Roberts kleurigheid is braaf anekdotisch

Charlie Roberts: Young American (2007)

Tentoonstelling Charlie Roberts: Ball to the wall. T/m 25/4 Kunsthal KadE, Smallepad 3, Amersfoort. Di- vr 11-17, za/zo 12-17u. Cat.€10,- **

De ‘openbaring’ speelde zich af in een Nederlands beukenbos, in de kom van een heuveltje in park Sonsbeek bij Arnhem. Daar leek het twee zomers geleden alsof er een allegaartje van Afrikaanse, Aziatische en Indiaanse stammen was neergestreken. Die stammen hadden een tipi gebouwd met een wellustige muil als ingang, twee valse ogen er schuin boven, en een helm met een strijdlustige arend op de top. Ze hadden een pad in de heuvel uitgegraven met triomfpalen erlangs. Op houten vlaggen ‘wapperden’ blote borsten, yin en yang-symbolen, het espenblad van Canada. In de hut rook het naar vers gehakt hout. Er stonden totempalen – kleurig beschilderde, primitieve mensenbeelden uit populierenhout gehakt en gesneden. Samen vormden ze een tableau de troupe, die de Amerikaanse kunstenaar Charlie Roberts de cryptische titel Revelation Skull had meegegeven. Wat er werd geopenbaard tussen de beukenbomen, bleef onduidelijk. Wat wel duidelijk werd, was dat de kunstenaar als een wildeman bezig was geweest met beitels, schaven en verf.

Sonsbeek 2008 was de eerste keer dat een breed publiek kon kennismaken met het werk van Charlie Roberts. De jonge kunstenaar, in 1984 geboren in Kansas, had voor 2008 een kleine groepstentoonstelling bij galerie Vous Êtes Ici in Amsterdam gehad en voordien geëxposeerd bij een paar lokale galeries in Vancouver. Maar echt noemenswaardig waren die tentoonstellingen niet.

Robbert Roos, directeur van Kunsthal KadE in Amersfoort, zag de expressieve, kleurige beelden in Sonsbeek, en vond deze naar een vervolg smaken. Dat is er nu in de vorm van een helaas gemakzuchtig in elkaar gezette solotentoonstelling in Amersfoort. De solo omvat werken op papier, schilderijen, beelden, en een podium, waar Roberts met zijn bandje Krapp Kapp tijdens de opening speelde. Maar daar blijft het bij.

Informatie over de kunstenaar en zijn werk verstrekt KadE maar heel minimaal. Een zaaltekstje belicht in vijftien regels wat algemeenheden en de catalogus verschaft evenmin de duiding die je van een solotentoonstelling verwacht.

Toch is er veel te zien. Bijna de hele bovenverdieping van KadE staat vol en zelfs boven het trapportaal (ver vooroverbuigen!) hangen de gouaches. Het vroegste werk dateert uit 2004, het meest recente van dit jaar. Zo monolithisch als Roberts’ totems zijn met hun hoekige gezichten, bloezende buiken en hompige schouders, zo hybride ogen zijn de tekeningen en schilderijen. Van onder tot boven heeft Roberts doeken en vellen vol geschilderd met knalkleurige figuren, schilderijtjes in schilderijtjes, dieren die mensen worden, mensen die dieren worden, en dat in rijen van tien, twintig – als letters op een regel.

Het is duidelijk waar Roberts zijn inspiratie vandaan haalt: de stripwereld, de popcultuur (een van zijn helden is Johnny Cash), de kunstgeschiedenis (Picasso), en uit de totems die de First Nations van British Columbia langs de kusten van de oceaan neerzetten. Die inspiratiebronnen worden letterlijk, in een wat naïef aandoende, kinderlijke stijl vertaald. Anekdotes stapelen zich op anekdotes, elk beeld is een verhaaltje op zichzelf.

Zo ontstaat het beeld van een muur van een jongenskamer, waar platenhoezen, centerfolds en knipsels dringen om aandacht. En dat is precies de zwakte van deze jonge kunstenaar. Het is alsof Roberts alles tegelijk wil op één doek. Maar die bravoure is niet meer dan oppervlakte. Want zijn visuele verhaaltjes zijn zo braaf encyclopedisch, dat je de kunstenaar er eigenlijk van verdenkt bang te zijn om werkelijk over de schreef te gaan, om positie te kiezen en dan te zien wie hij voor ’t hoofd stoot.

Eén keer laat Roberts in KadE zien wat er dan gebeurt. Dat is in het relatief oude werk Celebrate uit 2004. Dit schilderij van een barok pretkasteel dat omringd wordt door raketinstallaties en kanonnen, spat uit elkaar van uitzinnigheid, van lust en doem, en van dansen op de rand van de vulkaan. Dat is de kunst.