En hoe moet Lucia de B. dan rehabiliteren?

In de zaak-Lucia de B. eist het Openbaar Ministerie nu vrijspraak wegens gebrek aan bewijs (NRC Handelsblad, 17 maart). Het OM stelde niet dat Lucia onschuldig is, maar dat we nooit zullen weten of zij een moordenaar is. Volgens advocaat-generaal Rijkers „blijft de waarheid soms buiten ons bereik”. Het hoofdredactioneel commentaar van 18 maart zegt dat deze uitspraak juridisch correct is. Ik betwijfel dat. De taak van het OM is immers waarheidsvinding. Tijdens de zitting bleek dat alle pijlers onder het bewijs zijn weggeslagen. Er zijn veel aanwijzingen die juist duiden op Lucia’s onschuld. Bijvoorbeeld: de deskundige Meulenbelt gaf tijdens de zitting aan dat de door hem onderzochte sterfgevallen en reanimaties geen van alle ook maar enigszins verdacht waren. Er waren niet vaker incidenten op Lucia’s afdeling in de periode dat zij er werkte, dan in de periode daarvoor en daarna. Alle sterfgevallen zijn in eerste instantie als natuurlijk aangemerkt, en pas achteraf, soms jaren later, ineens als onnatuurlijk bestempeld. Waarheidsvinding had dan toch tot de conclusie moeten leiden dat er noch moorden, noch pogingen daartoe hebben plaatsgevonden. In het commentaar staat: „Lucia [kan] alleen buiten de rechtszaal worden gerehabiliteerd.” Maar hoe kan van rehabilitatie sprake zijn als het OM ondanks alles blijft beweren dat we de waarheid nooit zullen weten?

Prof. dr. Peter Grünwald

Bood in november 2007 samen met prof. Richard Gill de petitie aan waarin verzocht werd tot heropening van de zaak-Lucia de B.