Ze wil geen halve bondscoach meer zijn

Vera Pauw werkte jaren aan de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal.

Onder haar leiding bereikte Nederland vorig jaar de halve finale van het EK. Nu stopt ze.

„Ik kan dit schip niet verlaten. Dat zou ik mezelf nooit vergeven.” Het zijn de woorden van Vera Pauw, bondscoach van de Nederlandse voetbalsters, twee jaar geleden in NRC Handelsblad. Pauw was door wereldvoetbalbond FIFA benaderd voor een aantrekkelijke positie: technisch directeur van het vrouwenvoetbal. Maar na twee dagen bedenktijd concludeerde ze dat ze ‘haar’ meiden niet in de steek mocht laten.

Gistermiddag diende Pauw alsnog haar ontslag in – met een opzegtermijn van een maand. Zij zal het elftal nog enkele duels begeleiden in de plaatsingscampagne voor het wereldkampioenschap van 2011. Daarna zet zij na zes jaar een punt achter het bondscoachschap. „Ik ben als persoon op een eilandje komen te staan”, stelde zij in een verklaring.

Pauws besluit komt niet uit de lucht vallen. Vorige maand vertelde zij dat ze overwoog te stoppen. De bondscoach was ontevreden over haar afkalvende positie na het EK in Finland, waar haar ploeg verrassend de halve finales bereikte. Het vrouwenvoetbal wordt sindsdien serieuzer genomen, en de speelsters verwierven de A-status. Maar zelf werd zij voor haar gevoel door de KNVB op een zijspoor gezet. „Ik dreig een halve bondscoach te worden. Daarmee breng ik het team schade toe.”

De bond besloot Pauws takenpakket, waaronder contractueel ook de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal valt, flink uit te kleden. Het vrouwenvoetbal is volgens haar een product geworden. Er worden tal van projecten opgezet door marketingspecialisten die van sportontwikkeling geen kaas gegeten hebben.

Ruud Bruijnis, directeur amateurvoetbal van de KNVB, zei in een reactie op het ontslag „grote waardering” te hebben voor Pauw en „verder te zullen bouwen op het stevige fundament dat Vera heeft gelegd”.

Pauw (47) geldt als de architect van het Nederlandse vrouwenvoetbal. In bijna alles wat zij deed, had zij een voortrekkersrol. Zo was zij in 1988 de eerste Nederlandse voetbalster die een contract kreeg bij een buitenlandse profclub (FC Modena). Ze was in 2005 de eerste vrouw die slaagde voor de cursus Coach Betaald Voetbal. Pauw was de eerste vrouwelijke bondscoach van een team op het hoogste niveau. En onder haar debuteerde Nederland bij het EK.

Een controlfreak wordt zij in de wandelgangen genoemd. En: overtuigd feministe. Niet voor niets kende het maandblad Opzij haar vorig jaar de Emancipatieprijs toe voor haar bijdrage aan de verbetering van de positie van vrouwen. Volgens Pauw moeten mannen meer naar de potentie van vrouwen kijken in plaats van naar hun gebreken. En vrouwen zouden zich op hun beurt niet steeds moeten afvragen of zij serieus genomen worden.

In mannenbolwerk KNVB werd die missie niet altijd met enthousiasme begroet. Weliswaar stak het bestuur in 2007 zijn nek uit met de oprichting van een aparte eredivisie voor vrouwen, maar Pauws optredens zorgden in de jaren erna vaak voor beroering. Bestuurders lachten besmuikt als zij bij persconferenties wees op de gevaren van de ‘feminiene Nederlandse cultuur’, die (sport)vrouwen ‘verbiedt’ te excelleren.

De laatste tijd rees er ook verzet tegen de gemengde jeugdcompetitie, die mede dankzij de inspanningen van Pauw tot stand kwam. Geïnspireerd door het grote aantal vrouwelijke KNVB-leden (115.000) en het succes in Finland, pleiten vooral ouders voor een eigen meidencompetitie. Pauw begrijpt niets van die tegenbeweging. Volgens haar ontwikkelen speelsters zich minder snel in een meisjescompetitie omdat zij niet echt uitgedaagd worden.

Wat de volgende stap in haar carrière is, kon Pauw nog niet zeggen. „Daar staat mijn hoofd niet naar.” Zij weerlegde de conclusie dat zij haar speelsters in de steek laat met haar besluit op te stappen. „Ik laat die meiden pas écht in de steek als ik mij niet volledig voor hen kan inzetten.”