Onze Steve

In de eerste helft van Feyenoord-FC Twente gingen mijn gedachten terug naar Londen, najaar 2009. Samen met enkele Engelse journalisten en schrijvers had ik geprobeerd een sportcafé te vermaken met wijsheden over de Nederlandse en Britse voetbalcultuur. Ik had alleen iets nogal doms gedaan: ik had vleiend gesproken over Steve McClaren. Halverwege mijn tweede zin over het mooie spel van FC Twente onder McClaren zag ik uitsluitend nog glazige blikken voor me. Vanachter hun vazen bier lieten de Engelsen mij beleefd uitspreken, waarna de gespreksleider snel overging op iets anders. In Engeland is McClaren een lachertje, een namaaktrainer die er niet in slaagde een formidabele spelersselectie naar het EK van 2008 te loodsen. Sinds zijn mislukking als bondscoach leeft hij als een banneling in Enschede.

Afgelopen woensdag, toen FC Twente in de eerste helft bezig was Feyenoord van de mat te spelen, wilde ik opeens vurig dat ik destijds in Londen beelden van deze wedstrijd had kunnen tonen. De mensen in het sportcafé hadden hun ogen niet geloofd. McClaren als de geestelijk vader van deze vlotte combinaties? Van deze doordachte positiewisselingen? Ik weet zeker dat na vijf minuten iemand het woord ‘totaalvoetbal’ had laten vallen. Engelsen verwijzen graag naar deze Nederlandse uitvinding. Ze beschouwen het ‘total football’ uit de jaren zeventig als een revolutie waarvan het spel nog steeds profiteert.

In de Kuip speelden de verdedigers van FC Twente de bal heen en weer met een zelfvertrouwen à la Ruud Krol. De centrumverdedigers stoomden een voor een op naar het front. De middenvelders liepen kriskras door elkaar en steeds hielden zij elkaar in het oog, zodat er geen gaten vielen. De briljante aanvaller Bryan Ruíz zwierf over het veld als een moderne versie van Rob Rensenbrink of Johan Cruijff: een slungel met opwaaiend haar, een fijne techniek en niet van de bal te krijgen. En door het team sloop iets aangenaam vulgairs, iets van de straat – Theo Janssen! – dat bij totaalvoetbal hoort. En dat alles mede dankzij Steve McClaren.

In de rust stond het 0-1, waar het eigenlijk al 0-3 had moeten staan. Twente ging aan zijn eigen arrogantie ten onder. Feyenoord won met 2-1 en mag naar de nationale bekerfinale. Daarom laat ik die beelden toch maar niet zien aan de Engelsen. Zo goed voetballen, te weinig scoren en dan door eigen toedoen verliezen: dat is wat Britten het Nederlandse complex noemen. Eerst moesten ze al zo lachen om het Nederlandse accent dat McClaren hier in zijn Engels stopte. En na het zien van Feyenoord-Twente zouden ze hem opnieuw bespotten als de man die speelt én verliest als een Hollander. Die lol gun ik de Engelsen niet. Want hun McClaren is Onze Steve geworden, een rare snuiter voor wie voetbal gelijk staat aan cultuur.