Resultaat omstreden olieboring bij Falklands valt tegen

De retoriek van de Falklandoorlog (1982) was weer even terug toen het Britse Desire Petroleum vorige maand bij de eilanden voor de Argentijnse kust ging boren. Argentinië claimde opnieuw het recht op het verloren territorium en legde de scheepvaart aan banden, het Verenigd Koninkrijk herriep zich op de soevereiniteit over het gebied en de Verenigde Staten en Verenigde Naties stonden klaar om in te springen.

Het eerste resultaat van de omstreden onderneming valt echter tegen, zo maakte Desire Petroleum gisteren bekend. Na boringen tot een diepte van 3.570 meter concludeert het Britse bedrijf dat de olievoorraad in de eerste put, Liz 14/19-1 genaamd, „mager” is. Het gaat pas om de eerste van zes putten en er zijn ook gasvoorraden aangetroffen, zo benadrukte Desire Petroleum. Maar na de bekendmaking halveerden de aandelen van de oliemaatschappij bijna in waarde.

Hoeveel olie en gas er onder de zeebodem bij de Falkland-eilanden zit, weet niemand precies. Geologisch onderzoek zou uitwijzen dat er ongeveer 60 miljard vaten olie te winnen zijn, al is dat veelgebruikte aantal „een beetje mythisch”, volgens Ben Brewerton van maatschappij Falkland Oil and Gas Limited.

In 1998 is voor het laatst geboord naar olie in het gebied. Met de toenmalige olieprijzen leken de diepteboringen niet rendabel genoeg – de reden dat het Nederlands-Britse Shell zich destijds zou hebben teruggetrokken.

Desire Petroleum komt later deze week met een uitgebreid verslag. Liz 14/19-1 dieper boren, is een van de opties. (BBC, Reuters)