Goldman moet bonussen matigen

Goldman Sachs doet normaal gesproken niet zo veel verkeerd. Maar de zakenbank heeft een vergissing begaan door in het eerste half jaar van 2009 een reservering te maken voor bonussen ter hoogte van 49 procent van de winst. Goldman is de leider van de Wall Street-clan, en heeft de kans in dit kwartaal een voorbeeld te stellen.

Vorig jaar leidden de hoge reserveringen voor bonussen in de hele banksector – in een tijd dat de meeste gewone mensen onder een recessie leden die gedeeltelijk was veroorzaakt door excessen van bankiers – tot een hevige reactie. In Groot-Brittannië werd een speciale belasting ingevoerd, en in de Verenigde Staten werden diverse heffingen voorgesteld. Uiteindelijk hielden de meeste banken de bonussen binnen de perken. In het geval van Goldman bedroeg de feitelijke uitkering over heel 2009 slechts 36 procent van de winst.

Of Goldman voorbestemd is haar fout te herhalen zal volgende maand duidelijker worden, als de firma haar resultaten over het eerste kwartaal publiceert. Als opnieuw ongeveer de helft van de winst opzij wordt gelegd, kunnen concurrenten het gevoel krijgen dat ze ook op hoge uitkeringen moeten aansturen. Dat zou waarschijnlijk weer veel tumult veroorzaken – en nog meer ingrepen van politici en toezichthouders.

Eén van Goldmans leidende beginselen is hebzucht op lange termijn. Met het oog daarop is het verstandig op korte termijn zelfbeheersing te tonen. Een redelijke opstelling is wellicht om in het eerste kwartaal hetzelfde percentage van de winst voor bonussen te reserveren als wat in 2009 feitelijk is betaald, te weten 36 procent. Dat is nog steeds véél vanuit het gezichtspunt van de Amerikaanse Jan Modaal – de gemiddelde bonus per werknemer bedroeg vorig jaar zo’n 500.000 dollar – maar ten opzichte van de historische norm is het aan de lage kant.

Om haar werknemers niet tegen de haren in te strijken en concurrenten ertoe aan te zetten haar voorbeeld te volgen, zou Goldman erop kunnen wijzen dat financiële firma’s hebben geprofiteerd van de overheidssteun en dat de economie nog kwetsbaar is. De bank zou zich kunnen beschermen tegen het risico dat staf wordt weggelokt door concurrenten door te zeggen er bij de vaststelling van de bonusreservering van te zijn uitgegaan dat andere banken zich eveneens zouden inhouden. Goldman zou zich expliciet het recht kunnen voorbehouden méér opzij te zetten in volgende kwartalen, als de rest Wall Street niet volgt.

Zo’n benadering zou Goldman een paar broodnodige vrienden kunnen opleveren. Het zou ook betekenen dat haar pogingen het debat over de toekomst van de sector te beïnvloeden niet worden afgedaan als lobby uit eigenbelang.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com