Hoera! Nog steeds de hoogste

Morgen viert Rotterdam dat de Euromast, ‘het uitroepteken van de stad’, vijftig jaar bestaat.

Bij toenmalig burgemeester André van der Louw stak Rotterdams trots ooit als een totempaal uit zijn gulp. Met een stevige knoop erin. Dat was 1980, op een spotprent die buurtbewoners hadden laten maken uit protest tegen de komst van seksboten aan de Parkkade. Geen hoerenkast bij de Euromast! luidde de begeleidende tekst.

Morgen viert de hoogste toeristische uitkijktoren van Nederland (185 meter) zijn vijftigste verjaardag. In plaats van de destijds gevreesde erosboten ligt tegenwoordig een brave pannenkoekenboot tegenover de Euromast. Maar dat mag de pret niet drukken. De verjaardag wordt opgeluisterd met onder meer een speciale postzegel, een jubileumboek en een tentoonstelling in het Schielandshuis. Verder krijgt ‘het uitroepteken van de stad’ morgen alsnog de status van rijksmonument; het jongste en tevens het hoogste van Nederland. Wie bovenop het dek van het ‘kraaiennest’ staat, op 104 meter hoogte, heeft een majestueus uitzicht over zowel stad als haven. Bij helder weer reikt het panorama tot wel dertig kilometer. Den Haag is dan binnen bereik. Het idee voor een uitzichttoren ontstond medio jaren vijftig, toen Rotterdam opkrabbelde na de oorlog. Geestelijk vader was Jac. Kleiboer, die al meerdere manifestaties (Ahoy’ en E55) in de stad had georganiseerd. Rotterdam had behoefte aan „een object met blijvende waarde”, luidde zijn boodschap. De internationale tuinbouwtentoonstelling Floriade (1960) bood de stad een uitgelezen kans om deze toeristische trekpleister toe te voegen. Dat beeldbepalende bouwwerk kwam er, ondanks bedenkingen van de Rotterdamse gemeenteraad. Voor een bedrag van 4,8 miljoen gulden, volledig opgehoest door particuliere ondernemers, en naar een ontwerp van architect Hugh Maaskant (1907-1977). Hij hield de hoogte bewust bescheiden. Honderd meter was hoog genoeg. Auto’s, fietsers en wandelaars moesten herkenbaar blijven vanuit de lucht. Maaskant hechtte bovendien aan veiligheid. „Als moeder het eng vindt, dan gaat het hele gezin niet naar boven.”

Toch was het Maaskants collega Jaap Bakema (1914-1981), bekend van onder meer de Lijnbaan, die aanvankelijk de voorkeur genoot. Zijn ontwerp bestond uit vier uitzichtplatforms op verschillende hoogten. Maar dat voorstel moest het uiteindelijk afleggen tegen ‘het tijdloze ontwerp zonder modieuze vormtoepassingen’ van Maaskant. Dat de Euromast nog bestaat, mag een klein wonder heten. Na hoopgevende bezoekersaantallen in de eerste jaren nam de belangstelling voor ‘het hoogtepunt van Rotterdams doorzettingsvermogen’ gaandeweg af. De stad schoot vanaf het einde jaren zestig de lucht in en daarmee verloor de uitkijkpost zijn glans. Elders in Nederland werden bovendien andere attracties geopend. Door een verlenging – een stalen schacht met lift – werd het hoogterecord in 1970 heroverd: 185 meter. Het afgelopen jaar trok de Euromast zo’n 250.000 bezoekers. Om de volgende vijftig jaar te overleven, blijven ‘innovatieve ingrepen’ nodig, zegt eigenaar Willem Tieleman. Zoals in 2004 gebeurde, toen zijn broer en hij ‘de dorre paal’ een opknapbeurt gaven en onder meer verrijkten met twee suites. „Ons motto was toen ‘alles verandert behalve het uitzicht’. Dat blijft de leidraad, om te voorkomen dat de mast wegzakt in het zand.”