Na bommen ligt meer repressie door het Kremlin voor de hand

Wat doet premier Poetin na de aanslagen? Hardere repressie van rebellie lijkt waarschijnlijk.

De bommen in Moskou hebben een einde gemaakt aan de schijn van rust die Vladimir Poetin heeft opgebouwd sinds zijn aantreden als premier in 1999 en zijn verkiezing tot president in het jaar daarop. Toen in dat eerste jaar flatgebouwen in een paar Russische steden werden opgeblazen, begon hij een nieuwe oorlog in Tsjetsjenië, waarmee hij zijn machtsbasis verstevigde, tot president werd gekozen en zijn reputatie vestigde als brenger van stabiliteit. Maar nu is dat imago ernstig beschadigd.

„De mensen op straat zijn verbaasd over de aanslagen”, zegt Lilia Sjevtsova van het Carnegie Centrum in Moskou. „Het was zo rustig op straat, roepen ze. Maar het was de afgelopen vijftien jaar helemaal niet rustig. Aanslagen op de noordelijke Kaukasus zijn aan de orde van de dag. Maar in Moskou was sprake van een pauze. Alleen beschouwen de meeste Russen de Kaukasus niet meer als een deel van hun land en denken ze dat het geweld hun niet aangaat. Dat komt ook doordat de staatstelevisie er amper over bericht.”

In Rusland wordt gelaten gereageerd op de bomaanslagen in de Moskouse metro van gisteren. Dat staat in fel contrast tot de agressieve reacties van zowel president Medvedev als premier Poetin. Beiden zeiden gisteravond de terroristen te zullen uitroeien. Die dreigementen kunnen volgens analisten in Moskou verstrekkende gevolgen hebben voor het politieke klimaat in Rusland. „Een regering kan na zo’n terreuractie kiezen voor verandering van zijn beleid of voor verdere repressie”, zegt politicoloog Sjevtsova. „Voor die laatste variant zal het Kremlin kiezen. Binnenkort wordt een ontmoeting van twee mensen op straat misschien al een illegale samenscholing genoemd.”

Net als Sjevtsova laakt Kaukasusspecialist Aleksandr Tsjerkassov van mensenrechtenorganisatie Memorial zulk wegkijken van de onrust. „Als een duizendste deel van je land in oorlog is, betekent het dat je hele land in oorlog is en daar kun je je ogen niet voor sluiten”, zegt hij.

Vervolg Rusland: pagina 5

Radicaler door repressie

„In Moskou hebben we gisteren gezien waar vijftien jaar wanbeleid van de regering toe leidt”, aldus Kaukasusspecialist Aleksandr Tsjerkassov.

De nieuwe terreur in Moskou werd in feite in februari 2009 al aangekondigd toen een van de leiders van de opstandelingen op de noordelijke Kaukasus, Dokoe Oemarov, in een interview zei dat „het gebied van militaire operaties zou worden uitgebreid naar Russisch territorium” en dat de oorlog in Moskou zou worden voortgezet. De opmaat tot die geweldsverplaatsing zou kunnen zijn dat vorige week in Kabardino-Balkarië rebellenleider Anzor Astemirov tijdens een antiterreuroperatie werd gedood. In maart werd in Ingoesjetië Said Boerjatski, de ideoloog van de jihad op de Kaukasus, gedood. „Tot 2007 riepen types als Boerlatski alleen ‘Allah is groot’ en gebruikten ze geen geweld”, zegt Tsjerkassov. „Maar door de repressie zijn ze geradicaliseerd.”

„Zes weken geleden was er nog een zeer gewelddadige antiterreuractie op de grens van Tsjetsjenië en Ingoesjetië”, zegt een medewerker van een westerse NGO die vaak in dat gebied komt en daarom anoniem wil blijven. „Bij die actie zijn zeker twintig onschuldige burgers, onder wie kinderen, om het leven gekomen. Maar omdat organisaties als Memorial na de moord op een paar van hun medewerkers niet meer actief zijn in dat gebied, worden zulke incidenten niet meer gemeld.”

De verhulde burgeroorlog op de noordelijke Kaukasus is de afgelopen twee jaar niet alleen verergerd als gevolg van de genadeloze repressie door het Kremlin, zeggen analisten in Moskou, maar ook doordat de lokale autoriteiten zelf hebben bijgedragen tot een verslechtering van de sociaal-economische situatie. Ze steken miljoenen roebels aan overheidsgeld in eigen zak en bieden geen oplossingen voor de enorme werkloosheid en armoede van de bevolking. „Dat een handvol moslims daardoor in opstand komt, is dan ook niet zo vreemd”, zegt Kaukasusspecialist Aleksandr Malasjenko. „Maar het is onzin om, zoals minister Lavrov van Buitenlandse Zaken nu roept, te beweren dat ze banden hebben met Al-Qaeda. Je kunt hoogstens zeggen dat op de Kaukasus dezelfde sociaal-economische problemen bestaan als in Pakistan en Afghanistan. Maar Al-Qaeda heeft op dit moment veel te veel problemen om tijd te hebben voor het opbouwen van banden metmoslims op de Kaukasus.”

Volgens Sjevtsova is de situatie verder geëscaleerd nu de op zichzelf kleine terroristenorganisaties in de verschillende Kaukasusrepublieken zich hebben verenigd en sterker zijn geworden. „Er is ook een generatie aangetreden, die nieuwe methodes gebruikt. Ook dat kun je aan het regeringsbeleid wijten, want na iedere nieuwe terreurdaad wordt er meer overheidsgeweld toegepast en dat werkt alleen contraproductief. Nu krijgt Poetin de rekening gepresenteerd, want voor veel Russen is hij door de mand gevallen.”

Fotoserie en achtergrondartikel op nrc.nl/buitenland