Rechter, u snapt die wereld niet

Justitie verdenkt vastgoedhandelaar Paarlberg van witwassen, valsheid in geschrifte en belastingfraude.

Maar volgens hem is het allemaal een misverstand.

De rechter had het zelf nog nooit meegemaakt, maar hij had er wel over gehoord. „Ik heb wel begrepen dat in het vastgoed, eh, veel deals in vertrouwen gaan, eh, op de achterkant van een bierviltje?” Vastgoedhandelaar Jan Dirk Paarlberg knikt. Maar hij wordt er ook een beetje moedeloos van.

Ze begrijpen zijn wereld niet. Snappen niet hoe zaken in de vastgoedhandel gaan. Hij was er al eerder achter gekomen, toen hij de afgelopen jaren bij de politie ondervraagd werd. En nu zit hij hier voor de rechter, blijkt die er ook weinig van te snappen. Toch wil Paarlberg het best nog eens uitleggen. Maar laat ik het wat simplistisch stellen, zegt hij. „Ik verkoop een brommer aan iemand en die neemt hem in ontvangst. En daar is de zaak mee af.”

Maar de rechtzaak tegen Paarlberg, die maandag begon, gaat om wat meer dan een brommer. Justitie verdenkt Paarlberg van witwassen, valsheid in geschrifte en belastingfraude. Eigenlijk draait de hele zaak om circa 17 miljoen euro die Paarlberg in de periode van december 2002 tot en met januari 2004 van vastgoedhandelaar Willem Endstra ontving.

Endstra werd in mei 2004 op de stoep van zijn kantoor in Amsterdam doodgeschoten. Na zijn dood bleek dat Endstra bij de politie geheime gesprekken had gevoerd waarin hij vertelde dat hij werd afgeperst door Heineken-ontvoerder Willem Holleeder. Zo moest hij naar eigen zeggen van Holleeder miljoenen overmaken naar bedrijven van Paarlberg. Die 17 miljoen euro was afpersgeld, zei Endstra.

Dat denkt ook het Openbaar Ministerie. Maar nu mag Paarlberg uitleggen hoe het volgens hem zit. Want volgens Paarlberg is er helemaal geen sprake van afpersgeld. Hij had nog geld tegoed van Endstra en dat had te maken met een jachthaven in IJmuiden. Ze zouden samen deze jachthaven Seaport Marina ontwikkelen, maar in 1998 besluit Paarlberg naar eigen zeggen dat hij al zijn banden met Endstra wil „ontvlechten”. „Er kwamen mensen op bezoek bij Endstra bij wie ik me niet prettig voelde. Ik ga niet voor een paar deals in een wereld zitten die niet mijn bloedgroep is.”

En dus zegt Paarlberg tegen Endstra dat hij geen zaken meer wil doen. Ze besluiten dat Endstra hem zal uitkopen. Paarlberg krabbelt snel even wat afspraken op papier. Endstra koopt zijn aandelen in de haven en zal ook een lening terugbetalen die Paarlberg aan de haven heeft verstrekt. En Endstra betaalt hem een fiks bedrag om de zogeheten winstrechten af te kopen. Ook krijgt Paarlberg nog wat miljoenen voor een gezamenlijk vastgoedproject. In totaal circa 17 miljoen euro. Paarlberg tekent het papiertje en ook Endstra zet zijn handtekening eronder. Tenminste, dat zegt Paarlberg. Want hij heeft een klein probleem. Dat papiertje is weg. „Ik denk dat ik het verscheurd heb, of weggegooid.”

Maar er is wel nog een zogeheten vermogensopstelling die Paarlberg van zijn bedrijf liet maken voor de banken. Alleen staat daar de claim die Paarlberg op Endstra heeft niet op. De 17 miljoen euro is niet terug te vinden. Daar heeft Paarlberg wel een verklaring voor. De banken wilden graag dat hij zijn banden met Endstra zou verbreken. Dus zette hij die vordering er niet op. „Je hoeft toch niet alles te melden bij de bank?”

Gelukkig is er wel gewoon een notariële akte, waarin de koop van Paarlbergs aandelen in de haven door Endstra is vastgelegd. Endstra betaalt 1 gulden. Alleen staat in die akte weer helemaal niets over het terugbetalen van de miljoenenlening en de afkoop van de winstrechten. Dat vindt de rechter raar. „Dat is toch de plek om dat vast te leggen, bij de notaris?” Tja, dat vindt Paarlberg nu achteraf ook. Stom dat hij dat niet heeft gedaan. „Maar ja, voor mijn gevoel was het geregeld. Ik had het al opgeschreven, het afwikkelen van de zaken met Endstra.”

Eigenlijk vindt de rechter sowieso het begrip winstrecht vreemd. In de periode van 1995 tot 2001 lijdt de jachthaven een verlies van ruim 28 miljoen euro. Toch spreken Paarlberg en Endstra af dat Paarlberg een soort voorschot van 15 miljoen gulden krijgt op de winst die de haven in de toekomst gaat maken met nog te bouwen appartementen. Daarmee wordt volgens de rechter wel een groot voorschot op de toekomst genomen. „Allereerst moeten er vergunningen komen, er moet gebouwd worden, het moet gefinancierd worden en dan moeten de woningen nog met fikse winst verkocht worden.” De rechter ziet daar wel wat onzekerheden.

Paarlberg ziet dat echt anders. Kijk, hij was op zich niet geïnteresseerd in de haven. „Ik heb geen enkele affectie met zeilen.” Maar als ze nog twee torens met appartementen zouden bouwen, dan konden ze veel winst maken. Want die appartementen die in de jaren negentig gebouwd waren, gingen een paar jaar later al voor het dubbele weg. Ja, voor een buitenstaander ziet het er misschien wat onzeker uit. Maar een echte vastgoedman ziet de „winstpotentie”.