Duel der pianisten

Alex van Galen: Duivelssonate. A.W. Bruna, 292 blz. € 17,95

Liefde en haat, genie en waanzin, manie en depressie, onschuld en schuld: de thriller is een geschikt medium voor dialectische vingeroefeningen. Alex van Galen benut deze aanpalende tegenpolen in een erg onderhoudende, romantische thriller over een pianoduel om de gunsten van een vrouw, van het publiek en misschien wel van de duivel zelve. De duellisten zijn Notovich en Valdin en hun wapens zijn de composities van Franz Liszt. De setting is fris hedendaags – Amsterdam in 2010 – maar het boek ademt een grondig 19de- eeuwse gestoordheid.

Het verhaal van Duivelssonate begint in Parijs, waar de stuurloze Nederlands-Russische pianovirtuoos Notovich een obsessieve liefde opvat voor het fatale meisje Senna. Die loopt op de een of ander manier uit de klauwen: Notovich’ bebloede handen worden door de politie van het klavier gelicht tijdens zijn uitverkochte uitvoering van de Transcendentale Etudes van Liszt. Politie noch Notovich komt erachter van wie het bloed is – Notovich lijdt aan ongeveinsd posttraumatisch geheugenverlies – maar Senna is spoorloos verdwenen.

De pianist wordt vrijgelaten wegens gebrek aan bewijs, neemt de wijk naar Amsterdam en zweert het klavier af. Zijn zus, impresario en psycholoog hebben zijn leven net weer op orde gebracht als Notovich een vrouw uit het Concertgebouw ziet rennen die, zo zweert hij, zo sprekend lijkt op Senna dat het haar zou kunnen zijn. Kort daarop wordt hij door ene Valdin, een even onbekend als geniaal Frans pianotalent, uitgedaagd tot een onbegrijpelijk duel.

Alex van Galen (De opvolger) gebruikt deze ambivalente situatie – is Notovich schuldig of niet? – als uitgangspunt voor een mysterie waarin alles en iedereen een dubbelganger heeft. De dode Senna weerspiegelt de levende Senna, Notovich weerspiegelt Valdin en hun duel weerspiegelt dat tussen de pianovirtuozen Liszt en Tahlberg, die vanaf 1836 in Parijs hun rivaliteit op het podium uitvochten. En de zeer 21ste- eeuwse roem die Liszt destijds ten deel viel, vindt ook een evenbeeld in de mediagekte rond ‘Noto’ en Valdin.

Naast een hommage aan Hitchcocks thriller Vertigo, waarvan Alex van Galen het dubbelganger-thema en de climax varieert, is Duivelssonate een ode aan het werk van Liszt, diens moeizame liefde voor Madame d’Agoult en het lot van grote kunstenaars wier genie in gekte kan verkeren.

Hoewel de zoektocht naar Liszts onbekende Duivelssonate een rol speelt, is dat meer een metafoor voor de Faustiaanse pacts die kunstenaars soms sluiten, dan een cruciaal document.

Duivelssonate is dus niet het zoveelste Da Vinci Code-derivaat, maar een goed geoliede Nederlandse thriller die zich afspeelt in de sferen van het heden en de Romantiek. Een prettig onorthodoxe combinatie waarmee schrijver Alex van Galen op gepast virtuoze wijze jongleert.