Dozen voor bollebozen

Het duo Houtekamer & Van Santen test elke maand een product. Deze keer: science kits om stuiterballen of parfum te maken.

Er druppelt een heel klein beetje rood schuim uit ‘de vulkaan’. Snel, er moet meer azijn bij, commandeert Houtekamer. Van Santen pipetteert aan één stuk door azijn uit een fles. Maar het is te laat, de uitbarsting is al ten einde. We trekken de volgende doos open.

Wetenschappelijk speelgoed is populair. Vroeger kon de verantwoorde ouder kiezen tussen de elektriciteitsdoos en de chemiedoos. Nu zijn er science kits om stuiterballen te gieten, parfum te maken en zonnewagens te bouwen.

Maar zijn die ook leuk? En steek je er wat van op? Drie dilemma’s voor de jonge onderzoeker.

1

Effectbejag of kennisopbouw

Wetenschap voor meisjes! Houtekamer is op een hardroze doos gedoken met de opdruk ‘Perfume Laboratory’. „Explore the cool science of essential oil extraction”, belooft fabrikant Tree Toys. Van Santen biedt haar vaas tulpen aan voor geurextractie, maar Houtekamer wuift het weg. De doos biedt namelijk reeds geparfumeerde sponsjes in jasmijn- en rozengeur die alleen nog maar in water hoeven te worden opgelost. Met een roze plastic pincet voert Houtekamer de handeling uit. Klaar.

„En nu?” vraagt ze teleurgesteld. „Dan heb je iets voor meisjes, en dan is het stom.” Van Santen: „Dit is geen wetenschap, dit is koken.” Het geparfumeerde kristallen maken laat Houtekamer maar voor wat het is.

De Alternatieve Energie-wetenschapsdoos stelt hogere doelen. Spelfabrikant Clementoni wil de jonge wetenschapper kennis laten maken met duurzame energie. De bouwdoos bevat kartonnen bouwplaten om een huis te bouwen, een mini-zonnepaneel, een ventilator en een zonneboiler.

Twee mannen zijn aan het testpanel toegevoegd. Na een half uur hebben ze de doos verwerkt. De ventilator draait, alleen de zonneboiler valt steeds van het dak. Man 1 moppert, maar weigert plakband. De bijgeleverde zonnewagen doet het niet in het licht van een schemerlamp.

Clementoni wil dat we heel veel leren van deze doos. „De functionering van de led”, leest Van Santen voor uit de handleiding, „is gebaseerd op het fenomeen ‘elektroluminescentie’ bestaande uit de uitstoot van fotonen.” Het boekje biedt verder acht matig vertaalde pagina’s over verschillende elektriciteitscentrales.

„Best leuk”, oordeelt man 1, „maar het goede-bedoelingengehalte is net iets te hoog.” 

2

Prefab of vrij experimenteren

We willen niets leren uit een boekje, we willen iets doen. Empirie.

Met Ein-O Science Veerkracht kunnen we zelf stuiterballen gieten en „verschillende stuitervormen onderzoeken”.

Van Santen opent de verpakking. „Wat een mooi oranje doosje. En er zit een pistool in!”

Het goed verzorgde boekje moedigt ons aan de stuiterkracht van de bijgeleverde ballen systematisch te noteren op de ‘Ein-O stuiterkaart’. Man 2 noteert braaf: kleine bal op lamelparket. Stuiterhoogte 60 cm.

Nu mag hij stuiterballen gieten. Het experiment lukt. Hij maakt met plastic korrels en een gietmal een glinsterende, stuiterende lila bal. Houtekamer en Van Santen: „Oooooh.” 

Man 2 pakt dan de kubusvormige mal. Een paar minuten later levert hij een onherkenbare klont af. De veerkrachtige prut liet niet los uit de vorm. Dat is een experimentele bevinding, maar we denken niet dat het de bedoeling was. De doos bevat nog wel genoeg poeder voor tien schitterende paarse, oranje en groene ballen. Mooi knutselwerk, maar geen science. En met het pistool kun je ordinair elastiekjes schieten.

De Hema Word Chemicus-doos is een stuk creatiever. In de doos zitten plastic reageerbuizen, klemmen, klei en bakpoeder, maar het sterkste punt is het boekje met 36 proefjes. Je leert hoe je zoutkristallen maakt en kaas, en parfum uit échte bloemblaadjes en pop-art op textiel. Voor veel proefjes heb je de doos niet eens nodig.

3

Alles uit de doos of uit de keuken

De leukste doos van allemaal is de Green Science Enviro Battery. In het kleine pakketje zit niet veel, maar wat erin zit prikkelt de fantasie. Stroomkringen bouwen, daar gaat het om. En dat met groente, fruit en diverse vloeistoffen uit de koelkast.

Man 1 prikt elektroden in twee aardappelen en sluit het bijgeleverde klokje aan. Met overslaande stem: „Hij doet het! Dit is ongelofelijk.” Van Santen en Houtekamer halen de rest van de schijf van vijf erbij. Sinaasappelen doen het ook! En citroenen. En gewoon, met de elektroden in een bakje water, lukt het ook best.

Helemaal mooi wordt het als we vogelgeluiden laten klinken met een chipje uit de doos. Nu gaan we los. Hoe zuurder de vloeistoffen waar de elektrodes in staan, hoe meer geluid de aangesloten chip maakt, merken we. Van Santen kiepert azijn bij het water en het vogelgezang zwelt aan. Houtekamer zet een pot augurken op tafel.

We overtreden de regels. Stiekem pakken we er nog even de Hema-chemiedoos bij. Van Santen graaft naar het pH-papier. „Laat toch”, zegt Houtekamer. Ze weet al dat augurken zuur zijn. Van Santen zet door, het papier kleurt oranje.

En dan haalt ze een enorme stopfles met schoonmaaksoda uit de trapkast. Houtekamer: „Dat is toch niet zuur.”

En toch, het getjilp gaat door.

Houtekamer, verrast: „Basisch werkt ook!” Van Santen leunt tevreden achterover. „Het is gewoon de ionenstroom.”