'Bezuinigen nu! Mits de kredietkraan openblijft'

De Britse econoom Charles Goodhart (73) over de crisis, de vergrijzing, de banken en het Internationaal Monetair Fonds.

Als er geen crisis was uitgebroken, was Charles Goodhart echt gaan genieten van zijn pensioen. „Maar deze crisis is te mooi om te verspillen, nietwaar?” Goodhart (73) mag als emeritus-hoogleraar aan de London School of Economics geen onderwijs meer geven, afgelopen zomer heeft hij zijn laatste promovendus begeleid. Maar rondreizen langs internationale conferenties of onderzoek doen mag hij wel. En nog aldoor wordt Goodhart, eind jaren negentig lid van het Monetair Comité van de Bank of England, dat in het Verenigd Koninkrijk over de rente beslist, geciteerd in kranten als de Financial Times.

Goodhart, op bezoek in Amsterdam, verontschuldigt zich voor zijn pessimisme, want, zo waarschuwt hij, „dit is niet een crisis die snel overgaat.” Hij vertelt over de meest indrukwekkende grafiek die hij in het afgelopen jaar heeft gezien, van hoofdeconoom Olivier Blanchard van het IMF vorig najaar op de jaarvergadering van het fonds in Istanbul. In die grafiek vergeleek Blanchard de gevolgen van de financiële crisis met die van de veranderende demografie voor de overheidsfinanciën. En wat bleek? „De vergrijzingskosten zijn tien keer zo hoog als de kosten om de financiële crisis te bestrijden,” zegt hij.

Alleen de financiële crisis bestrijden zou betrekkelijk eenvoudig moeten zijn, zegt hij. Je laat het tekort oplopen zolang de private sector tijd nodig heeft om zijn schulden te saneren. Als de crisis wegebt en de private sector zich herstelt, komen de overheidsfinanciën vanzelf weer meer in evenwicht. Maar dat is volgens hem deze keer niet zo. „Daarom moeten regeringen niet langer wachten met bezuinigingen aankondigen. ”

De crisis moet gebruikt worden om de verzorgingsstaat ingrijpend te hervormen?

„Ik ben bang dat het de enige weg is om die demografische tijdbom onschadelijk te maken.”

Veel regeringen aarzelen over de timing, wanneer moeten ze daarmee beginnen?

„Nu! Alles kost veel meer tijd dan mensen denken. Als je de pensioengerechtigde leeftijd gaat verhogen, kun je dat niet in één klap doen. Je kunt niet zeggen tegen iemand die morgen 65 wordt, dat hij nog even drie jaar extra moet gaan werken. Dat moet je faseren. En het duurt lang voor de economische gevolgen zichtbaar worden. Intussen moet je een actief monetair beleid voeren. De rente laag houden en via quantitative easing geld in de maatschappij blijven pompen.”

En als we dat niet doen?

„Dan vrees ik dat Europa Japan achterna gaat en de Europese economie voor lange tijd tot stilstand komt. Daarom is dat monetaire beleid nodig, want daarmee kun je het overheidstekort beheersbaar houden en ervoor zorgen dat banken geld blijven uitlenen aan consumenten en bedrijven. Het grote voordeel van monetair beleid bóven begrotingsbeleid is dat je het in één middag kunt omdraaien als de inflatiedruk te groot wordt. Begrotingsbeleid, of het nu gaat om belastingverhoging, salarisverlaging voor ambtenaren of minder overheidsinvesteringen, het kost altijd tijd.”

Dus centrale banken moeten niet nu al stoppen met verruiming van de geldhoeveelheid?

„Centrale bankiers zijn bezorgd dat overheidstimulering gecombineerd met een ruim monetair beleid zal leiden tot hele hoge inflatie. Maar die inflatie zal niet optreden als je duidelijk hebt gezegd hoe je het begrotingstekort zal verminderen. Krijg je door nu te gaan bezuinigen een nieuwe dip? Volgens mij krijg je die juist als je het monetaire beleid verkrapt en het begrotingstekort niet vermindert.”

Ziet u regeringen de juiste stappen zetten?

„Politieke omstandigheden maken dat erg moeilijk. Het Verenigd Koninkrijk kan na de verkiezingen in mei een hung Parliament krijgen, waarin geen enkele partij een meerderheid heeft. Als één partij weer aan de macht komt, maak ik me geen zorgen. Maar anders kunnen geloofwaardige maatregelen uitblijven. In zekere zin hebben de Verenigde Staten al zo’n verdeeld parlement, en dat baart me zelfs meer zorgen. Er is eensgezindheid in het Congres dat het Amerikaanse begrotingstekort omlaag moet, maar de Republikeinen accepteren geen belastingverhogingen en de Democraten geen bezuinigingen op de publieke uitgaven. Ze vechten elkaar de tent uit. Daardoor zal er niets gebeuren.”

