Mengvorm van Europa en IMF

Koortsachtig wordt in Brussel gewerkt aan een Grieks hulpplan waar alle Europese lidstaten in hun eigen land mee voor de dag kunnen komen. Een typisch Europees compromis dus.

De kans stijgt dat het Internationaal Monetair Fonds toch een rol krijgt bij een Europese reddingsactie voor Griekenland. Of de details van zo’n hulppakket eind deze week op een top van Europese regeringsleiders bekend worden gemaakt, blijft twijfelachtig.

Politici zijn verwoed bezig een oplossing te zoeken voor het Griekse schuldprobleem, dat het management van de eurozone op de proef stelt. Velen gaan ervan uit dat dit een mix wordt van IMF-betrokkenheid en bilaterale leningen van eurolanden. Voorzitter Jean-Claude Trichet van de Europese Centrale Bank hintte gisteren in het Europees parlement erop dat hij Griekse staatsobligaties met een lagere kredietbeoordeling misschien toch als onderpand blijft accepteren. Ook dat zou Griekenland lucht geven.

De Griekse regering heeft geen geld nodig. Maar de torenhoge rentes die het op staatsleningen betaalt, moeten snel omlaag – anders kan het eind april, als het nieuwe leningen moet afsluiten, wel in de problemen komen. Deze rentes zullen onmiddellijk dalen zodra andere eurolanden tonen dat zij Griekenland zonodig financieel willen steunen. Als het ECB-loket ook openblijft, daalt het risico voor beleggers die Griekse staatsobligaties kopen. Ook dat drukt de rente.

Dit lijkt een simpel, technisch mechanisme. Maar omdat het om geld gaat dat – hypothetisch – van het ene land naar het andere moet, is dit politiek dynamiet. De belofte van bilaterale leningen is waarschijnlijk genoeg om Griekenland uit de klauwen van speculanten te halen, die grof verdienen aan de Europese besluiteloosheid. Daarbij kan een land dat commerciële leningen aan Griekenland verstrekt hoge rentes vragen. Toch hebben eurolanden als Duitsland en ook Nederland, potentieel verstrekkers van deze leningen, problemen met de publieke opinie.

Aanvankelijk wilde vrijwel geen euroland, behalve Nederland, het IMF erbij halen. De Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble sloot IMF-betrokkenheid uit omdat „eurolanden hun eigen problemen moeten oplossen”. Maar, zegt een diplomaat, „als Schäuble het in Berlijn voor het zeggen had, was Griekenland allang uit de problemen”. De minister werd vorige week teruggefloten door bondskanselier Angela Merkel. Zij vreest rechtszaken, omdat het Europese verdrag hulpacties verbiedt. Ook willen Duitse burgers de Grieken niet voor wangedrag belonen. Dus vond Merkel plotseling dat het „IMF een optie is waarnaar we moeten kijken”.

Daarmee is de discussie over een oplossing voor het Griekse probleem, die in januari stilletjes begon, terug bij af. Maar dat is ook weer een begin. Frankrijk, Spanje en Italië willen om diverse redenen het IMF weren. Maar iedereen weet: zonder Duitsland gebeurt er in Europa niets. Dus hinten politici al dagen op een mengvorm van Europese en IMF-betrokkenheid. Details geven zij niet. Politici en bestuurders reizen nu af en aan – Trichet van de ECB, de Luxemburgse premier Juncker, IMF-topman Dominique Strauss-Kahn, de Griekse premier George Papandreou – maar er lekt vooralsnog vrijwel niets uit.

Wel zijn er aanwijzingen. Juncker zei gisteren dat hulp van IMF én EU „best mogelijk” is. Volgens de Franse minister Bernard Kouchner ligt dit inderdaad „op tafel”. De invloedrijke denktank Bruegel bracht gisteren haastig een rapportje uit waarin stond dat het Europees Verdrag géén „assistentie” in de vorm van leningen aan eurolanden verbiedt. Bruegel bepleit nu gezamenlijke actie van IMF en EU als de beste vorm van crisismanagement in de eurozone, ook voor de toekomst. Voorwaarde is dat „eisen die het IMF [aan landen] stelt moeten stroken met regels van de eurozone”. Geen monetaire eisen, kortom.

Kennelijk is hier een typisch Europees compromis in de maak, waarbij alle partijen kunnen zeggen dat zíj kregen wat ze wilden. Duitsland en Nederland kunnen de dominante rol van het IMF benadrukken, terwijl tegenstanders kunnen zeggen dat dit een Europese operatie is met „technisch bijrolletje” voor het IMF. En terwijl de regeringsleiders hun versie aan het thuisfront verkopen, kan de Griekse rente gaan dalen.