Clouzots expressieve kracht

Inferno. Regie: Serge Bromberg en Ruxandra Medrea. In: Filmmuseum, Amsterdam; Filmhuis Den Haag; Images, Groningen. ***

In Inferno reconstrueert de Franse filmverzamelaar Serge Bromberg samen met Ruxandra Medrea het met veel tegenslag omgeven productieproces van L’enfer, de film die er in 1964 voor moest zorgen dat iedereen het weer zou hebben over regisseur Henri-Georges Clouzot (Les diaboliques, 1955; Le salaire de la peur, 1953). Bromberg kreeg van Clouzots weduwe vijftien uur aan materiaal, inclusief testopnames van hoofdrolspelers Romy Schneider en Serge Reggiani. L’enfer had een film moeten worden over een pasgetrouwd stel, van wie de man langzaam gek wordt van jaloezie.

Clouzot wilde hierbij diep in het hoofd van de geesteszieke echtgenoot kruipen. Hij spendeerde veel geld om dit via talloze tests met kinetische lichteffecten en andere experimenten voor elkaar te krijgen. L’enfer beloofde een vernieuwende film te worden. Het mocht echter niet zo zijn. Reggiani kreeg ruzie met Clouzot en verliet de set; Clouzot zelf kreeg een hartaanval waarna de productie werd afgeblazen.

Het mooiste materiaal uit Inferno, dat de César won voor beste Franse documentaire, betreft fascinerende opnames van de toen 26-jarige Schneider. Maar vooral de beeld- en geluidsexperimenten maken de documentaire belangwekkend. Dan ontstijgt Inferno de niet echt prikkelende interviews met nog levende ooggetuigen en weinig toevoegende scènes waarin twee acteurs delen uit het script voordragen en gaat het over de expressieve kracht van cinema.