Les voor technici van straks

De Erasmus Universiteit lanceerde deze maand een ‘wetenschapsknooppunt’.

Om jonge leerlingen aan de top te prikkelen krijgen ze extra lesstof.

„Wie heeft er zin om mee te doen aan een testje?” Universitair docent ontwikkelingspsychologie Jacqueline Schenk was eerder deze maand te gast op basisschool Pluspunt in Rotterdam om iets te vertellen over haar vak. In de aula, gevuld met de beste leerlingen uit de groepen vijf tot en met acht, ging een woud aan vingers de lucht in. „Oh, ik dacht dat jullie het misschien een beetje spannend zouden vinden, maar nu wordt het nog moeilijk een proefpersoon te kiezen.”

Het kindercollege van Schenk markeerde de officiële start van het Wetenschapsknooppunt van de Erasmus Universiteit Rotterdam. De komende drie jaar zullen wetenschappers van de universiteit op twintig scholen uit de regio vertellen over hun vak. Dat betekent een extra uitdaging voor leerlingen die door het reguliere lesaanbod niet altijd genoeg geprikkeld worden. En het levert de universiteit over een decennium wellicht extra studenten op. Ook een plaatselijke pabo wordt bij de samenwerking betrokken.

Het Platform Bèta Techniek, dat van de overheid de opdracht heeft gekregen te zorgen voor een goede beschikbaarheid van bètatechnici, financiert de wetenschapsknooppunten. Het stelt per knooppunt 200.000 euro ter beschikking. In Nijmegen ging in augustus 2009 al een proef van start. Binnenkort zullen ook de universiteiten van Utrecht, Wageningen, Amsterdam, Twente en Maastricht gaan deelnemen aan dit zogenoemde Orion Programma.

Op dit moment besteden 2.500 basisscholen aandacht aan wetenschap en techniek. In 2016 moeten alle 7.000 basisscholen in Nederland met wetenschap in contact komen. Beatrice Boots, plaatsvervangend directeur van het Platform Bèta Techniek, legt uit waarom de wetenschapsknooppunten worden opgezet. „Die zijn er voor de meest getalenteerde onder de scholieren, die meer willen dan de reguliere lessen rondom wetenschap en techniek.”

Het idee voor het wetenschapsknooppunt komt uit het Verenigd Koninkrijk, waar deze samenwerkingsverbanden tussen basisonderwijs, universiteiten en derde partijen als musea excellence hubs worden genoemd. Voormalig staatssecretaris Dijksma (Onderwijs, PvdA) toonde zich enthousiast over deze constructie en besloot geld ter beschikking te stellen om in Nederland hetzelfde te doen. Het Orion Programma maakt deel uit van het streven van de overheid om meer aandacht te besteden aan excellentie en niet alle inzet en middelen te steken in probleemgevallen.

Rector Henk Schmidt van de Erasmus Universiteit vindt het hard nodig dat op basisscholen aandacht besteed wordt aan wetenschap. „Je merkt in de samenleving dat het begrip wetenschap niet meer hetzelfde gewicht heeft als vroeger. Dat zag je bij de discussie over vaccinaties. Aan de mening van een mevrouw die wat gelezen heeft op internet, wordt door sommige mensen net zo veel waarde gehecht als aan het werk van gerenommeerde onderzoekers. Dat is zorgelijk.”

Basisschool Pluspunt ligt in de witte wijk Prinsenland. Daar zal het universitaire zendingswerk in vruchtbare aarde vallen, vermoedt Schmidt. „De echte winst valt natuurlijk te behalen in Rotterdam-Zuid. Daar zitten kinderen die nog nooit met wetenschap in aanraking zijn gekomen.”

De volgende stap moet zijn dat er ook op de lerarenopleidingen meer aandacht komt voor de wetenschap, stelt Schmidt. „Ik heb nog les gehad van een gepromoveerd wiskundige. Tegenwoordig hebben veel docenten geen academische opleiding genoten. Daarom is het belangrijk dat aanstaande docenten inhoudelijk met de wetenschap in aanraking komen.”

De vraag is of dat doel niet te hoog gegrepen is. Een fiks deel van de studenten op de pabo’s heeft al moeite met taal en rekenen. In de zogenoemde Kennisbasis die vorig jaar werd vastgelegd, zijn strenge afspraken gemaakt over het niveau dat bij deze vakken gehaald moet worden. „Ik realiseer me dat er op dit moment problemen zijn als het gaat om de reken- en taalvaardigheid van pabo-studenten, maar die zullen binnenkort tot het verleden behoren,” legt Schmidt uit. „Dan komt er binnen de opleiding ruimte vrij voor vakken als biologie, filosofie en psychologie.”

De ambities van directeur Bert Hoogwerf van basisschool Pluspunt reiken voorlopig minder ver. „Wij willen al onze leerlingen het onderwijs bieden dat het beste bij ze past. Voor de kinderen die in de aula zitten, de Leonardo- en verrijkingsgroepen, biedt het reguliere lesaanbod niet genoeg uitdaging”, zegt Hoogwerf. „We zijn al een jaar of vijf bezig om extra aandacht te geven aan deze leerlingen aan de top. De inbreng van de universiteit gaat hopelijk tot mooie resultaten leiden.”