Britten boos op Israël, maar met mate

De Britse regering leest Israël de les over mogelijk misbruik van de identiteit van een aantal Britten. Het gebeurt niet voor het eerst.

Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken geeft reizigers naar Israël sinds gisteren een ongebruikelijk advies. „We bevelen aan dat u uw paspoort alleen aan derden, Israëlische functionarissen incluis, overhandigt wanneer dat absoluut noodzakelijk is”, aldus de website van het ministerie. De reden? Voor de reiziger het weet kan zijn identiteit worden gestolen voor oneigenlijke doeleinden.

Dit overkwam onlangs twaalf niets vermoedende Britten, die in Israël verbleven. Met vervalste paspoorten, die op hun naam stonden, verschaften onbekenden zich toegang tot Dubai. Daar waren ze in januari waarschijnlijk betrokken bij de liquidatie van Mahmoud al-Mabhouh, een leider van de Palestijnse organisatie Hamas.

De Britten wezen gisteren een Israëlische diplomaat uit. Het is voor het eerst sinds 1988 dat Londen zoiets doet. Toen werd het hoofd van de Londense Mossad, de Israëlische geheime dienst, uitgezet. Volgens minister van Buitenlandse Zaken David Miliband zijn er „dwingende redenen” om aan te nemen dat Israël verantwoordelijk was voor het misbruik van de Britse paspoorten. Hij noemde het „onverdraaglijk” dat Israël zo omspringt met een bevriende natie. De kwestie zet de toch al verslechterde verhouding tussen beide landen verder onder druk.

Tussen Israël en Groot-Brittannië bestaan al een paar jaar spanningen, met name over het nederzettingenbeleid en de Gaza-oorlog. Onlangs adviseerde de regering supermarkten op etiketten aan te geven of voedingsmiddelen uit de bezette Westelijke Jordaanoever van Palestijnse herkomst zijn of uit Israëlische nederzettingen komen. Na de Gaza-oorlog van vorige winter, waarbij circa 1.400 Palestijnen en dertien Israëliërs omkwamen, zegden de Britten een militaire deal af. In december annuleerde de voormalige Israëlische minister van Buitenlandse Zaken, Tzipi Livni, een reis naar Londen. Daar lag namens Britse mensenrechtenadvocaten een arrestatiebevel klaar vanwege Livni’s rol in de Gaza-oorlog.

De advocaten hoopten Livni in Groot-Brittannië vervolgd te krijgen wegens oorlogsmisdaden. Kort daarop besloten ook de leden van een Israëlische militaire delegatie een reis naar Londen af te zeggen, omdat de Britse regering niet kon garanderen dat zij niet gearresteerd zouden worden. Premier Gordon Brown verzekerde vorige week dat zijn regering werkt aan nieuwe regels, die de arrestatie van politici als Livni onmogelijk moeten maken.

De ironie wilde dat de uitwijzing gebeurde op de dag dat de Israëliërs feestelijk hun verbouwde ambassade in Londen wilden inwijden in aanwezigheid van Miliband. In plaats daarvan eiste de minister in het Lagerhuis garanties van zijn Israëlische collega Avigdor Lieberman dat Israël dit soort dingen in de toekomst niet meer doet. De Israëliërs zegden dat na een soortgelijke affaire in 1987 ook al toe.

Hoewel Miliband gisteren geen geheim maakte van zijn woede, was voor de goede verstaander ook duidelijk dat de Britten er geen halszaak van maken. Het gaat bij de uitwijzing slechts om een ondergeschikte diplomaat – naar verluidt het hoofd van de Mossad-activiteiten in Londen, niet om ambassadeur Ron Proser. Bovendien beperkte Milibands woede zich tot de vervalsing van de paspoorten, op de pijnlijker vraag van Israëlische medeplichtigheid aan de moord ging hij niet in.

In Israël komt de uitwijzing hard aan. De landen hebben historisch nauwe banden. Het waren de Britten die in 1917 in de Balfour-verklaring het recht op een joodse staat in hun Mandaatgebied erkenden. Na de Tweede Wereldoorlog en vlak voor de stichting van de staat Israël werd er bloedig gevochten door het Britse leger en joodse militante groepen.

De extreemrechtse parlementariër Arieh Eldad rakelde de gevoelige geschiedenis gisteren nog eens op, en zei onder meer: „De Britten zijn honden.” Volgens minister Lieberman hebben de Britten „geen enkel bewijs” dat Israël achter de moord zat, en de paspoorten heeft vervalst – al twijfelt ook in Israël vrijwel geen veiligheidsexpert daaraan.