Speuren naar de laatste daders

Officier van justitie Ulrich Maass deed het proces tegen SS’er Heinrich Boere. De zaak staat niet op zich: er lopen nog circa twintig andere onderzoeken naar oorlogsmisdadigers.

Hij gaat deze zomer met pensioen, maar voor hoofdofficier van justitie Ulrich Maass zijn de laatste maanden van zijn werkzame leven de drukste sinds tijden. Maass leidt de Zentralstelle für Nazi-Massenverbrechen in Dortmund en was verantwoordelijk voor de vervolging van de Nederlandse SS’er Heinrich Boere, die gisteren in Aken tot levenslang werd veroordeeld voor de moord op drie onschuldige Nederlandse burgers in 1944.

Maass is verheugd over de uitspraak van de rechtbank. In het vonnis werden passages uit zijn slotpleidooi letterlijk overgenomen. Maass zegt: „De tijd dat een oorlogsmisdadiger zich in Duitsland kon vrijpleiten met het argument dat hij slechts bevelen opvolgde, is gelukkig echt voorbij.”

Op dit moment lopen er in Dortmund nog zo’n twintig onderzoeken naar andere mogelijke oorlogsmisdadigers. Tegen de in Duisburg woonachtige Adolf S. diende Maass in november vorig jaar een aanklacht in. S. zou in de laatste dagen van de oorlog betrokken zijn geweest bij het doodschieten van joodse dwangarbeiders in Oostenrijk. Hij werd opgespoord door een Oostenrijkse geschiedenisstudent, die zijn naam gewoon aantrof in het telefoonboek. Medici moeten nu beslissen of S. in staat is een proces te doorstaan.

Momenteel werkt Maass „onder hoge druk” aan een onderzoek naar Samuel K., woonachtig in de buurt van Bonn. K. werd eind vorig jaar als getuige gehoord in het proces tegen John Demjanjuk in München. Hij maakte net als Demjanjuk deel uit van de Trawniki’s, ex-krijgsgevangenen uit het Rode Leger die door de Duitsers voor het vuile werk in de concentratiekampen werden gebruikt. Hoewel hij in het verleden een aantal keer door justitie is ondervraagd, is het nooit tot een vervolging van K. gekomen.

K. diende in het concentratiekamp Belzec in Polen en zou daarom medeverantwoordelijk kunnen zijn voor de dood van 430.000 mensen. Maass: „We zijn nu druk bezig om deze zaak rond te krijgen. Daarvoor moeten we ook onderzoek doen in het buitenland, dus het kost veel tijd. Maar ik hoop dat we dit jaar nog een aanklacht tegen K. kunnen indienen.”

Als Maass besluit iemand voor oorlogsmisdaden te vervolgen, verschijnt hij met een flink aantal mensen voor de deur van de verdachte. „Ik heb mijn collega Andreas Brendel bij me, vijf beambten van de politie en een medisch team. De dokter houdt in de gaten of de verdachte in staat is een verhoor te doorstaan.”

Zo’n verhoor kan soms dagen in beslag nemen, zegt Maass. „Maar het kan ook heel snel afgelopen zijn. Boere wenste bijvoorbeeld helemaal niet op de aanklacht te reageren.”

Het Simon Wiesenthal Center in Jeruzalem publiceert jaarlijks een lijst met de top-10 van meest gezochte nazimisdadigers. Op de meest recente lijst staat Boere op plaats 6. Eén plaats voor hem staat de Nederlander Klaas Faber, die woont in de Beierse plaats Ingolstadt. Faber is na de oorlog ter dood veroordeeld. Hij was net als Boere lid van het SS-moordcommando Feldmeijer en maakte deel uit van het executiepeloton van kamp Westerbork. Zijn straf werd omgezet naar levenslang, waarna hij in 1952 met een aantal andere oorlogsmisdadigers uit de Koepelgevangenis in Breda wist te ontsnappen en naar Duitsland te vluchtten. Daar is hij sindsdien ongemoeid gelaten door justitie.

Maass deed onderzoek naar de misdaden van Faber, maar kon niet tot vervolging overgaan. „Ik ben verantwoordelijk voor de zaken in Nordrhein-Westfalen. Mijn collega’s in Beieren beslissen zelf wie ze wensen te vervolgen. Als hij in mijn Bundesland had gewoond, had ik hem graag vervolgd.”

Drie jaar geleden heeft Maass zijn dossier over Faber naar München gestuurd, maar daar is besloten geen zaak tegen de Nederlander te beginnen.

Een woordvoerder van het Openbaar Ministerie laat vanochtend desgevraagd weten dat het oordeel in Aken aan die overweging niets verandert.

Eerder artikel over proces Boere op nrc.nl/binnenland