Kloof tussen arm en rijk is risico China

Stijgende inflatie, de groeiende kloof tussen arm en rijk en corruptie vormen volgens de Chinese premier Wen Jiabao de grootste bedreiging voor de macht van de Chinese Communistische Partij.

Tijdens zijn jaarlijkse persconferentie, waarmee de 67-jarige geoloog het Nationale Volkscongres afsloot, werd zondag duidelijk welke binnen- en buitenlandse ontwikkelingen de Chinese leiders zorgen baren.

Prijsstijgingen, vooral van levensmiddelen en onroerend goed, het vasthouden van een hoog groeitempo en het hervormen van de economie vormen volgens Wen „extreem ingewikkelde taken’’, als bovendien de sociale stabiliteit bedreigd wordt door corruptie in partijgeledingen en de ambtenarij.

Inflatie van meer dan 10 procent leidde in 1989 tot grote onrust die vervolgens uitgroeide tot de demonstraties op het Plein van de Hemelse Vrede. Hoewel de inflatie nog onder de 3 procent is, waarschuwen Chinese economen voor aanhoudende en snelle groei van de inflatie.

Prijsstijgingen in combinatie met de kloof tussen arm en rijk die jaarlijks in China groeit vormen volgens Wen in combinatie met elkaar een groot sociaal probleem.

Wen, die in 2013 zal aftreden, denkt dat corruptie ondanks de voortdurende campagnes en arrestaties een nauwelijks uit te roeien probleem blijft.

In 2009 werden ruim 91.000 functionarissen op alle niveaus bestraft omdat zij corrupt waren gebleken. De meest in het oog lopende corruptiezaken speelden zich het afgelopen jaar af in de voetbalsector en in het justitiële apparaat.

De buitenlands politieke zorgen van China zijn vooral economisch van aard. Wen zei dat China vreest voor een nieuwe economische crisis in het Westen en met name in Europa dat niet alleen kampt met hoge werkloosheid, maar ook met landen die in een begrotingscrisis verkeren.

De oplopende spanningen met de VS over de wisselkoers van de yuan en een hele reeks handelskwesties werden door Wen gebagatelliseerd.

Mochten de VS besluiten China met handelssancties te treffen dan zijn het vooral exportbedrijven die daar de lasten van ondervinden.