Rintje

‘Mijn poten zijn zo zwaar,’ zegt Rintje. ‘De mijne ook’, zucht Henriette. ‘Na een paar stappen ben ik al moe!’

Mama heeft de keukendeur openstaan. ‘Wat zitten jullie daar te zeuren in de tuin? Ga eens wat doen, het is veel te lekker weer!’

‘We zijn lentemoe’, zegt Henriette. ‘Dat hoort erbij als het lente wordt!’

‘Wat een onzin’, zegt mama. ‘Van de lente ga je juist huppelen en rennen!’

Als de voordeurbel gaat zijn Rintje en Henriette te sloom om de deur open te doen.

Als mama opendoet rent Tobias met grote sprongen door de gang. Het lijkt wel alsof hij vliegt. Hij neemt een hele grote aanloop, zet zich af, trekt zijn poten in en legt zijn oren plat op zijn kop.

‘Daar komt Tobias’, roept mama. ‘En hij doet vandaag zijn beroemde teckelpas!’

‘Ik heb de lentekriebels’, gilt Tobias. Hij rent een paar rondjes door de tuin en maakt de hoogste sprongen.

‘Wat een vermoeiend gedoe’, zegt Henriette. ‘Ik ben blij dat ik daar geen last van heb.’

‘Jullie moeten maar een voorbeeld nemen aan Tobias’, zegt mama. ‘Wacht maar eens even, ik heb een idee!’

Even later komt mama terug met een stapel pannendeksels. ‘We gaan muziek maken!’ zegt ze. ‘Ik zing het teckelpaslied en om beurten doen jullie dan de teckelpas door de tuin! En tijdens het rondrennen slaan we de maat met de pannendeksels. Tobias begint want die is al goed warmgedraaid!’

Mama begint te zingen:

IS HET SNELHEID WAAR HET STEEDS AAN SCHORT?

IS JE BUIK TE DIK, OF ZIJN JE POOTJES TE KORT?

HEB JE SIMPELWEG EEN OVERSCHOT AAN ENERGIE?

OF LAST VAN STRAMHEID, SPIT OF EEN PIJNTJE IN JE KNIE....

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, WIE KAN ER OOIT NOG ZONDER?

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, HET IS EEN HONDENWONDER!

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, VROEG IN DE MORGENSTOND,

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS EN WIEBEL MET JE KONT!

NEEM EERST EEN GOEDE AANLOOP, EN MAAK EEN BEETJE VAART!

MAAK DAN DRIE GROTE SPRONGEN EN ZWAAI MET JE STAART!

BEIDE OREN LEG JE PLAT EN TREK JE POTEN IN,

DAN GOED JE SNUIT VOORUIT EN OMHOOG MET DIE KIN.

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, WIE KAN ER OOIT NOG ZONDER?

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, HET IS EEN HONDENWONDER!

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, VROEG IN DE MORGENSTOND,

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, EN WIEBEL MET JE KONT!

WAS JE EERST EEN KLUNS EN TELDE JE NIET MEE?

NU BEN JE ECHT EEN SUPERHOND, EN IEDER ROEPT HOEZEE!

NOOIT MEER HUILEN, GRIENEN OF EEN POTJE JANKEN,

EN DAT ALLES IS AAN DE TECKELPAS TE DANKEN!

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, WIE KAN ER OOIT NOG ZONDER?

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, HET IS EEN HONDENWONDER!

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, VROEG IN DE MORGENSTOND,

DOE DE TECKELPAS, DE TECKELPAS, EN WIEBEL MET JE KONT!

Terwijl mama het lied zingt slaan Henriette en Rintje op de pannendeksels. Tobias begint te rennen....

wordt vervolgd

Sieb Posthuma