Waar vuur is

De Amerikaanse oud-generaal John Sheenan weet het zeker: de val van Srebrenica kwam door de homo’s in het Nederlandse leger. Tijdens een hoorzitting in de Amerikaanse hoofdstad Washington over het plan van president Obama om ook onverbloemde homo’s toe te laten, pareerde hij: „Het Nederlandse leger laat ook homo’s toe, en u weet wat er in Srebrenica is gebeurd.” Volgens de militair zou de toenmalige chef-staf van de Nederlandse strijdkrachten dat ook aan hem hebben toegegeven. Gevraagd naar een naam kwam Sheenan met een niet-bestaande figuur op de proppen.

Het doet het ook niet toe. De homo’s in het Nederlandse leger in 1995 zijn een instrument, een stok om een hond te slaan. Sheenan is tegen homo’s in het leger en iedere suggestieve verdachtmaking is geoorloofd. In het collectieve geheugen is het beeld blijven hangen dat de Nederlandse militairen zich tegenover generaal Mladic hebben gedragen als watjes – en dan is de stap naar homo’s niet zo groot meer. Het argument dient de emotie. Waar vuur is, is rook. Heel veel ondoorzichtige rook.

Het is gemakkelijker dan ooit om stemming te maken. De vader van de hedendaagse propaganda, Joseph Goebbels, zei dat wanneer je een leugen vaak genoeg herhaalde, die vanzelf geloofwaardig werd. Dat was de twintigste eeuw. Tegenwoordig herhalen leugens en verdraaiingen zichzelf, ze hoeven alleen maar aan te sluiten bij wat je toch al vindt. De leugen van generaal Sheenan appelleert aan een emotionele logica, niet alleen bij mensen die geen homo’s in het leger willen, maar ook bij mensen die misschien helemaal niet tegen homo’s zijn, maar wel tegen Obama. Het plan om de gezondheidszorg te hervormen, dreigt op dezelfde manier getorpedeerd te worden.

Er wordt in de actualiteitenrubrieken op de Nederlands televisie hoofdschuddend gereageerd op die Amerikaanse neiging om zich aan stemmingen over te geven, maar het is hier niet anders. Je positie bepaalt je argumenten, niet andersom. De aanhangers van de PVV in Den Haag zagen de PvdA als het grootste kwaad dat de samenleving bedreigt, maar nu de partij van de vijand toch de grootste is geworden, wordt er schande van gesproken dat de PvdA geen reden ziet tot gezamenlijke collegevorming. Dat zou een rasechte PVV’er helemaal niet moeten willen. In Almere is het precies andersom: daar voelt de PvdA, die in Den Haag de PVV op haar programma afwijst, zich afgewezen door de winnaar PVV, die niet serieus de onderhandelingen zou zijn ingegaan. Als er logica in zit, ik zie hem niet.

Kampioen van emotionele logica is Ayaan Hirsi Ali. Ik ken niemand die er zo goed in slaagt argumenten bij een emotie te vinden – steeds weer andere. In een opiniestuk in deze krant schreef ze vorige week dat Geert Wilders goed was voor Nederland, omdat anders boze autochtone Nederlanders het recht in eigen hand zouden nemen en radicale moslimgroeperingen te lijf zouden gaan. Radicale moslimgroeperingen – voor je ze te lijf kunt gaan, moet je ze wel eerst even vinden. Toen ik een paar jaar geleden in New York voor een zaal studenten met haar discussieerde en haar de uitspraken van Wilders over de tsunami van moslims voorhield, nam ze afstand van hem door te zeggen dat het maar „om één man” ging – waar maakte ik me druk om? Nu is Wilders juist goed voor Nederland. Moslims hoeven het geloof niet meer te verlaten, maar dan moeten ze terreur en de sharia afschaffen – alsof die nu dagelijkse kost van de Nederlandse moslim vormt. En na jaren van een stug beleden atheïsme, na jaren van verbeten Verlichtingsretoriek over de mens die durft te denken, zijn het nu juist de christenen die een beschavingsmissie wordt toegekend: zij kunnen moslims bekeren tot een vriendelijke god. Moet je het allemaal blijven volgen, vraag je je wel eens af.

De inconsequenties van Hirsi Ali zijn symptomatisch. Gaat het over terrorismebestrijding, dan moeten mensen niet zo soft zeuren over hun recht op privacy – ik heb immers niks te verbergen! Gaat het over rekeningrijden, dan is het kastje in de auto ineens een slinkse aantasting van je privacy – geen stasikastje in mijn auto!

Dat rekeningrijden is alweer van de baan. Het CDA-Kamerlid Koopmans, bericht de Volkskrant van 19 maart, was de hele tijd voor, maar nu ineens tegen. Met alleen aanleggen van nieuwe wegen, zegt hij, los je het fileprobleem niet op: „Alleen het woord kilometerheffing wil ik niet meer horen.” Maar welk woord dan wel?

Zo maakt de politiek zichzelf onmogelijk, met hulp van de mondige burger. Een groots plan om een groot probleem aan te pakken wordt vakkundig afgeschoten zonder zinnig alternatief – de emotie dicteert dat de overheid de burger niet moet dwarsbomen. Nu alle kosten en moeite voor niets geweest zijn, overheerst de emotie weer dat het de politiek aan leiderschap ontbreekt, dat een politiek niet in staat is wezenlijke kwesties het hoofd te bieden. De burger wil leiders, de burger wil niet geleid worden. Geert Wilders zegt dat alles onderhandelbaar is, de PVV wil niet onderhandelen. Zo zal het nog een hele tijd doorgaan: de politiek wil daadkracht tonen en kondigt een grootscheepse vernieuwing en hervorming aan, een koor van kritiek stijgt op, het verzet wordt gemobiliseerd, en de hele boel afgeblazen of vooruitgeschoven tot in de eeuwigheid. We staan voor grote keuzes, is de mantra van de gevestigde politiek in verkiezingstijd. Zolang de logica van de emotie regeert, worden vooral kleine keuzes gemaakt.

Historisch is wat dat betreft de afscheidsspeech van Wouter Bos. Mijn mond viel open: in een paar gedreven volzinnen schetste hij een land dat voor reusachtige uitdagingen staat, dat meer dan ooit daadkrachtige en bevlogen bestuurders nodig heeft – en in de volgende zin kondigde hij aan voor zijn gezin te kiezen. Het geklep over een „moedige keuze” dat daarna in de media volgde, trok de discussie helemaal naar de emotie – mag een man voor zijn gezin kiezen? Maar daar ging het helemaal niet om. De kwestie is: waarom kiest Wouter Bos niet voor de politiek? Zoals hij het bracht, was het volkomen onlogisch – je kunt niet én een appèl doen op de noodzaak van politiek leiderschap, omdat het water ons aan de lippen staat, én meteen daarop zeggen dat je het bijltje erbij neergooit omdat je je gezin belangrijker vindt. Dat zijn twee emoties die elkaar tegenspreken. Daardoor werd zijn afscheid een verraad van de politiek.

Reageren kan op nrc.nl/heijne (Reacties worden openbaar na beoordeling door de redactie.)