Punttieten en petticoats

Trash &Treasures is een feest annex garage-sale voor ‘vintage’ kleren en spullen.

Hoe kan het dat tweedehands hip werd, en dat ook blijft?

Eva Wolf (31) wurmt zich in een blauw linnen tuniekje. „Ik zit klem”, piept ze wanneer het ding halverwege haar borst blijft steken. Toch eerst haar zwarte T-shirt uit – midden op de dansvloer. Want dat is het concept van deze avond. De Amsterdamse Club Up en de aangrenzende Sociëteit de Kring aan staan vol met kledingrekken.

Trash & Treasures heet deze avond waarop gedanst, gedronken én gewinkeld kan worden. Zelf noemt de organisatie het een garage sale. Er zijn voor deze editie ontwerpers uit Antwerpen opgetrommeld, er staan verkopers uit de Amsterdamse winkelbuurt de Negen Straatjes en er zijn mensen met hun eigen overvolle kledingkast. Het publiek is jong, hooggehakt, draagt zware zwarte brilmonturen, hier en daar een snor, felgekleurde gympen en shirts met prints. Dit is hip Amsterdam. En hip Amsterdam draagt tweedehands.

Herstel, hip Amsterdam draagt vintage. En dat is iets heel anders, vinden mensen die zich dagelijks met vintage kleding bezighouden. Het woord heeft een dubbele betekenis en staat zowel voor ‘oorspronkelijk’ als voor ‘van hoge kwaliteit’. Laura Dols, al dertig jaar eigenaar van de beroemde vintagekledingwinkel in Amsterdam die haar naam draagt, omschrijft het zo: „Voor mij is vintage: kleding waaraan je kunt zien dat het uit een specifieke ‘époque’ komt.” Ook betekent vintage niet per se dat iemand anders het al aan heeft gehad: er bestaat ook new old stock, ongedragen vintage die al die jaren op een plank heeft gelegen.

Omdat het al ongeveer een decennium in is om vintage kleding te combineren met nieuw, hebben grote modeketens lookalike vintagekledingstukken in de rekken hangen. „Laatst had ik twee meisjes van een jaar of veertien in mijn winkel”, vertelt Dols. „Ze vroegen of dit nu vintage kleding was. Ik zei trots: ja, allemaal jaren vijftig uit de Verenigde Staten. Toen zeiden ze tegen elkaar: kom, dit soort vintage kunnen we veel goedkoper bij H&M krijgen.”

Uit die spraakverwarring blijkt wel dat het begrip vintage aan erosie onderhevig is. Aanvankelijk betekende het gewoon ‘antiek’, maar halverwege de jaren negentig werd het woord in Nederland voor het eerst gebruikt voor kwaliteitskledingstukken van minstens twintig jaar oud. Eind jaren negentig begonnen stylisten vintage kleding te gebruiken voor reportages in modebladen, waarna de massa langzaam volgde en het begrip steeds meer werd verward met ‘retro’.

„Een jaar of drie geleden was de hype op zijn hoogtepunt, en kon ik de stukken bijna niet aanslepen”, aldus Dols. „Inmiddels is het weer iets rustiger.” Toch weet ze zeker dat vintage altijd in trek zal blijven. „Omdat het relatief goedkoop is voor de kwaliteit die je krijgt. De filosofie van vintage is volgens mij toch: je voor weinig geld uniek aankleden.”

Dat is niet de enige reden dat de bezoekers van Trash & Treasures nog altijd gretig speuren naar een mooie vondst. Volgens Anneke Smelik, professor visuele cultuur aan de Radboud Universiteit Nijmegen, past de blijvende aantrekkingskracht van vintage kleding in een trend die ook in de rest van de cultuur gedragen wordt: het recyclen van het verleden. „We noemen dit ook wel de memory boom of de geheugencrisis, en je ziet het behalve in de mode ook bijvoorbeeld in films en televisieseries gebeuren”, constateert ze.

Nostalgie is volgens Smelik onderdeel van de postmoderne samenleving: om nog iets te vinden wat vernieuwend is, graaf je in het verleden. „Die consumptieve omgang met het verleden is wel één grote grabbelton. Mensen pikken er alleen de dingen uit die zij mooi vinden. Een kledingstuk uit de fifties, iets uit de sixties. Vintage komt ook steeds dichterbij. Inmiddels heten kleren uit de jaren tachtig ook al vintage.”

Toch blijven onder vintageliefhebbers en verzamelaars de stukken uit de jaren veertig, vijftig en zestig het meest in trek. Laura Dols haalt haar kleding vooral uit de VS. De mode was daar toentertijd veel uitbundiger dan in het naoorlogse Europa. „Ze gingen in Amerika uit hun dak met kleuren en waanzinnige bloemenprints. Kokerrokken, punttieten, petticoats. En zo mooi gemaakt.”

Dat is ook precies de reden waarom Dols niet verwacht dat kleding van nu over twintig jaar ook als vintage gekocht en gedragen wordt. „Wat nu gemaakt wordt is van belabberde kwaliteit.” Goede vintage zal dus steeds schaarser worden, denkt ze. „Ik zoek altijd kleding voor de winkel in grote loodsen. Je moet nu door enorme bergen shit heen voor je iets moois vindt.”

In Sociëteit de Kring wordt vanavond ook flink gegraaid in kledingbakken. Terwijl de dj Ace of Base met The Sign (1993) draait, drinken een paar verdwaalde sociëteitleden tegen de bar gedrukt hun bier. De dansvloer is vanavond van de vrouwen. Stylist Iris van Wijhe – die met een rek kleding op Trash and Treasures staat – hoopt volledig uit te verkopen. „Mijn huis slibt dicht.” Avonden als deze lopen meestal goed, vertelt ze. „Mensen zoeken iets unieks. Verlangen naar iets dat heel lang meegaat.”

Volgens professor Smelik hebben we misschien wel heimwee naar een tijd die er nooit geweest. „Zo geweldig waren de jaren vijftig misschien niet.”

De komende editie van Trash en Treasures vindt vrijdag plaats in Tivoli aan de Oude Gracht in Utrecht. Kijk voor meer info op: http://trash-treasures.blogspot.com/