Yeasayer nieuwe stijl mist het avontuur

Pop Yeasayer, 20/3 Paradiso ***

Zanger Chris Keating kon er niet over uit, hoe leuk het was om in het kleine bovenzaaltje van Paradiso te spelen. Toen was Yeasayer de voorbode van een lichting popgroepen uit Brooklyn, die oosterse en Afrikaanse invloeden in hun veelkleurige muziek verwerkten.

2,5 jaar later vult Yeasayer de grote zaal en die schaalvergroting vraagt om een andere aanpak. Tussen het debuutalbum All Hour Cymbals uit 2007 en het recente Odd Blood vond de groep zichzelf opnieuw uit, in die zin dat de muziek elektronischer en rechtlijniger werd. Het experimentele randje bleef behouden, maar op het podium zijn de swingende muziekzigeuners van toen veranderd in een strak hi tech-gezelschap.

Samplers, toetsenborden en drumpads maken nu de dienst uit. Voor liefhebbers van de oude sound was het even slikken hoe hard, dof en rigide Yeasayer geworden is. In een helverlicht decor speelden ze bijna uitsluitend materiaal van het nieuwe album. Zang ging verloren in galm, subtiliteit in volume. Die enkele keer dat het wat losser mocht, in het door een dampende afrobeat gedomineerde Wait for the summer, was de betovering er meteen ook weer.

Yeasayer nieuwe stijl heeft onverminderd sterke songs als O.N.E. en Madder red, die het meer moeten hebben van de precisie in hun ritmische structuur dan van dynamisch spel en wisselwerking op het podium. Het lijkt alsof de groep het avontuur heeft ingewisseld voor de zekerheid dat het op de grote rockpodia met een maximum aan slagkracht de zaal in kan worden geslingerd. Het publiek werd er door suf geslagen.