In Kenia staan de christelijke buurten juist voor armoede

Ayaan Hirsi Ali geeft Wilders gelijk in zijn islambashing door het waardenstelsel van de islam als onverenigbaar met de goede Hollandse zeden af te schilderen (Opinie & Debat, 13 maart).

Ik heb een aantal jaren in de kuststreek van Kenia gewerkt en geleefd, een regio waar buurten van steden met moslims staan voor welvarend, veilig en ordelijk, en de ‘achterlijke’ christelijke buurten juist voor armoede en onveiligheid.

Anders dan in Nederland mengen de voormannen van de islam zich daar in de nationale dagbladen actief in het maatschappelijk debat.

Van hen leerde ik dat door de eeuwen heen twee vormen van islam bestaan hebben, de woestijnvorm en de riviervorm (de havenstedelijke).

De eerste stond voor de onverzoenlijke tribale variant die door Hirsi Ali als de typische islam wordt geschetst (de vorm die zij uit haar jeugd het beste kent). De andere voor de tolerante vorm, die je je in een stedelijke omgeving maar beter kon aanmeten als je wilde blijven handelen en leven met andersdenkenden.

Ik acht het goed mogelijk dat in koloniale, expansionistische tijden, met de inherente bedreiging en vernedering, de woestijn- of Wildersvorm vaak de politieke overhand is gaan krijgen, tot in de stedelijke agglomeraties aan toe.

Dirk Zoebl

Utrecht