EU had blauwvintonijn kunnen redden

De EU heeft de nederlaag in Doha aan haar onhandige onderhandelen te danken, menen Bas Eickhout en Gerben-Jan Gerbrandy.

EU-landen moeten elkaar kunnen vertrouwen.

De blauwvintonijn, de tijger, de olifant, de haai en de ijsbeer: allemaal dieren die bediscussieerd werden in Doha de afgelopen twee weken. Daar vond de door de VN georganiseerde Cites-conferentie plaats over deze bedreigde diersoorten. Op de conferentie besluiten de lidstaten welke dieren, die door handel in hun voortbestaan worden bedreigd, beschermd moeten worden. Hoewel Europa de meest vooruitstrevende inzet had, waren wij getuige van het onvermogen van de Europese Unie om iets gedaan te krijgen.

De inzet van Europa op deze grote VN-conferentie is te prijzen. Europa was het enige continent dat de ‘eigen’ economisch interessante dieren wilde beschermen, zoals de blauwvintonijn. Bij andere landen ging het economische eigenbelang voor het redden van bedreigde diersoorten. Zo is Australië het in principe eens met een verbod op de handel in blauwvintonijn, maar stemde tegen het voorstel uit angst dat zijn eigen tonijn de volgende keer aan de beurt is. Telkens wanneer er grote economische belangen op het spel stonden, werden wetenschappelijke onderzoeken opzij geschoven. En daarmee vijf haaiensoorten en de blauwvintonijn.

Hoewel de EU haar best deed om met één stem te spreken, kwamen dezelfde kwalen opzetten als in Kopenhagen. Er wordt vooraf een mandaat afgesproken zonder enige flexibiliteit. Bij de onderhandelingen kunnen de EU-onderhandelaars vervolgens niet van dit mandaat afwijken zonder overleg met de 27 lidstaten. In Doha werd er elke dag ruim zes uur onderling overlegd. En ondertussen had Japan mooi de tijd om steun te ronselen bij andere landen.

Een van de belangrijkste discussiepunten in Doha was de blauwvintonijn, waarvan de bestanden de afgelopen dertig jaar met 85 procent zijn afgenomen. Het is zeer teleurstellend dat het handelsverbod op deze vissoort is afgewezen. Met wat tactiek, visie en leiderschap had de EU deze blunder kunnen voorkomen. Toen de EU nog druk aan het vergaderen was over haar eigen standpunt, reisde de Japanse minister al door Afrika en Latijns-Amerika om landen te overtuigen tegen een handelsverbod op de blauwvintonijn te stemmen. Het heeft de EU uiteindelijk drie maanden gekost om tot een complex standpunt te komen met een lange lijst van onbegrijpelijke voorwaarden. De EU-onderhandelaars zaten al in het vliegtuig naar Doha toen zij hoorden welke positie zij moesten verdedigen. Japan had intussen genoeg draagvlak gecreëerd voor zijn standpunt.

Welke lessen moet de EU trekken? Ten eerste, om richting te kunnen geven aan het debat, moet de EU eerder tot een standpunt komen. Je positie bekendmaken op de dag dat de conferentie begint, is geen goede strategie. Ten tweede moet er een breder onderhandelingsmandaat afgesproken worden. Dan hoeven de EU-onderhandelaars niet continu terug naar de tekentafels en kunnen beslissingen sneller genomen worden.

Ten derde moet de EU internationaal de boer op en niet alleen met interne processen bezig zijn. Als de EU wat vaker buiten haar grenzen zou kijken, dan kan zij allianties sluiten met gelijkgestemde landen. In Doha waren de VS en Europa nu apart aan het lobbyen voor het behoud van haaiensoorten in plaats van de krachten te bundelen. Ten vierde moet de EU met veel meer zelfvertrouwen en geloof in eigen krachten naar voren treden. We zijn de grootste economie in de wereld – en we hebben toch 27 stemmen tegenover slechts 1 stem voor China en 1 stem voor Japan.

Maar de belangrijkste les is dat de Europese landen elkaar moeten vertrouwen. Durf andere EU-landen met jouw standpunt de boer op te laten gaan. Nu wordt er nog te veel getwijfeld of bijvoorbeeld Spanje wel genoeg doet met het standpunt van een ander EU-land naar Spaanstalige landen. Geef de Europese Commissie en de andere EU-landen het vertrouwen om te onderhandelen zonder zelf met z’n zevenentwintigen bij elk gesprek te willen zitten.

Dit jaar staan er nog twee belangrijke VN-conferenties op het programma, de biodiversiteitstop in Nagoya en de klimaattop in Cancun, waar de EU de kans heeft om het beter te doen. Mooie idealen en naïef leiderschap zijn dan niet genoeg. Het wordt hoog tijd dat de EU spierballen toont.

Bas Eickhout (GroenLinks) en Gerben-Jan Gerbrandy (D66) zijn Europarlementariër en namen namens het Europees Parlement deel aan de Cites-conferentie.