Antizionisme om niche te vullen

Turkse films doen goede zaken in Nederland. De Marokkaanse doelgroep is lastiger te bereiken. Een anti-Israëlische actiefilm moet dat veranderen.

Coen van Zwol

„Laten we onderhandelen”, smeekt de Israëlische Mossad-agent. „Omdat je laatste uur geslagen heeft zeker”, sneert de Egyptische held. De Israëliër wordt levend verbrand. Gejoel in de zaal, applaus.

Israël timmert aan de weg met anti-oorlogsfilms als Lebanon en Waltz with Bashir. Maar ook Egyptische films kunnen knap kritisch zijn, zo blijkt maandagavond in bioscoop Tuschinski. Over Israël wel te verstaan.

Buikdanseressen en zoete hapjes ten spijt is de zaal niet uitverkocht bij de première van Escaping Tel Aviv. Het weer werkt tegen en de Egyptische filmster die de première zou bijwonen zegde af, aldus Noesa den Hartog (24). Escaping Tel Aviv is de derde film die de half-Egyptische Noesa den Hartog naar Nederland haalt.

Bollywoodfilms en Turkse films draaien al zo’n vijf jaar in de grote steden. Met Turkse films doet bioscoopketen Pathé uitstekend zaken, zegt hoofd programmering Daniëlle Koot. De komedie Recep Ivedik trok 53.000 bezoekers. De Marokkaanse gemeenschap is moeilijker aan te boren. „De twee Marokkaanse films die we vertoonden deden niets.”

Al spreken niet alle Marokkanen Arabisch, Noesa Den Hartog hoopt die niche te vullen met Egyptische films. „Kaïro is het Hollywood van de Arabische wereld. In Marokko komen de meeste tv-series en films uit Egypte.” Vorig jaar kocht ze met een lening van haar moeder haar eerste Egyptische film. „Ik dacht dat ik een dvd zou meekrijgen, het bleken drie blikken van samen 75 kilo.” Op de eerste twee films maakte ze „dik verlies”, maar Den Hartog gelooft erin. Als het met komedies niet lukt, dan misschien met de antizionistische thriller Escaping Tel Aviv.

Welad Ela’am (Neven), zoals de oorspronkelijke titel luidt, was een kaskraker in Egypte, met achtervolgingen, explosies en een bombardement op een Palestijns dorp. Het is een oorlogszuchtige film. „Dit is jullie grond en land niet. Jullie zijn allemaal zwervende rovers”, bijt de Egyptische held zijn Israëlische vijand toe. Al voorkomt hij wel een zelfmoordaanslag. Want „dat is niet de manier.”

Noesa de Hartog is wat ongemakkelijk over de politieke strekking van de film. „Je moet onderscheid maken tussen het jodendom en Israël. Deze film is niet tegen het joodse geloof.”

Escaping Tel Aviv gaat over Salwa, een moslima die ontdekt dat haar man Ezzat eigenlijk de Israëlische spion Daniël is. Hij ontvoert zijn gezin naar Tel Aviv en probeert Salwa wijs te maken dat Israël een ontwikkeld, modern, schoon en goed georganiseerd land is. Leugens, zegt de Egyptische spion Moustaffa, die Salwa komt redden: Daniël wil haar tot jodin hersenspoelen. Als haar kinderen Davidssterren tekenen, beseft Salwa de ernst van de situatie en dient ‘land en geloof’ door ook te gaan spioneren. Moustaffa blijkt nogal te zitten met de vraag of ze geslachtsgemeenschap had met Daniël nadat ze wist dat hij een jood was. Ten slotte toont Israël zijn corrupte, racistische en gewelddadige aard. „Ze mogen allemaal dood. Ze zijn geen joden, dus de vijand”, gromt een Mossad-chef.

„Een topfilm”, zegt een Marokkaanse tiener na afloop. „Deze kant van de medaille zie je nooit.” Daniëlle Koot van Pathé: „Ik vertrok halverwege, in de zaal werd de hele tijd gepraat. Maar het publiek is jong.” Of dit soort films de Marokkaanse gemeenschap naar de bioscoop lokt? Koot: „Afwachten. Het is zoeken en proberen.”