Lust, jaloezie, haat en verraad bij migranten

Theater

Van de brug af gezien

door Oostpool. Tournee t/m 25/4. www. oostpool.nl *****

Het symbool is niet mis te verstaan in het migrantendrama Van de brug af gezien (1955) door Oostpool: een lading olievaten dondert met veel geraas omlaag. Daarvoor rustten de vaten nog op een laag plafond, waaronder een Italiaanse migrantenfamilie woont. Dit is de Red Hook van New York, een wijk van havenlui, illegalen en maffia aan de voet van de Brooklyn Bridge.

Eddie is dokwerker. Zijn vrouw bestiert het huishouden. Het inwonende jonge, frivole nichtje Gina wakkert Eddies lusten aan. Met de komst van twee Siciliaanse neven stort Eddies wereld in. Een van hen, de blonde Rodolpho, legt het aan met Gina. De stikjaloerse Eddie verraadt zijn illegale familieleden. Snerpende sirenes aan het slot markeren de noodlotstragedie: Eddie heeft een ongeschreven wet overschreden.

Regisseur Erik Whien zet het klassieke stuk van Arthur Miller in een industriële wereld onder felle lampen. De personages bezigen een zuidelijk Nederlands getinte kunsttaal. Whien en zijn briljante cast maken het spannend als een thriller. Zo belangrijk is een strak plot. Als in de beste klassieke drama’s verwijst alles vooruit en weer terug. Ook accentueert hij iets nieuws: Rodolpho kust bij Eddie homoseksuele gevoelens wakker. Daarvan gruwt de macho.

Ali Ben Horsting maakt van Eddie een tiran die zich niet kan voegen naar verandering. Dat hij Eddie keihard speelt, is een goede keuze. Met het personage Eddie laat hij zien hoe nietsontziend haat kan zijn.

Eddies blinde woede krijgt reliëf dankzij het spel van Bianca van der Schoot, die Eddies vrouw eerst droogkomisch en dan steeds radelozer neerzet. Kirsten Mulder als Gina dartelt rond als een jonge deerne die telkens uitnodigend haar jurk omhoogtrekt en weer gladstrijkt. Joep van der Geest en Stefan Rokebrand vormen een geweldig indringersduo: zij brengen vaderland Italië terug in de gedachten van Eddie. Tot slot schiep Miller met de rol van advocaat Alfieri een subliem karakter. Lard Adrian treedt op als een Grieks koor; hij becommentarieert de handeling en toont ons dat de met rede begiftigde mens ten onder gaat aan redeloosheid en messentrekkerij.

Kester Freriks