'Deze cd moest zo rijk mogelijk'

Brad Mehldau is een van de meest invloedrijke jazzpianisten van nu. Aan zijn cd werkte hij twee jaar. „Het is te gek om je te buiten te gaan aan complexe orkestraties.”

Vraag een jonge jazzpianist naar zijn voorbeelden in de hedendaagse jazz en de naam Brad Mehldau valt. De Amerikaan, wortelend in de Bill Evans- en Keith Jarrett-school maar beschikkend over een duidelijk eigen muzikaal gezicht, is de populairste pianist van de huidige generatie jazzmusici.

De avond voor dit interview schoof de 39-jarige Mehldau, zelf verklaard ‘piano-geek’, zelf nog aan bij een masterclass van de klassieke meesterpianist Emanuel Ax in het Concertgebouw. „Ik ben nooit uitgeleerd”, aldus Brad Mehldau. „Er zijn immers vier eeuwen muziek te bestuderen.”

Mehldau woont in Manhattan, maar met zijn gezin – vrouw en jazz-zangeres Fleurine en drie jonge kinderen – verblijft hij ook lange periodes in Amsterdam. Deze week geeft Mehldau drie soloconcerten in het land. Daarnaast viert hij de release van zijn dubbelalbum Highway Ride. Dat laat zich beluisteren als een ingetogen suite, waarin door Mehldau gecomponeerde kamermuziek versmelt met jazzimprovisaties en popinvloeden.

Ruim twee jaar werkte hij aan de veertien stukken, die hij in Los Angeles opnam met zijn jazzband en een kamerorkest. De basis voor de composities werd al gelegd tijdens de tournee met gitarist Pat Metheny in 2007. „We reisden toen veel, hadden lange soundchecks en moesten veel wachten”, vertelt Mehldau. Tijdens een van de ritten in de tourbus vond hij op een oude synthesizer een mooie, tweedelige melodie. Die bleef hem bij; het werd uiteindelijk een leidmotief voor Highway Rider.

Zo opent dit motiefje het nummer Now You Must Climb Alone, gespeeld door de eerste viool. De klanken, een statement en een antwoord daarop, komen terug in verscheidene nummers. Soms in delen, omgekeerd of slechts als brokstuk. „De melodie is simpel. Die kent een begin en een einde, maar er zit óók continuïteit in de noten. Als een dergelijke melodielijn tot je komt, voelt dat als een cadeautje. Zodra je oren de melodie gaan aanvullen met bepaalde harmonieën, merk je dat je fantasie gaat werken. Dat is een inspirerend gegeven, het heeft me altijd aangesproken in tonale muziek.”

Mehldau is een dynamisch pianist. Hij weet spanning op te wekken, gaat experimenten niet uit de weg en schept smaakvolle, soms dromerige melodieën. Op diverse niveaus ontdoet hij popcovers (Radiohead) en jazz-standards van hun oorspronkelijke vorm, om er vervolgens nieuwe stukken van te boetseren.

Op Highway Rider toont Mehldau vooral een nieuwe componeer- en arrangeerkant: de gelaagdheid van kamermuziek, met daarover vrije bewegingen van zijn band. Walking the Peak is een sterk voorbeeld: daarin onderhandelt saxofonist Joshua Redman met orkest en maakt hij intuïtieve, snelle beslissingen in zijn solo.

Op het succesalbum Largo (2002) zette Mehldau twee drummers in, op Highway Rider doet hij dat opnieuw, met jazzdrummer Jeff Ballard en rockdrummer Matt Chamberlain. „Dat zorgt voor een textuur die doet denken aan een oude trein, een groot ritmisch gevaarte dat je meevoert. Waar de ene een groove brengt, is de ander meer van de details. Het was een puur orkestrale keuze, zoals ik ook nadacht over het aantal blazers.”

Leeg muziekpapier heeft een intimiderende uitwerking, vindt Mehldau. Het vertrouwen om zelf te schrijven voor een orkest kreeg hij door een Franse compositieopdracht, een aantal jaar geleden voor het Orchestre National d’Ile-de-France. „Dat was leerzaam, ik zag wat werkte en niet. Je moet het vooral simpel houden, maar het is ook te gek om je te buiten te gaan aan complexe orkestraties en echt alle stemmen te benutten.”

Zoals velen in de jazz begon ook de in Florida geboren Mehldau ooit met een gedegen klassieke opleiding. Highway Rider is dan ook beïnvloed door tal van klassieke werken, van Brahms tot Tsjaikovski. Belangrijk is het complexe Metamorphosen van Richard Strauss; een klaagzang voor 23 strijkers. Mehldau bestudeert het al jaren, vertelt hij. „In de meeste orkesten zijn de strijkers onderverdeeld in eigen secties: de violen, viola’s, cello’s en bassen. Maar in Metamorphosen hebben die strijkers alle een individuele rol.”

Op dezelfde wijze bedeelde Mehldau in Now You Must Climb Alone zijn strijkers, niet toevallig ook 23, elk een eigen rol toe. De juiste noot vinden bij het juiste instrument kostte „bloed, zweet en tranen”.

„Normaal laat ik mij leiden door improvisatie, nu trok ik mijn haar eruit van frustratie omdat ik het zo rijk mogelijk wilde maken. Alles moest erin.”

Het is iets wat je hem ook in zijn concerten hoort doen: alles wat de jazzpianist in de loop der jaren aan muzikale informatie heeft verzameld, probeert hij – weliswaar gedoseerd en passend – kwijt te raken in zijn improvisaties.

„Ik ben bijna veertig. Het past bij de fase in mijn leven. Deze plaat voelt als een samenvatting van mijn leven: het is jazz, klassieke muziek, maar ook de pop die ik als kind absorbeerde.”

Brad Mehldau Solo: 17/3 MC Frits Philips, Eindhoven, 19/3 Oosterpoort, Groningen, 20/3 Muziekgebouw, Amsterdam. ‘Highway Rider’ (Nonesuch) is nu uit.