Schikkingen in omkopingszaken zijn weinig effectief

Daimler moet een prijs betalen voor het te goed smeren van het mechanisme van het zakendoen – 185 miljoen dollar (138 miljoen euro) om precies te zijn. Dat is het bedrag dat de Duitse autoproducent moet neertellen om een aantal Amerikaanse smeergeldzaken te schikken. Daimler is niet het enige bedrijf dat zich tegen de beschuldiging van omkoping moet verweren. Maar nu de schikking slechts 0,2 procent bedraagt van Daimlers omzet over vorig jaar, kan omkoping gezien blijven worden als een aanvaardbare kostenpost bij het zakendoen.

Bij de veronderstelde overtredingen ging het om smeergeld of giften aan overheidsfunctionarissen in landen als China, Rusland, Turkije en Irak, tussen 1998 en 2008. Een van de kleurrijkste aantijgingen betrof een functionaris uit Turkmenistan, die een gepantserde Mercedes van 300.000 euro ontving als verjaardagscadeautje. De Amerikaanse beurswaakhond SEC (Securities and Exchange Commission) en het Amerikaanse ministerie van Financiën zijn pas in actie gekomen nadat een accountant van Daimler in 2004 aan de bel trok en geheime bankrekeningen openbaarde, die naar verluidt werden gebruikt voor omkopingsdoeleinden.

Daimler heeft gereageerd door zijn voorschriften op dit gebied nog eens goed tegen het licht te houden. Maar de schikking voorziet er niet in dat het concern schuld bekent of toegeeft iets verkeerds te hebben gedaan, aldus een door persbureau Reuters geciteerde bron.

Siemens, BAE Systems en Alcatel-Lucent hebben allemaal soortgelijke schikkingen getroffen, die hen respectievelijk 1,3 miljard, 400 miljoen en 125,5 miljoen dollar hebben gekost. Alleen Siemens lijkt daardoor hard te zijn getroffen. Het schikkingsbedrag, in een zaak die zowel in de VS als in Duitsland speelt, komt overeen met 5,6 procent van de inkomsten over 2009, tegen 1,3 procent bij BAE en 0,6 procent bij Alcatel.

Door Daimler en andere bedrijven toe te staan de zaken op deze wijze af te sluiten, riskeren de aanklagers het bredere gevecht tegen omkoping te laten verwateren. Ondernemingen zullen ongetwijfeld wijzen op de culturele en procedurele veranderingen die ze hebben doorgevoerd om ervoor te zorgen dat zulk gedrag wordt uitgebannen. Maar wil er werkelijk sprake zijn van afschrikwekkende werking, moeten hoge functionarissen ter verantwoording worden geroepen. Dat betekent dat er meer arrestaties moeten plaatsvinden, doordat Britse, Amerikaanse en andere aanklagers beter gebruik maken van nieuwe en bestaande bevoegdheden. Veroordelingen en celstraffen zullen waarschijnlijk niet als ‘normale’ bedrijfskosten worden gezien.