Toneelstuk toegeschreven aan Shakespeare

In Engeland is een nieuw toneelstuk van Shakespeare ontdekt: Double Falshood. Althans, het is een latere bewerking van een verloren stuk dat Shakespeare samen met iemand anders schreef.

Shakespeare heeft er weer een toneelstuk bij: Double Falsehood; or, The Distrest Lovers. De Britse hoogleraar Brean Hammond van de universiteit van Nottingham heeft na tien jaar studie geconcludeerd dat dit stuk voor een belangrijk deel van William Shakespeare (1564-1616) is. De eerste twee bedrijven, en delen van het derde, zouden duidelijk door de Britse toneelschrijver zijn geschreven. Uitgever Arden neemt het stuk op in de nieuwe editie van de verzamelde werken.

Enige scepsis blijft op zijn plaats, zo geeft Hammond zelf toe in de Britse kranten.

Zelfs als hij gelijk heeft, dan nog gaat het slechts om een 18e-eeuwse bewerking van een verloren toneelstuk van John Fletcher (1579-1625), waaraan Shakespeare aan het eind van zijn leven zou hebben meegewerkt. Alleen twee liedjes uit het origineel zijn bewaard gebleven.

Het toneelstuk is gebaseerd op een episode in de roman Don Quichot (1605) van Miguel de Cervantes. De snode Spaanse edelman Henriquez verkracht de mooie Violante en tracht daarna ook nog de mooie Leonora te verleiden, de verloofde van zijn vriend Julio die hij om een boodschap heeft gestuurd. Het slot ligt wat moeilijk voor moderne lezers: uit berouw trouwt Henriquez met de verkrachte Violante – „I know you love me” – en redt zo haar eer.

Double Falshood werd in 1727 uitgebracht door impresario Lewis Theobald. Hij zei toen dat het een eigen bewerking was van Cardenio, een verloren stuk dat in 1613 werd opgevoerd door Shakespeares gezelschap The King’s Men. Theobald claimde drie manuscripten ervan in huis te hebben, maar hij was niet in staat om die te tonen. Hij werd weggezet als een oplichter. Zelfs de toeschrijving aan Shakespeare van delen van Cardenio is onzeker. Toen Double Falshood in 1846 nog eens werd opgevoerd, en het publiek bij het applaus om de schrijver riep („Author! Author!”), werd onder hoongelach een buste van Shakespeare opgedragen.

De laatste decennia zijn echter steeds meer geleerden omgegaan: Theobald zou toch gelijk hebben. Volgende week belooft Hammond zijn definitieve bewijslast te publiceren.

Aan Shakespeare zijn in de loop der eeuwen zo’n 77 toneelstukken toegeschreven, waarvan er 37 algemeen erkend worden. Hij zou wel vaker toneelstukken samen met anderen hebben geschreven. Met John Fletcher, zijn opvolger als huisschrijver bij The King’s Men, schreef hij hoogstwaarschijnlijk ook Henry VIII en The Two Noble Kinsmen. Eén mogelijke vrucht dezer samenwerkingen, Sir Thomas More, zou van groot belang zijn omdat ze de enige vier bewaard gebleven bladzijdes handschrift van Shakespeare zou bevatten. In de jaren negentig was er overigens ook al een Cardenio ontdekt: The Second Maiden’s Tragedy, vermoedelijk van Thomas Middleton, zou eigenlijk het verloren stuk van Fletcher en Shakespeare zijn.

Over William Shakespeare is zo weinig bekend dat ongeveer iedere bewering over hem tussen aanhalingstekens moet. Omdat geleerden echter de zin „We weten het niet” niet makkelijk uit hun pen krijgen, produceren zij een doorlopende stroom van mogelijke portretten, interpretaties en toneelstukken van de schrijver. Ook is er een bloeiende markt voor Shakespeare-ontkenners: de schrijver was eigenlijk iemand anders.