Wouter is een watje

Het is wat cru dat Wouter Bos en Camiel Eurlings nu tot ‘vaandeldragers’ van de emancipatie worden uitgeroepen (de Volkskrant, 13 maart). Het kabinet waar beiden deel van uitmaakten dreigde ooit van start te gaan met een regeerakkoord waar wel een dierenparagraaf in stond, maar waar met geen woord gerept werd over emancipatie. Dat hadden de heren destijds in Beetsterzwaag, waar ook al geen vrouw mocht aanzitten, zo bekokstoofd. Alleen omdat Wouter door de vrouwen in de PvdA-fractie werd teruggestuurd naar de onderhandelingstafel is er uiteindelijk toch een emancipatieparagraaf, of iets wat daar op lijkt, in het regeerakkoord gekomen.

Als Wouter al die jaren zo heeft geworsteld om zijn verantwoordelijkheden als vader van piepjonge kinderen te combineren met zijn verantwoordelijkheden als minister van Financiën, vice-premier en partijleider, hoe is het dan mogelijk dat het kabinet waar hij ruim drie jaar deel van uitmaakte helemaal niets heeft gedaan om de combinatie van zorg en arbeid voor vaders gemakkelijker te maken? Met de publicatie van de Emancipatienota in 2007 werd dat laatste zelfs expliciet kabinetsbeleid. Drie weken geleden heeft de PvdA-fractie in de Tweede Kamer nota bene nog tegen het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks voor uitbreiding van het bevallingsverlof voor vaders gestemd.

Zou Wouter nooit van ‘het persoonlijke is politiek’ hebben gehoord? Of heeft hij dat juist wel, en verklaart dát zijn onwil om de exorbitante bonussen van bankiers en andere ondernemingsbestuurders aan te pakken? Wouter Bos heeft als minister van Financiën letterlijk geen enkele wettelijke maatregel (nul, zero, nada, noppes) op zijn naam staan die de bestuurdersbeloningen zou kunnen beteugelen. Andere ministers van Financiën, zoals die in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, hebben dat wel. Wouter heeft het zelfs gepresteerd om het aan de kamerleden Tang (PvdA) en Irrgang (SP) over te laten om een stokje te steken voor de zogeheten Rijkman Groenink-bonus, waarbij de bestuurder verdient aan de overname waarover hijzelf onderhandelt.

Het verschil tussen Kant en Bos is niet meer dan drie opiniepeilingen van Maurice de Hond. Terwijl Kant manmoedig de volle verantwoordelijkheid op zich nam voor de nederlaag die de SP bij de gemeenteraadsverkiezingen had geleden (minus 56 raadszetels), nam Wouter Bos een week later afscheid als ‘de toekomstig premier van Nederland’. Dat zijn partij bij de gemeenteraadsverkiezingen kort daarvoor maar liefst 674 raadszetels had verloren, eenderde van het aantal dat in 2006 was behaald, en bij de verkiezingen voor het Europees Parlement slechts drie zetels scoorde tegenover vijf voor de PVV, werd door de o zo loyale partijgenoten gemakshalve genegeerd.

Zijn alle politieke commentatoren, die zo in katzwijm liggen omdat Wouter zegt meer tijd met zijn kinderen door te willen brengen, nu al vergeten dat de omslag voor de PvdA in de peilingen pas kwam nadat PvdA-fractievoorzitter Mariëtte Hamer eigenhandig premier Balkenende dwong op zijn schreden terug te keren na de presentatie van het rapport van de commissie-Davids? Wouter Bos had vooraf domweg ingestemd met de verklaring van de premier, zo bleek tijdens het nachtelijk spoeddebat in de Tweede Kamer dat de dag na de presentatie van Davids volgde. Dat is overigens dezelfde Mariëtte Hamer die een half jaar geleden door vriend en vijand werd verguisd toen de PvdA in de peilingen van De Hond dertien zetels scoorde. Succes kent kennelijk louter vaders.

Als Wouter een vent was geweest zou hij vorige week hebben gezegd dat hij er niet voor voelde om straks weer vier jaar lang vanuit de Kamerbanken te moeten opereren. Dat het, als het dit voorjaar op een krachtmeting met Jan Peter Balkenende aan zou komen, nog maar zeer de vraag was of de PvdA onder zijn leiding op 9 juni als grootste uit de bus zou komen. Dat lijkt mij het belangrijkste motief voor Wouter om het bijltje er plotsklaps bij neer te gooien. Zei Wouter niet zelf dat zijn besluit om de politiek te verlaten moeilijker was geworden nu de kans op een overwinning in juni groter was geworden?

Hij had na de verkiezingen in 2006 overigens ook in de Tweede Kamer kunnen blijven zitten zoals VVD-leider Bolkestein dat destijds deed, hetgeen ongetwijfeld minder arbeidsintensief was geweest – maar dit terzijde.

Begrijp me niet verkeerd. Ik ben als geen ander zo blij dat we verlost zijn van het visieloze leiderschap van Wouter Bos. Met Job Cohen als lijsttrekker van de PvdA lijkt het er bovendien op dat Nederland een landelijke verkiezingszege van de PVV naar het voorbeeld van Almere bespaard zal blijven. Toen ik Nederland twaalf jaar geleden verliet was het een optimistisch en relatief ruimdenkend land. Van Ayaan Hirsi Ali en Geert Wilders had nog nooit iemand gehoord. De eerste pleit er in haar verlichtingsdrang nu voor om moslims te hersenspoelen, een methode die sinds Pol Pot en Mao uit zwang is geraakt, en de laatste om tientallen miljoenen moslims uit Europa te deporteren.

Het zou mooi zijn als het Job Cohen, anders dan Wouter Bos, wel lukt om de boel in het land een beetje bij elkaar te houden.

Reageren kan op nrc.nl/mees (Reacties worden openbaar na beoordeling door de redactie.)