Verliefd op een kookboek

Eigenlijk is het raar dat je geneigd bent om als je iets snels en makkelijks wilt maken direct naar koolhydraten te grijpen. En dan wel meer in het bijzonder naar pasta, al of niet met kaas. Ik doe maar even net of iedereen daar last van heeft. Ik zat zelf laatst toen ik te lui was om de voorgenomen viskoekjes te maken, of te lui, te lui – het was al laat en ik was moe en ik had zin in een borrel en de krant – al spoedig weer achter een bordje pasta bianco. Wel heerlijk trouwens, als je toevallig van boter houdt en je verbeeldt dat je cholesterolgehalte wel op orde is. Gewoon pasta met boter en een zwuifje Parmezaanse kaas. Mmm. Het lekkerste is het natuurlijk als de pasta verse pasta is, maar als je al te beroerd bent om viskoekjes te maken dan is de kans dat je de pastamachine pakt niet zo groot.

Toch is menig groentegerecht ook niet echt veel werk. Wie nergens zin in heeft kan zo wat witlof de oven inschuiven, die is met alleen boter minstens zo heerlijk als die pasta, al duurt het wel langer voor-ie gaar is – een uurtje in de oven is niets overdreven. Maar dat is een heerlijk uurtje om in te borrelen en te krantenlezen.

En even doorgaande op dat cholesterolgehalte en witte gerechten: ik kwam laatst om een uur of twaalf bij vrienden op bezoek en die stonden in de keuken wat lekkere lunchdingen uit te stallen en bakten daarbij tevens een anti-cholesterolomelet. Bestaande uit louter eiwit. Dat is heel geheimzinnig hoor, zo’n dunne witte pannekoek. Het leek me eerst niet heel lekker, maar er werd een niet te hevig smakende tapenade opgesmeerd, en toen werd die omelet opgerold en in stukjes gesneden en nu denk ik: dat ga ik zelf ook geregeld doen! Als borrelhapje!

Maar het ging dus eigenlijk om de viskoekjes. Als je restjes vis hebt dan prak je die vaak met aardappelpuree en peterselie en een lente-uitje en mosterd door elkaar en dan vorm je daar koekjes van. En die zijn dan best lekker. Maar deze viskoekjes zijn eigenlijk geen restjesruimers, het zijn doeltjes in zichzelf. Want je wilt ze echt meteen weer als je ze eenmaal gehad hebt. Ze kunnen van elke stevige witte vis gemaakt worden – ik had sliptong in de diepvries en die leende zich er uitstekend voor.

Ook deze viskoekjes zijn weer van Dirk-Jan Zonneveld – ik ben helemaal verliefd op dat kookboek van iemand die in New York Nederlands is gaan koken voor vrienden en de Nederlandse keuken werkelijk krankzinnig aantrekkelijk weet te maken.

Pocheer de vis in water met zout zo’n 10 minuten, afhankelijk van de dikte van de filets. Laat de vis afkoelen en uitlekken

Maak mayonaise op de gebruikelijke wijze, voeg er wat limoensap en geraspte limoenschil aan toe.

Hak de paprika, de bosuitjes, de bleekselderij en de sjalot echt fijn. Doe in een grote kom met de visfilets en schep door elkaar. Doe er de mayonaise bij, de worcestershiresaus en de cayennepeper en voeg zoveel broodkruim toe dat je en enigszins stevige massa hebt. Proef op peper en zout en vorm dan acht koekjes. Bak ze in een grote koekenpan in een laagje olie aan beide kanten goudbruin,ongeveer 5 minuten per kant.

Heel smakelijk met de limoenwortelen van afgelopen maandag.