Doorbraak in Amerika

Het was een beetje tegen zijn natuur in. Maar president Obama heeft nu eens niet op consensus gekoerst maar machtspolitiek bedreven. Met succes. Vannacht heeft het Huis van Afgevaardigden met een nipte meerderheid van 219 tegen 212 ingestemd met een hervorming van het zorgstelsel. Via een procedurele truc willen de Democraten de wetswijziging nu ook snel door de Senaat loodsen.

Als de wet van kracht wordt, zal de overgrote meerderheid van de Amerikaanse bevolking verplicht tegen ziektekosten zijn verzekerd. Omgekeerd kunnen de zorgverzekeraars niet meer mensen weigeren en willekeurig premies verhogen. Dit systeem lijkt, in de verte, op het Nederlandse zorgstelsel.

Of dat in de praktijk ook zo uitpakt, zal moeten blijken. Verzekeraars en medici kunnen het nieuwe stelsel saboteren. Maar de stemming in het Huis heeft hoe dan ook betekenis. Na een eeuw discussie is er een doorbraak bereikt.

Obama heeft bovendien weer politieke lucht. Tot gisteren piepte en kraakte zijn presidentschap. Veel beloften kwamen maar niet uit. De rechtsstatelijke schande van Guantánamo Bay zou worden uitgewist. De pacificatie van Afghanistan zou met voorrang en voortvarend worden aangepakt. Maar zijn belangrijkste campagnepunt was toch het zorgstelsel. Als Obama de stemming vannacht had verloren, was zijn presidentschap al na een jaar zo goed als geknakt. Dat gevaar is kantje boord afgewend.

Het verzet tegen zijn plannen was fanatiek. Voor Europeanen is dat raar. Vormen van solidariteit en collectivisme in de zorg zijn in Europa al sinds de Duitse ijzeren kanselier Bismarck (1862-1890) gemeengoed. Maar in Amerika is de individuele vrijheid om zich al dan niet in te dekken tegen ziektekosten een dogma. Dat dit heeft geleid tot het duurste zorgstelsel ter wereld, deert niet. Niet alleen Republikeinen maar ook Democraten houden vast aan het leerstuk dat de Staat in de zorg geen rol moet willen spelen.

Sinds de mislukte hervormingspoging van Clinton in de jaren negentig is het thema nog diepgaander gepolitiseerd. Immateriële disputen over abortus hebben het debat verder belast. Vandaar dat Obama gisteren op de valreep toezegde dat er geen belastinggeld naar abortus zal gaan. Daarmee trok hij de laatste weifelende Democraten over de streep.

Dat was een aanwijzing dat de zogeheten culture wars nog steeds niet voorbij zijn. Sterker, Republikeinen hebben afgelopen jaar hun verzet tegen een nieuw zorgstelsel tot nieuwe hoogte opgeschroefd. De grotendeels Republikeinse beweging van tea parties probeerde het beeld te schetsen dat er met Obama nu een socialist in het Witte Huis zit.

De Republikeinen hebben het verloren. Maar dat zal er waarschijnlijk niet toe leiden dat ze eieren voor hun geld gaan kiezen en nu op andere beleidsterreinen wel op compromissen zullen aansturen. In de zeven maanden tot de tussentijdse Congresverkiezingen in november zal er nog veel olie op het vuur worden gegooid. Dit politiek culturele schisma in Amerika is niet voorbij. Maar Obama heeft het wel een slag toegebracht. En dat is een positieve wending.