Chinezen gaan er met techniek en kennis van Volvo vandoor

Ford heeft Zhejiang Geely de sleutels van Volvo overhandigd – een klinkende overwinning voor de Chinezen. Niet alleen omdat eerdere voorgenomen grensoverschrijdende overnames vanuit China schipbreuk hebben geleden – denk aan de recente mislukking van de verkoop door General Motors van Hummer aan een Chinees bedrijf. Maar ook omdat Geely toegang zal krijgen tot het soort technologie dat normaal gesproken uitsluitend van de meest wanhopige verkopers kan worden losgeweekt.

Op het eerste gezicht lijkt het overnamebedrag van 1,8 miljard dollar (1,35 miljard euro) redelijk. Ford heeft in 1999 weliswaar meer dan driemaal zoveel voor Volvo moeten neertellen, maar de autofabrikant lijdt momenteel verlies. Als we ervan uitgaan dat Volvo een operationele winstmarge van 2,5 procent zou verdienen op zijn huidige omzet, zou de prijs zesmaal de hypothetische winstmarge bedragen. Beleggers betalen tweemaal zoveel voor de feitelijke winst van ruwweg vergelijkbare autoproducenten als BMW.

Voor Geely is Volvo’s toonaangevende veiligheidstechnologie wellicht de echte hoofdprijs. Een deel daarvan zal het eigendom van Geely worden. Een ander deel zal bezit blijven van Ford, maar Geely krijgt wel een licentie om deze technologie toe te passen in zijn eigen autofabrieken.

Dat zou Geely ook in staat moeten stellen de kwaliteit van zijn eigen auto’s te verbeteren en zijn omzet te verhogen. Dat moet ook wel, want zijn fabrieken draaien op slechts 70 procent van hun capaciteit, aldus analisten van Samsung Securities. Geely wil de capaciteit in 2015 verdrievoudigd hebben.

Geely zal niet te maken krijgen met de netelige kwestie van het integreren van verschillende culturen, omdat Volvo helemaal niet wordt geïntegreerd. De autoproducent zal zijn Zweedse hoofdkantoor en Europese productiefaciliteiten behouden. De eigen autofabrieken van Geely bevinden zich in een aparte beursgenoteerde onderneming, en hoewel Geely wellicht Volvo’s slimme innovaties in licentie mag toepassen op de eigen auto’s, zal het bedrijf ze tot opluchting van beleggers niet in eigendom hoeven nemen.

Daardoor blijven de voor de hand liggende synergievoordelen natuurlijk wel achterwege: de combinatie van de vaardigheden van Volvo met de lage kosten van Geely. De eigen winstmarge van Geely in China zelf ligt dichtbij de 10 procent – een cijfer dat Europese autoproducenten het water in de mond doet lopen. De hoge kosten voor arbeid bij Volvo is één van de redenen dat het bedrijf verliesgevend is. Het Chinese concern mag Volvo’s meest aanlokkelijke onderdelen hebben ingelijfd, maar door dat te doen heeft het ook de minst aantrekkelijke delen op de koop toe moeten nemen.

John Foley