Hongaren recyclen hun kooldioxide

Als het over emissiehandel gaat, wordt het vanzelf ingewikkeld. Dus laat ik proberen dit geval (hier en hier het nieuws) eenvoudig uit te leggen, al was het maar om te zien of ik het zelf wel begrijp. Er was eens een land, Hongarije. Dat ontving lang geleden, net als andere geïndustrialiseerde landen, een grote hoeveelheid

Hongaarse staatssecretaris van Milieu Istvan Kling (links)op een EU-bijeenkomst in Sevilla. (Foto AFP)Hongaarse staatssecretaris van Milieu Istvan Kling (links)op een EU-bijeenkomst in Sevilla. (Foto AFP)

Als het over emissiehandel gaat, wordt het vanzelf ingewikkeld. Dus laat ik proberen dit geval (hier en hier het nieuws) eenvoudig uit te leggen, al was het maar om te zien of ik het zelf wel begrijp.

Er was eens een land, Hongarije. Dat ontving lang geleden, net als andere geïndustrialiseerde landen, een grote hoeveelheid Assigned Amount Units (AAU’s) in het kader van het Kyoto-protocol. Daarmee was vastgelegd hoeveel CO2 het land mocht uitstoten. Deed het land goed zijn best dan hield het AAU’s over, die het kon verkopen aan andere landen.

Hongarije leed zwaar onder de economische crisis in de jaren negentig van de vorige eeuw. En hoefde dus niet eens zijn best te doen om met stapels AAU’s te blijven zitten. Samen met andere voormalige Oostblok-landen vertegenwoordigden die net zoveel CO2 als een land als Oostenrijk in een jaar uitstoot. De EU besloot daarom dat die resterende AAU’s niet zomaar op de markt konden worden gebracht anders zou de emissiehandel volledig worden ontregeld.

Maar Hongarije liet het er niet bij zitten. Het gebruikte de AAU’s om andere, waardevollere emissiecertificaten te kopen, de zogeheten Certified Emission Reductions of CER’s. Die waren ooit door Hongaarse bedrijven gekocht, of via projecten in ontwikkelingslanden bemachtigd, om aan de eigen verplichtingen te voldoen. CER’s zijn meer waard dan de AAU’s.

Maar zo’n CER mag binnen het Europese emissiehandelssysteem maar één keer worden ingezet. Voor het bedrijf dat ze bezit zijn ze dus verder onbruikbaar. De Hongaarse regering bedacht een truc die, zo leek het, voor iedereen iets opleverde. Het land kocht CER’s van Hongaarse bedrijven met de eigen AAU’s – dat mag. En het verkocht de CER’s via een aantal tussenhandelaars aan partijen buiten Europa – dat mag ook.

Zo gingen de certificaten langs een aantal schimmige partijen (Businessweek volgt de ontwikkelingen op de voet: hier, hier en hier) : via Hungarian Energy Power, naar een in Cyprus geregistreerd maar in Groot-Brittannië gevestigd bedrijf Microdyne en vervolgens naar een handelaar in Hongkong. Die bood ze uiteindelijk toch weer via Bluenext, de Europese emissiebeurs, te koop aan. Zonder erbij te vertellen dat deze gerecyclede CER’s voor Europese bedrijven waardeloos zijn. Bluenext zag zich genoodzaakt de handel korte tijd stil te leggen.

Hongarije speelt de beledigde onschuld. Het dacht dat de CER’s bij Japanse bedrijven terecht zouden komen, die moeite hebben om aan hun Kyoto-verplichtingen te voldoen. Tussenhandelaren hebben er een paar miljoen aan verdiend en het klimaat, zo dat al had gekund, is er helemaal niks mee opgeschoten.