Job Cohen weet niets van economie

Van wie moet Cohen bijles economie krijgen? Hij schijnt weinig van dat vak te weten. Hij had ’t vroeger wel op de middelbare school, maar daar is alleen van beklijfd dat debet links is, en credit rechts. Of was het toch omgekeerd? Met zoveel twijfel kan hij als premier natuurlijk nooit een financiële crisis aan, laat staan de 29 miljard waarvoor we als volk ergens – bij wie eigenlijk? – rood staan.

Toen journalistiek nog journalistiek was, zou elke zichzelf respecterende krant de jongste bediende van de economieredactie tegen het vallen van de avond naar de burgemeesterswoning aan de Amsterdamse Herengracht hebben gestuurd met de opdracht te noteren welke economen daar in het donker hadden aangebeld en vervolgens een beetje sneaky naar binnen waren gegaan.

Zo’n jongen zou uiteraard eerst de foto’s van alle in Nederland levende economen hebben moeten bestuderen – zoals politieagenten altijd de afbeeldingen van alle Nederlandse criminelen op zak dragen, en kakkerlakken (Amsterdams scheldwoord voor Marokkaanse taxichauffeurs) het hele Amsterdamse stratenboek uit hun hoofd moeten leren.

Bij wie bleek Cohen z’n licht op te steken? Bij Peter Paul de Vries of bij professor Heertje? Bij Willem Middelkoop of bij Sweder van Wijnbergen? Dat maakt uiteraard verschil. Behelpt hij zich ter voorbereiding van z’n hoge functie met amateurs die Pauw & Witteman plat lopen, of is hij bereid in de nog resterende paar maanden serieus college te lopen?

Maar we komen het niet te weten, want je krijgt een jonge journalist ’s avonds met geen stok meer naar de Herengracht. Journalistiek is geen journalistiek meer.

Wat ervoor in de plaats is gekomen hoorde ik gisteren in Buitenhof uit de mond van twee heren die in discussie waren met hoofdredactrice Donker van NRC Handelsblad. De twee waren het roerend met elkaar eens dat nieuws er voor een (papieren) krant steeds minder toe doet – het gaat om duiding, achtergrond en verdieping. Je zou het niet zeggen na de zes pagina’s huilebalkenproza waarmee het AD vorige week Nederlands kampioen rouw werd inzake Milly Boele. Birgit Donker bracht voorzichtig de vraag aan de orde wat je precies kon duiden, verdiepen of van achtergrond voorzien, als je niet eerst had gehoord wat er was gebeurd. Maar de moderator kon (vanwege het schaatsen) helaas niet luisteren.

Over onze nieuwe minister-president (mogelijk) lees je alleen maar geduide, achtergrondelijke en diepzinnige praatjes – genre Paul Scheffer, zal ik maar zeggen, die elk van z’n alinea’s altijd rustig kan verwisselen, en elk van z’n zinnen kan omdraaien, want bijna niemand zal het merken.

Omdat geen journalist meer wil kijken welke econoom op de Herengracht aanbelde (ervaren debaters, een deskundige van de moslimziel en kenners van de woningmarkt zouden voor de voormalige burgemeester misschien ook geen overbodige luxe zijn geweest), moeten alle duidingen en verdiepingen over Cohen met vraagtekens in de krant. Piekt Cohen niet te vroeg? Kunnen we de integratie aan Cohen overlaten? Kan Cohen de boel bij elkaar houden? Moet Cohen de boel niet eerst bij elkaar brengen? Zijn 33 zetels niet een beetje overdreven voor een Partij van de Arbeid onder Cohen? Hoe duur wordt onder Cohen een tunnel van Roodeschool naar Breskens? Waar staat Cohen in een oorlog met de islam?

Al die vragen nodigen uit tot borrelpraat De twee mannen uit Buitenhof gaven wel hoog op van telkens verrassender weblogs op internet, maar waar gaan die dan over? Zit er wel eens een opzienbarende roman tussen? Of de samenstelling van een poeder tegen lymfenkanker? Of het onweerlegbare bewijs dat prins Bernhard zelf het tweede kabinet-Den Uyl verhinderde?

Misschien zoek ik verkeerd, maar ik heb tot dusver nergens een feitelijk antwoord gevonden op de toch tamelijk simpele vraag door wie Job Cohen economisch een beetje wordt bijgespijkerd.