Samples uit Amsterdam... ...zweet uit New York

Muzikanten hoeven niet meer samen te spelen om een cd te kunnen maken. Elisabeth Esselink, Jon Spencer en Christina Martinez deden het toch: „Als je nooit samen in een oefenhok hebt gezeten, ontbreekt het band-gevoel.”

Elisabeth Esselink gaat naast me zitten en schenkt een kop thee in. Tegenover ons zitten zanger/gitarist Jon Spencer en zijn vrouw, zangeres Cristina Martinez. Ze nemen een slok koffie en excuseren zich voor hun slaperige voorkomen. In Amsterdam is het twee uur ’s middags; in New York is het acht uur ’s ochtends. We spreken en zien elkaar, dankzij chatprogramma Skype, op het computerscherm.

Van Esselink (alias Solex), Martinez en Spencer verscheen onlangs de cd Amsterdam Throwdown, Kingstreet Showdown!. Een deel van de samenwerking tussen de drie muzikanten had plaats in een Amsterdamse studio, een deel verliep via de computer. Muziekbestanden werden eindeloos heen en weer gestuurd: partijen die Esselink in Amsterdam had samengesteld, werden door het echtpaar in New York verder uitgewerkt en weer digitaal verzonden; overleg ging via e-mail.

Zo vonden twee uitersten elkaar: Esselink/Solex is sinds twaalf jaar pionier op het gebied van nauwkeurig puzzelen met samples; Spencer staat bekend als de wildeman van de rockmuziek. De zwartharige zanger, die het uiterlijk van een filmster combineert met de vocale voordracht van een weerwolf, werd twintig jaar geleden populair als voorman van de Jon Spencer Blues Explosion, en speelt sinds 2005 in het vuige rockabilly-duo Heavy Trash. Zijn vrouw Cristina Martinez zat ooit met Spencer in de roemruchte punkrock-bands Pussy Galore en Boss Hog, waar ze soms naakt optrad, en werkt sinds de geboorte van hun zoon, tien jaar geleden, als grafisch ontwerper.

Voor Esselink en Spencer was de digitale samenwerking de oplossing voor het maken van een cd zonder groot budget. Het gepingpong tussen New York en Amsterdam heeft een uitzonderlijk resultaat opgeleverd. In de popmuziek is samenwerking tegenwoordig het toverwoord. Dankzij de simpele digitale media kan iedereen waar ook ter wereld een opname maken, hem versturen en laten samenvoegen met die van een ander. Dat leidt tot onverwachte combinaties van muzikale stijlen: zo kwam Lou Reed onlangs terecht op een cd van het Britse elektronische gezelschap Gorillaz, doet zanger Tunde Adebimpe van TV On The Radio mee op de cd van Massive Attack en leende Jon Spencer zijn stem via de post aan de nieuwe Britse elektro-popband Japanese Popstars. Maar hoe eclectisch ook, het resultaat is niet altijd geslaagd: zo klinkt een krakerige Lou Reed nogal verloren tussen de elektronische reggae van Gorillaz. En de recente cd’s van Groove Armada en Massive Attack zijn door de overdaad aan gastbijdragen meer zoekplaatjes dan autonome werkstukken.

Bij Esselink en Spencer pakt het wel goed uit. De wilde stijl van de Amerikanen een subtiele Solex-bedding van korte blazersuitbarstingen, loungy suisgeluiden en fragiel klinkende ritmetracks. De muziek walst van soul naar funk naar primitieve oerrock. Maar de stijlen krijgen nooit de kans zich nadrukkelijk te manifesteren; voor je het weet is er weer een nieuw segment aangebroken. Dit is gedeconstrueerde popmuziek, waar de door Solex gemanipuleerde blazers-, viool- en gitaarsamples aan elkaar werden gekit met het zweet van een New Yorks rockechtpaar.

