Boudewijn wilde Filip als koning van België

Volgende maand wordt hij vijftig jaar, de Belgische kroonprins Filip. Als het aan zijn oom had gelegen, de in 1993 overleden koning Boudewijn, dan had hij al op de troon gezeten. In tegenstelling tot wat vaak wordt aangenomen, had Boudewijn namelijk aanwijzingen gegeven voor zijn opvolging.

„Hij heeft duidelijk gezegd dat hij wilde dat Filip hem opvolgde.” Dat zegt Jean-Luc Dehaene, die premier was toen Boudewijn overleed, vandaag in De Standaard en La Libre Belgique. De twee kranten publiceren deze week samen een serie verhalen over het Belgische koningshuis.

Boudewijn, die zeer geliefd was in België, overleed plotseling in 1993 nadat hij 42 jaar koning was geweest. Hij had zelf geen kinderen. Zijn broer Albert (nu 75), die hem opvolgde, wel. Veel politici dachten destijds dat Alberts zoon Filip de nieuwe koning zou worden. Boudewijn wilde dat ook, vertelt Dehaene nu. „Maar even duidelijk was dat hij dacht dat hij zeker nog zes of zeven jaar te gaan had als koning.” Dehaene wijst erop dat Albert volgens de grondwet de eerste in lijn was om koning te worden. Albert had zich daarom moeten terugtrekken, ten gunste van zijn zoon, en dat deed hij niet.

In België wordt al jaren met enige zorg uitgekeken naar het moment waarop Filip alsnog op de troon komt. Critici vinden hem houterig en onhandig. In de Vlaamse pers wordt hij vaak aangevallen omdat zijn Nederlands wat te wensen overlaat. Zijn belangrijkste taak als kroonprins heeft hij wel al vervuld: hij heeft gezorgd voor nageslacht. Filip heeft vier kinderen.