Marmite doucheschuim

De Londense metromuren hangen momenteel vol posters waarop een mooie man met ontbloot bovenlijf te zien is, in zijn hand een fles Marmite-doucheschuim. „Dit is misschien een beetje raar”, zoiets staat er in het Engels bij, en dan onderaan de poster: „Maar wat dacht je hiervan?” Met een plaatje van een Marmite-mueslireep erbij.

Ach ja, Marmite. In Frankrijk woedt een discussie over de Franse identiteit. Wij hebben onze discussie over de Nederlandse identiteit al achter de rug (en er is niks uitgekomen). Maar Britten hebben dat soort discussies helemaal niet nodig. Zij hebben Marmite. Wie anders dan de Britten kunnen hartstochtelijk houden van iets oorsmeergelijkends uit een potje, waarvan voor buitenstaanders volstrekt onduidelijk is waar je het op moet smeren en of het vegetarisch is? Wie anders dan een Brit begrijpt Marmite? Ja, het wordt in Nederland ook verkocht, en zelfs gegeten. Maar ik wantrouw niet-Britten die dat doen. Volgens mij weten ze van niks. Volgens mij is Marmite een code. Je moet het slechts eten of anderszins gebruiken als je er iets mee bedoelt.

Cees Buddingh’ begreep dat.

Lees zijn gedicht ‘Pluk de dag’: Vanochtend, na het ontbijt, / ontdekte ik, door mijn verstrooidheid, / dat het deksel van een middelgroot potje marmite / (het 4 oz net formaat) / precies past op een klein potje heinz sandwich spread // natuurlijk heb ik toen meteen geprobeerd / of het sandwich spread-dekseltje / ook op het marmite-potje paste // En jawel hoor: het paste eveneens.

Buddingh’ zag dus in de jaren zestig al dat Groot-Brittannië wel erg tegen de Verenigde Staten aanschurkt. (Ja, politiek en huishouden liggen dicht bij elkaar.)

In een Londens ontbijtcafé kwam vorige week een stokoud mannetje tegenover me zitten. Driftig roerde hij zijn melk door de thee. Toen zei hij plotseling: „Ze doen hier een uitstekende toast met Marmite.” En hij keek me aan.

„Ik weet zeker dat ze dat doen”, antwoordde ik. Waarop het mannetje weer achterover leunde en geheimzinnig glimlachte.

Oké. Ik had dan misschien niet het goede antwoord gegeven, maar hij heeft héél even gedacht dat ik ook een spion was.

Ellen de Bruin