Ondanks alles blonken katholieke internaten uit

De nadruk op seksueel misbruik doet ten onrechte de belangrijke rol van katholieke internaten voor het onderwijs vergeten. Een conferentie bood eindelijk een historische blik.

Even moest ik de verleiding weerstaan om de enige spreker die zelf seksueel misbruik had opgemerkt, achterna te gaan voor een gesprekje. Maar dat zou dan het zoveelste geval zijn geworden en dat weten we nu wel. De man had geprotesteerd tegen de katholieke patriciër en ex-senator Erik Jurgens die had gezegd dat aan zijn dure jezuïetenschool Katwijk De Breul in Zeist weinig sprake kon zijn geweest van seksueel misbruik. Dat was volgens Jurgens te danken aan de goede leiding van de jezuïeten. Jurgens had de oude handleiding voor jezuïetenscholen er nog op nageslagen.

Daarop was Paul Staal uit het publiek opgesprongen. Hij had op dezelfde school gezeten en had wél gehoord over seksueel misbruik onder jezuïeten „Ik kan zonder vermelding van bronnen de slachtoffers en daders noemen”, zei hij. „Het zijn niet alleen de broeders van Liefde die de liefde bedrijven.”

Die avond verscheen Staal op het Journaal.

Herderlijk seksueel misbruik was ook aanleiding voor mijn bezoek afgelopen zaterdag aan deze schoolzaal in Nijmegen. De graaiende paters van vroeger overheersen nu de geschiedenis van katholieke internaten terwijl de meeste leerlingen daar geen ervaring mee hadden.

Er is vroeger licht en zwaar seksueel misbruikt, zoveel is nu wel duidelijk. Het kon overal gebeuren in jeugdwerk en gezin maar de hiërarchische katholieke kerk bestaat nog steeds zodat ook de huidige leiding verantwoordelijk kan worden gesteld. De paus maakt het erger door zich te verschuilen achter canoniekrechtelijke formaliteiten. En ex-kardinaal Simonis suggereerde met zijn uitspraak „wir haben es nicht gewusst” dat er op katholieke scholen een ware holocaust plaatsvond. Van de weeromstuit gaat de devoot katholieke minister van Justitie Hirsch Ballin zelfs de verjaring opheffen. Bij een leerling in de broek zitten wordt dan behandeld als een oorlogsmisdaad. Handen afhakken verjaart nog wel.

De conferentie van de letterenfaculteit van de universiteit van Nijmegen had ook een historische blik op de successen van de internaten die een katholieke elite moesten vormen, de ‘dragers van belofte’. Er zat een hoogopgeleid gezelschap van ex-leerlingen in de zaal met een gemiddelde leeftijd van tussen de zestig en zeventig, schatte ik. Ze waren – misschien dankzij hun ascetische opleiding – goed geconserveerd. In de pauzes hadden ze het druk met elkaar, want de conferentie was ook een reünie. Een spreekster moest bijna huilen bij het ophalen van mooie herinneringen. Ouderen worden meer aangegrepen door het verleden,of dat nu goed was of slecht.

Historici gaven lezingen over de reuzensprong voorwaarts die het katholieke onderwijs in de vorige eeuw had gemaakt mede dankzij Duitse en Franse orden die zich hier vestigden. In twee tot drie generaties hadden de in het land weinig geliefde katholieken een groot deel van de achterstand op de rest van Nederland ingelopen. De interessante vraag voor de conferentie was of de katholieke gymnasia en kleinseminaries voor priesters niet zo effectief zelfstandig denken hadden aangemoedigd dat de leerlingen zich later losmaakten van het katholieke milieu. Bijvoorbeeld Hans van Mierlo, die net als Ruud Lubbers is gevormd op het Canisius college van de jezuïeten in Nijmegen. Van de drie k’s, katholiciteit, kennis en kunde, viel de eerste steeds vaker weg, terwijl dat nou net niet de bedoeling was.

Wereldwijd was katholiek onderwijs een succes. In Amerika bekeren mensen zich nog steeds om hun kinderen op een katholieke school te krijgen, het goedkoopste en beste particuliere onderwijs dat hele generaties Italiaanse, Ierse en Latijns-Amerikaanse immigranten heeft geïntegreerd. Nu moet een aantal scholen sluiten wegens hoge schadeclaims voor seksueel misbruik vroeger. Wat is belangrijker, een hoge schadevergoeding volgens de normen van nu voor sommige slachtoffers uit het verleden of goed onderwijs?

Maar ja, het is nieuws, dus in de conferentie werd in elk interviewtje voor de zaal en in lezingen seksueel misbruik aan de orde gesteld. Hebt u zelf over seksueel misbruik gehoord? Hoe past het in de schoolervaring? Veel mensen wisten van niets. Wel van ander geweld dat nu als mishandeling zou worden beschouwd. Een pastoor die lawaai makende jongens keihard in het gezicht sloeg. Een bordenwisser die naar het hoofd van een leerling werd gegooid. Opsluiting in het kolenhok. Dat gebeurde niet alleen onder katholieken.

Op de zwart-witfoto’s was vrolijkheid te zien. Sportwedstrijden, toneelstukken, spelletjes. Toen was de katholieke kerk nog jong met in pij voetballende paters en heel veel jongeren, al zagen ze er wat ouder uit dan nu. Ik hoorde over rectrix mère Laurence Roche van het Fons Vitae gymnasium die haar rokken optrok om mee te rennen met de sportende meisjes.

Toch beschouwden de meeste nonnen in hun bijna-boerka’s het lichaam als vies en dierlijk. Emeritus hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde Marita Mathijsen mocht er als extern aan het meisjesgymnasium van de Ursulinen in Roermond niets over horen. Dit was tevens de school van voormalig Journaal- presentator Noraly Beyer en de toenmalig gereformeerde Cisca Dresselhuys.

Het badwater werd besprenkeld met het zogenoemde poudre de pudeur zodat de meisjes hun eigen lichaam niet zagen. In zo’n anti-seksuele sfeer is het onderwerp misbruik al helemaal onbespreekbaar, lijkt me. Dat is eenzaam voor de slachtoffers. Maar nu seks zelfs op bushokjes zichtbaar is, gaat het over niets anders.

Lyrisch was Mathijsen over de literaire vorming die ze aan de school kreeg, de toneelvoorstellingen van Peter Weiss, Anouilh en Sartre op de gymzaal. Dan kon plotseling alles, ook zaken die eigenlijk voor strikte religieuzen te ver gaan. Omstreden romans werden in de les genoemd, zodat zij ze zelf kon gaan halen.

Maar, waarschuwde Staal, ook nonnen deden aan seksueel misbruik. Het zal vast. Alleen was Mathijsen er niet mee bekend.