast om de uitkomst van een revolutionaire hervormingsstudie uit te venten.

Hoe groot is het contrast met de start van het onderzoek. De ‘brede heroverwegingen’ waren vorig jaar Prinsjesdag the talk of the town. Op het Binnenhof galmde de boodschap nog wekenlang na: verhoging van de AOW-leeftijd was slechts het begin, nog zeker zeven van zulke ingrepen zouden nodig zijn om de overheid erbovenop te helpen. Discussies volgden over het democratisch tekort: waarom worden hervormingen overgelaten aan ambtenaren? En over het gebrek aan daadkracht van een moeizaam opererend kabinet.

Het is kritiek die niet meer ter zake doet. Het kabinet is gevallen, de werkgroepen leverden gistermiddag vervroegd de bouwstenen aan voor de hervormingen die na de verkiezingen moeten worden doorgevoerd – varianten en scenario’s om de groeipotentie van de Nederlandse economie te versterken en tegelijk ten minste 20 procent per deelterrein te bezuinigen. Het resultaat is een saneringsbijbel met tientallen miljarden aan hervormingen, een dankbare grabbelton voor politici op verkiezingstournee en aan de formatietafel.

Want dat er hard ingegrepen moet worden, staat niet ter discussie. De crisis sloeg een groot gat in de begroting dat niet vanzelf dichtgroeit. Het Centraal Planbureau schatte het duurzame begrotingstekort onlangs op 29 miljard euro per jaar. De studiegroep Begrotingsruimte – de invloedrijke ambtenarenclub die over de financiële ruimte van een nieuw kabinet adviseert – stelde gisteren dat de komende kabinetsperiode het jaarlijkse saldo van inkomsten en uitgaven met 15 tot 18 miljard euro per jaar moet verbeteren. En dan wordt er al van uitgegaan dat het eigen risico bij de zorgpolis stijgt van 165 naar 775 euro.

De vraag is dan ook niet of er gesaneerd wordt, maar hoe. Het CDA kondigde aan 18 miljard euro te willen ombuigen tegen 12 miljard door GroenLinks of 10 miljard door de SP. De miljardenverschillen lijken nuanceverschillen: het is allemáál ingrijpend.

Het naslagwerk van saneringen dwingt partijen nu kleur te bekennen. GroenLinks deed dat al op eigen initiatief in zijn verkiezingsprogramma door vrij gedetailleerd hervormingen voor te stellen die ook bij de eigen achterban pijn zullen doen. Maar voor de christen-democraten wacht meer werk. Het verkiezingsprogramma van het CDA, dat deze week uitkwam, bevatte hierover nog geen concrete keuzes. Grote vraag is hoe de partij onder leiding van Jan Peter Balkenende de aangekondigde miljardenbezuinigingen wil invullen.

In dat opzicht lezen de ambtelijke rapporten als een uitgebreid keuzemenu. Politici kunnen op vele manieren winkelen in een politiek neutraal document om hervormingen te beargumenteren en om sommen te maken. De FNV sprak laatdunkend van „een uitdragerij”.

In een eerste reactie benadrukten politici gisteren veelal wat er allemaal onaanvaardbaar zou zijn. D66-leider Alexander Pechtold, die graag dweept met de hervormingsgezindheid van zijn partij, draaide het om. Volgens hem bewijzen de rapporten dat geen partij zich kan verschuilen, en bewijzen ze het ongelijk van partijen die beweren dat de woningmarkt buiten schot zou kunnen blijven.

Eén werkgroep zal zonder veel problemen in de armen worden gesloten. De ideeën van de werkgroep Openbaar bestuur richten zich op sanering bij lagere overheden. Wie wil er momenteel niet bezuinigen op het aantal provincies, op de waterschappen en de ambtenaren? In variant A van werkgroep 18 wordt een bestuurlijke laag in zijn geheel weggesneden. De taken van provincies en waterschappen gaan naar Rijk en gemeenten. Het aantal gemeenten daalt van 430 naar 25 à 30. Het aantal politici slinkt van 13.000 naar 1.650. Opbrengst: 1,8 miljard euro.

Meest vérstrekkend zijn de berekende hervormingen op de woningmarkt en in de zorg. Dat is geen verrassing, want daar gaat veel overheidsgeld in om. Als huizen belast worden als vermogen, dan levert dat de schatkist in 2020 16,7 miljard euro op. Maar voor woningbezitters zou het een aanslag zijn: 1,2 procent belasting over de waarde van het huis, ieder jaar.

Maar kiezers hoeven niet onnodig ongerust te zijn: de meeste rekenexercities van de werkgroepen zullen nooit verder dan de tekentafel komen. Vele voorstellen kosten een paar procent koopkracht. Het zal niet haalbaar zijn voor een nieuw kabinet om vier of vijf van de meest extreme varianten door te voeren. Die verdwijnen hoe dan ook voorlopig in een la.

Tegelijkertijd tekent het de problemen waarmee Nederland kampt. Hoe kan je 10 procent op de overheid bezuinigen zonder lastenverzwaring en zonder meer risico’s voor de burger? Natuurlijk moeten hervormingen efficiencywinst op kunnen leveren, maar uiteindelijk blijft er altijd een rekening over die ergens moet worden betaald.

In de crisis verhuisden schulden van bankwezen en samenleving naar de overheid. Straks verhuizen de lasten naar de burgers.