Ook in de lucht één Europa

Europa kan met veel minder luchtverkeersleiders ook goed functioneren in de lucht.

Die verkeersleiders willen hun baan houden en regeringen willen geen macht kwijt.

Op tientallen grootformaat beeldschermen in het Maastricht Upper Area Control Centre bewegen groen oplichtende blokjes tegen een zwarte achtergrond langzaam in alle richtingen. Het zijn de icoontjes van echte vliegtuigen die op hun reis worden begeleid door luchtverkeersleiders. Kris van Ingelgom (28) heeft vandaag met een collega de Holstein-sector in het noorden van Duitsland onder zijn hoede. Hij tuurt aandachtig op zijn scherm. „Het is een inspannende en verantwoordelijke baan”, zegt hij, „we moeten regelmatig pauzes nemen”.

Eurocontrol, de organisatie voor luchtverkeersleiding, erkent de zwaarte van het werk, maar vindt dat er te veel en te goed betaalde luchtverkeersleiders in Europa zijn. Het Europese luchtverkeer kan veel efficiënter en goedkoper worden georganiseerd, vindt Eurocontrol, dat streeft naar een zogeheten Single European Sky. Als eerste stap moeten de luchtruimen van de Benelux, Duitsland, Frankrijk en Zwitserland worden samengevoegd onder de naam Fabec (Functional Airspace Bloc Europe Central).

Dat plan stuit op fel verzet van luchtverkeersleiders, met name in Frankrijk, omdat er veel arbeidsplaatsen op het spel staan. Vorige maand legden Franse verkeersleiders het werk voor vier dagen neer. Er ontstond chaos door het grote aantal geannuleerde vluchten. Eurocontrol blijft bij zijn Fabec-plan, dat in 2012 zou moeten zijn ingevoerd. De Franse bonden van luchtverkeersleiders hebben nieuwe acties aangekondigd. Behalve de zekerheid dat ze hun werk behouden eisen ze behoud van hun status als ambtenaar. Die garantie heeft de Franse regering al gegeven, maar de luchtverkeersleiders hebben daar geen vertrouwen in.

Eurocontrol, dat 38 leden heeft, waaronder 25 EU-lidstaten voelt zich zich gegijzeld, zegt Bo Redeborn, directeur netwerken. „Verkeersleiders zijn machtig. Stakingen kosten zoveel geld, dat het bijna goedkoper is om overbodige verkeersleiders in dienst te houden”, betoogt Redeborn. De Verenigde Staten zijn voor Eurocontrol het grote voorbeeld. In de VS is twee keer zoveel luchtverkeer als in Europa, terwijl er slechts 20 luchtverkeerscentra zijn met 15.000 ‘controllers’. In Europa zijn 66 centra met zo’n 50.000 personeelsleden, onder wie 16.000 verkeersleiders. Redeborn schat dat Europa aan 10 tot 15 grotere centra genoeg zou hebben, wat zou neerkomen op een reductie van het personeelsbestand van 30 tot 40 procent.

Marc Baumgartner, voorzitter van de internationale federatie van bonden voor luchtverkeersleiders verdedigt zijn leden. „Onze mensen willen erkenning en zekerheid. Ze weten niet waar de situatie naar toe gaat met één Europees luchtruim.” Baumgartner betwist dat er te veel verkeersleiders zijn. „In sommige centra zijn er op piekuren zelfs te weinig.”

Ook bij regeringen is er weerstand tegen de ‘Single European Sky’. Ze zijn bang hun soevereiniteit te verliezen, angst die voortkomt uit oude sentimenten. Hoewel landen als Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië al 65 jaar onderling geen oorlog meer voeren, houden ze liever vast aan het nationale recht vliegtuigen tot hun eigen luchtruim toe te staan dan wel te weigeren. Ook hebben veel landen afzonderlijke militaire ‘fly zones’ die midden in gebieden voor de burgerluchtvaart liggen.

Volgens Pablo Mendes de Leon, hoogleraar luchtvaartrecht aan de universiteit van Leiden, staat de soevereiniteit niet ter discussie. „Alle lidstaten van Eurocontrol behouden soevereiniteit over hun luchtruim. Dat is vastgelegd in het Verdrag van Chicago van 1944. Eurocontrol heeft nooit soevereiniteit bezeten en zal die ook niet verwerven, net zo min als – voorlopig in ieder geval – de EU.”

Mendes de Leon denkt dat grotere efficiëntie in het Europese luchtruim niettemin mogelijk en noodzakelijk is. „Lidstaten kunnen heel goed afspraken maken zonder dat aan het soevereiniteitsbeginsel wordt getornd. Alleen moet duidelijk worden vastgelegd welk land en welke provider van de luchtverkeersleiding over welke sector gaat.”