WK baan: renner Mulder wint tijdrit

Op de dag dat zijn werkgever Cofidis bekendmaakte twee jaar langer door te gaan met de wielerploeg, reed Teun Mulder (28) bij de WK baanwielrennen in Kopenhagen de race van zijn leven. Het leverde de sprinter uit Zuuk de wereldtitel op de één kilometer lange tijdrit op en wellicht een nieuw contract. Het was zijn derde regenboogtrui.

Mulder kwam op het olympische nummer tot een tijd van 1.00,341, de snelste tijd tot nu toe op een laaglandbaan. „Ik finishte, zag de tijd en dacht: waar haal ik dit vandaan? Het is ongelooflijk, de race van mijn leven.”

Hoewel hij al in 2005 de wereldtitel op keirin veroverde en drie jaar later in Manchester ook al de beste van de wereld was op de kilometer, bleef Mulder lang in de schaduw van Theo Bos, de oud-wereldkampioen sprint die de overstap naar het wegwielrennen maakte. Na het vertrek bij de nationale baanploeg van bondscoach Peter Pieters, wiens taak aanvankelijk werd overgenomen door de Tsjech Pavel Buran, legde Mulder contact met wielerploeg Cofidis. Tot zijn eigen verrassing kon hij daar aan de slag met Franse topsprinters. Hij zag bovendien de Duitse sprinttrainer René Wolff in dienst treden bij de KNWU waarmee het sprintkamp zich eindelijk weer serieus genomen voelde. Het ging gisteren in de Ballerup Super Arena misschien te ver het succes aan Wolff toe te schrijven, maar de voormalig wereldkampioen sprint heeft hoe dan ook zijn waarde gehad de afgelopen tweeënhalve maand voor Mulder, net als zijn werk met de Fransen. „Ik heb heel veel 500 meters getraind en aan mijn start gewerkt. Ik had gehoopt op een medaille, maar met zo'n tijd had ik geen rekening gehouden.”

De Fransman Michaël d’Almeida werd tweede in 1.00,884, het brons ging naar zijn landgenoot François Pervis. De Duitse titelhouder Stefan Nimke werd vierde. „Ik heb moeilijke weken achter de rug en de vierde plaats op de keirin was toch eigenlijk ook een teleurstelling. Ik wilde in Kopenhagen een medaille pakken, nu sluit ik af met goud. Het is bizar. Dit is een moment om in te lijsten.”

De achtervolgingsploeg van Australië versloeg in de finale Groot-Brittannië. Jack Bobridge, Rohan Dennis, Michael Hepburn en Cameron Meyer waren net iets sneller: 3.55,654 tegen 3.55,806. In de strijd om het brons versloeg Nieuw-Zeeland gastland Denemarken. Het Nederlandse kwartet (Levi Heimans, Tim Veldt, Sipke Zijlstra, Arno van der Zwet) eindigde als zesde in 4.04,818.

Bij de vrouwen werd Vera Koedooder twaalfde op het onderdeel scratch. De Française Pascale Jeuland won de wereldtitel. (ANP)