Moet het Verenigd Koninkrijk met een begrotingstekort bijna even hoog als dat van Griekenland het IMF inschakelen?

„Ja, als wij een zwakke regering krijgen die niet in staat is maatregelen te treffen die de financiële markten geloofwaardig vinden. In dat geval zou de Britse regering (net als in 1976 gebeurde) hulp aan het IMF kunnen vragen om maatregelen door te voeren waarvan ze weet dan die wenselijk zijn maar waarvoor ze het IMF de schuld kan geven.”

Zetten regeringen intussen de juiste stappen om het risico dat banken nemen te beperken?

„Sinds president Obama in januari een voorstel heeft gedaan voor een heffing voor banken, is het vrijwel zeker dat zo’n belasting er gaat komen. Zie ook het voorstel in die richting van de Britse premier Gordon Brown. Ik hoop dat zo’ n heffing gekoppeld zal zijn aan het risico dat een bank neemt en niet aan haar grootte. Ik ben me ervan bewust dat niemand het risico dat een bank neemt goed kan meten en zo’n heffing nooit helemaal correct kan zijn, maar dat is altijd nog beter dan een heffing alleen maar naar grootte van de bank.”

Blijven banken niet te groot, zodat overheden ze altijd moeten komen redden?

„We moeten oppassen dat we grote banken niet alleen als too big to fail zien. Banken als Citigroup of Bank of America zijn ook too big to manage. Veel mensen denken ten onrechte dat een van de oorzaken van deze crisis is dat banken hele grote risico’s namen, omdat ze wisten dat de overheden ze toch wel zouden helpen als het mis zou gaan. Maar de topbestuurders van die banken begrepen zelf niet welke risico’s er binnen hun organisatie werden genomen, ze stonden er te ver vandaan. Ze hadden de kennis en expertise niet om te zien wat er op hun eigen werkvloer gebeurde.

„Niet overheden behoren daar iets aan doen, maar de raden van commissarissen en de aandeelhouders. Zij moeten eisen dat banken zich opdelen in stukken die makkelijker te managen zijn. Voor topbestuurders is er een enorme prikkel om te fuseren en andere banken over te nemen, omdat ze een groot persoon met een nog groter salaris denken te worden als ze een grote organisatie leiden. Ook al weten we dat bijna alle fusies waarde vernietigen. Maar er bestaat geen prikkel om je organisatie kleiner te maken,”

Zullen nieuwe kapitaaleisen voor banken helpen?

„In een onderzoek is de kapitaalspositie van banken die zijn omgevallen vergeleken met die van banken die relatief goed de crisis hebben doorstaan. Er was nauwelijks een verschil. Ik zie vooral veel in nieuwe liquiditeitseisen. Die waren er begin jaren zestig toen ik als econoom begon ook al. Kapitaalseisen bestonden toen nog niet. Maar dat is omgedraaid. De liquiditeitseis van 30 procent van veertig jaar geleden was bij Northern Rock gezakt naar 1 procent. Ongelooflijk. Die bank werd in 2008 dan ook genationaliseerd. Het idee was dat als je maar solvabel was, je altijd wel geld kon lenen zoveel als je nodig had. ”

Ziet u iets in de Volcker Rule om banken te verbieden om nog voor eigen rekening en risico op de financiële markten te handelen?

„Die regel zal niet werken. Het is onmogelijk een onderscheid te maken tussen handelsposities die de bank voor eigen risico neemt en die ze voor haar klanten neemt. En dan kom je nergens. Ja, de bank zelf kan zover gaan dat ze geen handel meer doet. Maar de posities blijven gewoon bestaan, alleen dan bij een andere instelling in het systeem.”

Kan het probleem dat Volcker wil aanpakken dan op een andere manier aangepakt worden?

„Toch met kapitaalseisen, samen met die liquiditeitseisen. Het Basels Comité [dat voorstellen doet voor regulering van de banken] verdrievoudigt de kapitaalseisen voor producten waarin de bank wil handelen. Als je dat zou koppelen aan liquiditeitseisen en aan risicogerelateerde heffingen, krijg je een iets veiliger bankensysteem.”

Dank u voor dit weinig opbeurende gesprek.

„Och, het is altijd makkelijk om pessimistisch te zijn. Maar je kunt nooit voorspellen welke innovaties er nog komen, welke nieuwe ideeën en welke technologieën die nieuwe investeringen voortbrengen. Zoals we met de internetrevolutie hebben gezien. Alleen kunnen die innovaties het demografische probleem nooit oplossen. Jongeren zullen dus meer ouderen moeten ondersteunen. En meer mensen moeten zo lang blijven doorwerken als ik doe.”