Spelen met eigen rackets is verboden

Sinds de badmintonbond een contract met Yonex sloot, mogen spelers hun eigen (sponsor)kleding niet dragen.

Dat levert kritiek op uit alle hoeken van de sportwereld.

Jordy Hilbink (19) was anderhalf jaar lang het uithangbord van badmintonmerk RSL in Nederland. Tot vorige maand. De nummer 315 van de wereld stond voor een lastige keuze. Wilde hij met de nationale ploeg in actie komen bij de EK voor landenteams in Warschau, dan moest hij met een racket van bondssponsor Yonex spelen. Anders mocht Hilbink niet naar Polen. De talentvolle speler ging mee en speelde, ondanks zijn contract bij RSL, met een Yonex-racket.

„Contractbreuk”, reageert Anton Kroezen, importeur van RSL in Nederland. „Ik heb hem gezegd dat ik hem aan zijn contract zou houden, maar hij wilde voor het nationale team uitkomen.” Kroezen geeft aan dat hij zeer waarschijnlijk juridische stappen gaat ondernemen tegen de speler en de bond.

Momenteel gaat het in de badmintonwereld nergens anders over dan de ‘sponsoraffaire’. De zaak van Hilbink is tekenend voor de situatie: spelers zitten in een spagaat. Wat is er aan de hand? Badminton Nederland sloot eind vorig jaar een zevenjarige verbintenis met Yonex ter waarde van ruim 3 miljoen euro. In het contract staat dat alle spelers van de nationale selecties tijdens toernooien en trainingen met rackets en kleding van het Japanse merk moeten spelen.

De consequenties voor de spelers die weigeren te tekenen zijn vergaand. Ze worden niet toegelaten tot het nationale team waardoor ze niet kunnen deelnemen aan internationale toernooien. De bond zal geen reis- en verblijfkosten vergoeden.

De Nederlandse topspelers Dicky Palyama en Eric Pang (gesponsord door Carlton) en Judith Meulendijks (Forza) tekenen niet; ze willen met hun huidige geldschieter doorgaan. Het drietal spande, samen met Dunlop (Carlton), een kort geding aan tegen de bond. Vorige week oordeelde de rechter in Utrecht dat het algemeen belang van de badmintonbond zwaarder weegt dan dat van spelers. Het drietal legt zich niet bij de uitspraak neer. Hun advocaat liet gisteren weten een bodemprocedure te zullen beginnen.

Vanuit de sportwereld wordt kritisch gereageerd op de exclusieve overeenkomst. Oud-voetballer Johan Cruijff sprak vorige maand in zijn column in De Telegraaf van een bond „waar de tijd 36 jaar heeft stilgestaan”. „Tegen het belang van eigen topspelers in, heeft de badmintonbond een contract afgesloten met een concurrerend merk. We hebben het over het racket, het belangrijkste materiaal voor een badmintonner.”

Sportmarketingdeskundige Frank van den Wall Bake: „Mijn mond viel open toen ik de uitspraak las. Ik vind dat het recht van de individuele sporter moet prevaleren boven dat van de bond.” En Hetteke Frima, juriste van belangenorganisatie NL Sporter: „Goed dat je als bond zo’n enorm bedrag in de wacht sleept. Maar ik heb geen begrip voor de manier waarop ze dat doen en hoe er mee wordt omgegaan.”

De bond ziet de overeenkomst juist als een zegen voor het Nederlandse badminton. „Een buitenkans, en dat is voorzichtig uitgedrukt”, zegt voorzitter Rob Ridder. Door een dekkingstekort van 100.000 euro voor dit jaar is het geld hard nodig. De achterstand ontstond ondermeer doordat de jaarlijkse subsidie van sportkoepel NOC*NSF werd teruggebracht van 130.000 euro naar 25.000 euro, omdat niet één badmintonner zich wist te kwalificeren voor de Olympische Spelen van 2008 en vanwege onvoldoende prestaties bij de WK’s. Met de sponsorgelden kan de bond spelers blijven uitzenden naar toernooien, iets wat het afgelopen jaar onder druk stond. Meer dan driekwart van de spelers zou volgens de spelersraad achter de deal met Yonex staan.

De kritiek is dat de komende zeven jaar de Nederlandse markt voor andere badmintonsponsors potdicht zit. „Het heeft weinig zin meer geld in talentvolle jeugdspelers te stoppen, want ze moeten uiteindelijk toch overstappen naar Yonex om in aanmerking te komen voor een nationale selectie”, zegt Kroezen van RSL. Sponsors worden niet uitgesloten, aldus Ridder. Hij geeft aan dat er genoeg „alternatieve reclamemogelijkheden” binnen Badminton Nederland zijn. Het gaat dan om evenementsponsoring, zoals de competitie en de beker.

Volgens de rechter heeft de bond de mededingingsregels niet overtreden. Een woordvoerder van de Nederlandse Mededingingsautoriteit NMa laat weten dat er geen onderzoek wordt gedaan. „We hebben signalen gekregen. Het heeft onze aandacht.’’