Anders dan veel samenwerkingen die tegenwoordig via digitale media tot stand komen, is voor Amsterdam Throwdown... eerst een gezamenlijke basis gelegd. Op de vraag of Solex’ werkwijze voor hem nieuw was, zegt Spencer: „Het heen en weer sturen van muziekbestanden ben ik inmiddels gewend. Nieuw voor mij was juist de eerste fase, toen we met zijn drieën in de studio aan het improviseren waren.” Het werk begon in 2006, in Solex’ studio in Amsterdam, met een vier dagen durende jamsessie. Martinez: „Jon had vrij tijdens een Europese tournee, ik vloog over uit New York, en we sloten ons op in de kelder van Elisabeth.” Spencer: „Elisabeth had al een verzameling fragmenten klaar, waar wij op konden reageren. We luisterden naar haar ideeën en zongen het eerste wat in ons op kwam.” Martinez: „Voor ons was het een soort vakantie: in Amsterdam, eindelijk weer eens samen muziek maken.” Spencer: „En ik mocht eindelijk weer elektrische gitaar spelen, in plaats van altijd maar akoestisch, zoals in mijn eigen band.”

Na die spontane creatieve uitbarsting volgde een lange periode van schiften. Spencer: „Sommige improvisaties uit Amsterdam konden we direct gebruiken, andere waren wartaal. Daar moesten we iets zinnigers voor bedenken.” Net als in zijn eigen liedjes, uit Spencer zich op deze cd in cartoonachtige beelden, waarin apen en honden een hoofdrol spelen. Een van de hoogtepunten is het nummer ‘Aapie’ waarin Martinez verzucht: ‘There’s no sense in getting primitive, I like the way you walk upright’ en Spencer op jaloerse toon de nadelen van een inwonende aap opsomt.

Dat Amsterdam Throwdown, Kingstreet Showdown! een organisch geheel is geworden, komt door de basis die destijds in haar studio door het drietal werd gelegd, zegt Esselink. „Daarvoor waren die vier dagen precies goed: lang genoeg om een richting te bedenken en te kort om je aan elkaar te gaan ergeren.” Jon Spencer zegt dat een puur digitale samenwerking hem niet bevalt: „Als je nooit samen in een oefenhok hebt gezeten, ontbreekt het band-gevoel. Dat soort romantiek wil ik niet missen.” Volgens Spencer en Esselink was deze omslachtige aanpak mogelijk doordat ze al ‘een carrière achter de rug hebben’. „Bij het werken via internet moet je elkaar meer ruimte geven dan in een ouderwetse band-situatie”, zegt Esselink. „Kleine beslissingen kun je via telefoon of e-mail nemen, bijvoorbeeld of een stem harder of zachter moet, of over de klank van een drumpartij. Maar echte egokwesties moet je uit je hoofd laten, want je hebt nu eenmaal niet de mogelijkheid om het even uit te proberen in de oefenruimte.” Spencer: „Dat hadden we toen we jong waren niet gekund. Bovendien waren we toen sowieso te ongeduldig om ergens lang aan te werken.”

Vier jaar duurde het voordat de cd uitkwam. Dat kwam door de werkwijze, maar ook doordat er een platenmaatschappij moest worden gezocht. Een platenmaatschappij bereid vinden om een cd uit te brengen, is tegenwoordig zoiets als ijsschots springen. Net toen Esselink bij een vorige kandidaat een contract wilde afsluiten, ging het bedrijf failliet. Uiteindelijk tekende ze vorig jaar bij het Britse label Bronzerat Records, dat de cd nu wereldwijd uitbrengt. De reacties zijn enthousiast. Van de Britse krant The Independent tot het Amerikaanse tijdschrift Spin roemt men de verrassende combinatie van New Yorkse stekeligheid en Amsterdamse precisie. Uiteindelijk is Amsterdam Throwdown, Kingstreet Showdown! niet de viering van de techniek, maar van het muzikale avontuur en de ongecensureerde samenwerking.

Amsterdam Throwdown, Kingstreet Showdown! is nu uit bij Bronzerat/ Munich Records. Inl. bronzerat.com