'NDT moet uit de glazen stolp'

Nieuwe directeur Jim Vincent van het Nederlands Dans Theater, wil een experimentele afdeling beginnen: „Zonder vernieuwing imploderen we.”

„Met de conceptgroep willen we ons verbinden met de maatschappij, met andere kunstdisciplines, wetenschap, architectuur. Zo wil ik ook mensen lokken die niet per se voor de dans komen, maar voor iets dat wél hun belangstelling heeft. Om dat te bereiken moeten we buiten onze stolp treden.”

Dat zegt Jim Vincent, sinds september directeur van het Nederlands Dans Theater (NDT), over zijn nieuwe experimentele afdeling, een nog naamloze ‘conceptgroep’ die hij naast het bestaande NDT I en NDT II wil oprichten. Verder heeft Vincent een paar belangrijke dansers teruggelokt naar Den Haag: Medhi Walerski en Parvaneh Scharafali, de muze van choreografenduo Lightfoot-León

Toen hij zes maanden geleden aantrad als opvolger van Anders Hellström, mocht de Amerikaan Jim Vincent (51) eerst gaan feestvieren. Het gezelschap bestond in 2009 vijftig jaar en nog steeds staat het seizoen in het teken van die mijlpaal. Wie echter het gezelschap de laatste jaren heeft gevolgd, weet dat er reden is tot zorg. Niet dat er slecht werk wordt afgeleverd. Wel is er weinig dat de groep onderscheidt van collega’s in het buitenland. Dansers en choreografen hoppen van job naar job, en de balletten van troeven als Jirí Kylián, Hans van Manen en het duo Paul Lightfoot en Sol León zijn wijdverbreid. Anders gezegd: het Nederlands Dans Theater heeft school gemaakt en lijkt nu zelf in die school op te gaan als een van de vele.

Maar Het Nederlands Dans Theater is het aan zijn stand verplicht méér dan dat te zijn, vindt Vincent, die zelf tijdens de glorierijke jaren tachtig bij het gezelschap danste. Vernieuwing is noodzakelijk. „Zonder vernieuwing imploderen we,” aldus Vincent. Hij hoopt dat de experimenten van de conceptgroep voeding zullen bieden aan de twee bestaande pijlers van het Nederlands Dans Theater, de hoofdgroep NDT I en de jongerengroep NDT II.

Tegenwoordig zoeken danskunstenaars of –groepen vaker samenwerking met professionals van buiten de eigen discipline. Het verschil daarmee is, pareert Vincent, dat hij wil voorkomen dat zijn „persoonlijke, beperkte voorstellingsvermogen” de reikwijdte van het experiment bepaalt. De bedoeling is dus door middel van een ‘call for proposal’ in vakbladen designers, technologen, medici enzovoort uit te nodigen voorstellen in te dienen. ‘Outside-in’ in plaats van ‘inside-out’, heet dat in managementsjargon.

Een ander verschil is dat de conceptgroep, die op projectbasis zal werken, financieel onafhankelijk moet opereren; het budget mag niet drukken op dat van NDT I en II. Een deel van de kosten kan worden gedekt uit het Kylián Fund voor Innovative Collabortion, dat voor de komende drie jaar 150.000 euro in kas heeft. Deze herfst zal de eerste oproep uitgaan, begin 2011 zou een eerste experiment bekend gemaakt moeten worden. Een wisselend panel zal de ideeën op haalbaarheid en artistieke gewicht beoordelen.”

Vincent vindt het ook belangrijk dat het Nederlands Dans Theater uit de veilige theaterzaal komt. „Bij de nieuwe conceptgroep moet het zo zijn dat het proces de locatie uitzoekt, niet andersom. Wat mij betreft kan dat ook een afbraakpand of een museum zijn.” En, goed nieuws voor degenen die daar al jaren over klagen: ook voor NDT I en II geldt, dat hij iets wil doen aan de voorspelbaarheid van de gemiddelde dansvoorstelling: drie balletten, twee pauzes.

De reacties op zijn plannen voor de conceptgroep zijn positief. Vincent: „Ik moet mensen eerder afremmen: zit, zit!” Toch zijn de twee belangrijkste huischoreografen, Paul Lightfoot en Sol León, niet volledig overtuigd. „Het gevaar van té graag modern willen doen, is dat je het tegenovergestelde bereikt”, zegt León, die overigens wel mompelt geïnteresseerd te zijn in een samenwerking ‘met een psychiater ofzo’. „Ik ben er van overtuigd dat de magie van theater is dat je in je stoel gaat zitten met het licht uit. Als het doek opgaat, ben je in een andere wereld. Je gaat toch ook niet op klaarlichte dag in een winkelcentrum naar een film kijken?”

Maar net als Lightfoot staat zij welwillend tegenover het idee. Lightfoot: „Ik denk dat hij op het juiste spoor zit; hij zet de deuren en de ramen open. Al heeft die conceptgroep nog een hoog tekentafelgehalte. We zullen zien.”