In het voetspoor van Verhoeven en Polanski

Vanavond begint in bioscoop Kriterion het festival Cinestud, met uitsluitend studentenfilms. Het festival wordt, net als de bioscoop, volledig gerund door studenten.

In een rommelige hoek van de keuken staan retrostoelen en -banken, een vierkante oranje radio en allerlei prullaria al klaar om het bruine café van studentenbioscoop Kriterion op te tuigen in jaren-60-stijl. „De vrolijke chaos van de jaren zestig willen we doen herleven”, vertelt de 26-jarige Bart Verbunt. Hij is student wijsbegeerte en coördinator van de jubileumeditie van Cinestud, het internationale studentenfilmfestival, dat vanavond begint in Amsterdam. Het festival bestaat vijftig jaar.

Zestig korte studentenfilms, verdeeld over twaalf programma’s, krijgen deze week een publiek in het oude sfeervolle pand van Kriterion aan de Roetersstraat in Amsterdam. Speciale aandacht is er voor de winnaars van de allereerste editie in 1960, Paul Verhoeven en Roman Polanski. In een retrospectief ter ere van hen blikt het filmtheater terug.

Piet Meerburg richtte de studentenbioscoop op in 1945. Als lid van het Amsterdamse studentenverzet had hij honderden joodse kinderen helpen onderduiken. Hij voelde er na de bevrijding niets voor zich weer te schikken in de financiële afhankelijkheid van het studentenbestaan van voor de oorlog. Doel van de bioscoop was studenten in staat te stellen zelfstandig hun studie te bekostigen en tegelijkertijd werkervaring op te doen. Die functie vervult Kriterion nog steeds.

De hele organisatie bestaat uit studenten. Er is geen bedrijfsleiding, taken als publiciteit en programmering zijn ondergebracht in commissies. In principe doet iedereen alles, van bardiensten tot kaartjes scheuren, maar iedereen mag ook overal over meepraten. „Het wiel moet steeds opnieuw worden uitgevonden. Opgedane kennis verdwijnt met het afstuderen van de studenten”, vertelt filmacademiestudent en medewerker Alain Friedrichs. Hij is verantwoordelijk voor de trailer van festival Cinestud en zijn eerste film Façade (2006) draait in de competitie.

Toch heeft het festival een goede naam en dat komt vooral door de bekroning destijds van de films van regisseurs als Paul Verhoeven, Roman Polanski, Martin Scorsese en Jane Campion, die later wereldberoemd werden.

Cinestud was het eerste en is nog steeds het enige internationale studentenfilmfestival in Nederland. Het festival bestaat bij de gratie van studenten die zin hebben het te organiseren. De charme daarvan is dat er iedere keer een groep enthousiaste en gedreven studenten mee aan de slag gaat. Nadeel is dat het daardoor aan continuïteit ontbreekt, waardoor het festival, met tussenpozen van drie tot tien jaar, in 2010 pas haar elfde editie beleeft.

Samen met twee collega’s selecteerde Bart Verbunt zestig films uit ruim vijfhonderd inzendingen. De selectiecriteria? „Je moet student zijn en een film gemaakt hebben.” Een thema is er dit keer niet en dat is een bewuste keuze. „We willen een zo breed mogelijk overzicht geven van de ontwikkelingen op het gebied van cinema bij studenten en daarbij zo weinig mogelijk sturen”, aldus Verbunt.

Filmmaker en jurylid Jiska Rickels noemt de kwaliteit van de films opvallend hoog. Ze let voornamelijk op eenheid en experiment in de films: „Studenten hebben de mogelijkheid alles uit te proberen en de grenzen van genres op te zoeken.”

Cinestud is het aan zijn geschiedenis verplicht minstens één groot talent te onthullen. Bij het laatste festival in 2005 was dat Claudine Natkin met Pilou. Met de korte film die daarop volgde won ze vervolgens een prijs op het prestigieuze filmfestival in Cannes.

De winnaar van het festival mag zaterdag een prijs in ontvangst nemen van 2.500 euro. Daarnaast maken alle zestig films kans op de publieksprijs van 1.500 euro. Het prijzengeld is echter bijzaak. Bijna dertig regisseurs hebben inmiddels toegezegd dat ze op het festival aanwezig zullen zijn. Zij zullen hun film voorzien van context en achteraf vragen beantwoorden.

Cinestud duurt tot en met 4 april. Programma op www.cinestud.nl.